Broos evenwicht voor ouderen

Nieuws | de redactie
27 april 2009 | Als student zag Evelyn Finnema 20 jaar geleden mensonterende toestanden in verzorgingstehuizen. Nu wil ze als lector aan de Hogeschool Rotterdam bijdragen aan de verbetering van de ouderenzorg. “We hopen hiermee ook meer studenten warm te maken voor de ouderenzorg.”

In het eerste jaar van haar opleiding verpleegkunde deed Evelyn Finnema een snuffelstage op de verpleegafdeling van een verzorgingstehuis. Wat ze daar zag, vond ze om te huilen. Bewoners lagen in ziekenhuisbedden op zespersoonskamers. Persoonlijke bezittingen hadden ze nauwelijks. Verplegend personeel bepaalde wanneer de bewoners uit bed gehaald werden, op welke tijden ze aten, op welke tijden ze naar de wc gingen cq een nieuwe incontinentieluier kregen.

Na het aankleden werden de bewoners naar een willekeurige plek in de recreatiezaal gereden. Met een Zweedse band en een formicaplateau werden ze in hun stoel gehouden. Dat hielp zeker om het aantal valincidenten te voorkomen, maar Finnema vond het toch wel bezwaarlijk dat zij als verpleegster besliste over de bewegingsvrijheid van bewoners. Die bewoners zouden trouwens in geval van brand trouwens geen kant op kunnen.

Dat nooit meer

Onder de medewerkers viel een combinatie van stress en verveling op. Het streven was alle bewoners zo snel mogelijk gewassen in de recreatiezaal te krijgen, en ze later op de dag zo snel mogelijk allemaal te voeden of naar de wc te helpen. Tussendoor waren er lange pauzes, waarin personeelsleden hun tijd besteedden aan het doornemen van oude Libelles en Margrieten. Finnema herinnert zich nog hoe ze na die snuffelstage de ouderenzorg afzwoer. “Dat nooit meer”.

Maar het bloed kroop waar het niet gaan kon. Evelyn Finnema leerde de beroerde organisatie van de ouderenzorg als een uitdaging zien. Ze deed promotieonderzoek naar belevingsgerichte zorg voor demente ouderen. Samen met Marleen Goumans is ze nu lector Samenhang in de ouderenzorg aan de Hogeschool Rotterdam. Het lectoraat wordt gefinancierd door woonzorgorganisatie Laurens in Rotterdam.

Samenhang creëren in de ouderenzorg is lastig. De ouderenzorg is versnipperd. In een stad als Rotterdam zijn er veel aanbieders. Ook de ouderen zelf zijn heel verschillend. De ene oudere wil zo lang mogelijk alles zelf blijven doen, de andere oudere vindt het wel makkelijk dat bijna alles nu door anderen geregeld wordt. En daarbij treden ook voortdurend verschuivingen op. In de wetenschap dat het op de lange duur niet meer beter zal gaan, zoekt de oude mens voortdurend naar een nieuw, broos evenwicht.

Regie

Maar hoe de oudere ook in elkaar steekt, van belang is dat hij of zij voldoende ‘regie’ over zijn leven kan voeren, zo benadrukken Evelyn Finnema en Marleen Goumans. Voor veel bewoners in verzorgingstehuizen is het nu eenmaal niet prettig dat er zoveel vastligt, waardoor er weinig ruimte overblijft om bijvoorbeeld de eigen dag in te delen.

Voorzitter Ids Thepass van de stichting Laurens vertelde hoe hij dit in zijn eigen organisatie wil gaan veranderen. Het heeft voor een deel met houding te maken. Het is passender om je tegenover de oudere die je verzorgt op te stellen als dochter dan als moeder, zoals nu vaak gebeurt. Ook blijkt overleg vaak verrassende uitkomsten te kennen. Toen een vrouw van in de 90 voor de keuze werd gesteld hoe zij de beschikbare uren van verzorgenden voor zichzelf wilde inzetten, zette zij een maandelijks bezoek aan het winkelcentrum in de Rotterdamse binnenstad bovenaan de prioriteitenlijst. De verzorgenden moesten er even aan wennen dat deze bewoner dus andere zorg daarmee vrijwillig in zou leveren. Tot ze zich realiseerden dat deze vrouw tot een half jaar geleden zelfstandig had gewoond en nog best wat kon.



Schrijf je in voor onze nieuwsbrief
«

ScienceGuide is bij wet verplicht je toestemming te vragen voor het gebruik van cookies.

Lees hier over ons cookiebeleid en klik op OK om akkoord te gaan

OK