CDA zet in op kennis

Nieuws | de redactie
13 januari 2010 | “Toepassen van kennis is misschien wel de belangrijkste manier om waarde toe te voegen.” De denktank van het CDA bepleit het inzetten op kennis en hoger onderwijs om zowel de effecten van de crisis voor de staatsschuld als de versnelling van het economisch herstel optimaal aan te pakken. Het CDA-WI biedt daarmee een eigen invulling van ‘de motie-Hamer’ en het toekomstig kennisbeleid op weg naar de top 5 in de wereld.

“Het beleid op het gebied van onderwijs en wetenschap en hetinnovatiebeleid leveren zo een bijdrage aan de groei van dearbeidsproductiviteit. Wel is het essentieel om knelpunten aan tepakken die een obstakel voor productiviteitsgroei vormen. Er zijnal geruime tijd signalen dat bedrijven deze kennis onvoldoendeweten te gebruiken.” Dit is een van de invalshoeken van het CDA-WIrapport, waarvan u de kernpunten ten aanzien van kennisbeleid eninvesteringen daarin hier vindt.

SF en investeringen beschermen

Op een reeks van punten moet daarom fors geïnvesteerd worden inkennis en kunde, terwijl de studiefinanciering niet op de schop zoumoeten, aldus Smit en de zijnen in advies aan Balkenende en zijngeestverwanten. De huidige opzet van de leningen acht men een goedegarantie van de toegankelijkheid.

Tevens moet de rantsoenering van de instroom in zorgopleidingen,met name die van artsen en medisch specialisten, ophouden. Dit kande kosten van de zorg in ons land helpen drukken en de feitelijkeuitvoering van die zorg in een vergrijzende samenlevingverbeteren.

Als prijs daarvoor zullen HO-deelnemers wel hogere collegegeldengaan betalen, mede om uitval en vage studiekeuzes tegen te gaan.”Dit kan de kwaliteit van het hoger onderwijs verbeteren. Daarbijzijn ook vormen van collegegelddifferentiatie van belang enverdient het aanbeveling om de instellingen meer armslag tegeven.”

Met blik op de OECD-review

Met een beroep op de OECD-review wijst men er op, dat het hogeronderwijs in ons land maar matig flexibel is en datafschrikeffecten op de toegankelijkheid niet verwacht hoeven teworden, zeker niet bij bestendiging van het huidigeleenstelsel.

Versnipperd en weinig effectief wordt op basis van diezelfdeanalyses van de OECD de infrastructuur van R&D en toegepastonderzoek genoemd. Organisaties als SenterNovem, Syntens en NWOmoeten zich opmaken voor een zeer kritische blik vanuit de grootsteregeringspartij ten aanzien van hun rollen bij het verdelen enrondpompen van kennisgelden. “Er wordt ook gekeken naar de huidigeinstituties en arrangementen en de vraag wordt gesteld of die onzeprestaties verlagen dan wel blokkeren.”

Levenlangleren als arbeidsmarktbeleid

Opmerkelijk is dat men zowel bij de noodzaak tot hogere deelnameaan arbeid als bij de aanpak van de Wajong-explosie eveneens dedeelname aan het onderwijs op alle niveaus voorop zet en demiddelen daarheen ook wil leiden.

Ook wordt de financiering van het arbeidsmarktbeleid aangepast aanLevenlangleren, oftewel de hardnekkige blokkade daarvan zou nu dantoch worden weggenomen. “Dit is daarom ook het moment om een nieuweWerkloosheidswet in te voeren. Een manier van werken, waarin weinvesteren in mensen belonen en niet zoals nu ontslag belonen. Wieschoolt en bemiddelt, wie zorgt dat zijn mensen inzetbaar zijn opde arbeidsmarkt, kortom: wie een goede werkgever is, hoort daar devruchten van te plukken. Het doel moet zijn dat niemand meerlangdurig werkloos wordt.”

Langs onder meer deze route wil het CDA de coherentie in het beleidversterken, waardoor kosten omlaag kunnen, arbeidsparticipatieomhoog gaat, de economische groei versnelt en de noodzaak totingrepen in de collectieve uitgaven beperkt kunnen worden. Bij eengunstig scenario kan die noodzaak ongeveer zo’n 25 mld belopen intwee kabinetsperioden, bij een achterblijvend herstel loopt dit optot 50 mld. Een succesvol kennis- en innovatiebeleid bevat dus desleutel tot het voorkomen van een noodgedwongen expansie vanbezuinigingen in de collectieve voorzieningen met een factor2.

Spannende vraag naar extra geld

Het Wetenschappelijk Instituut van het CDA, waar Balkenende enKlink zelf werkten, houdt in zijn huidige berekening nog wel eenslag om de arm wat betreft extra investeringen in kennis en HObovenop de geraamde: “Spannende vraag is of extra publieke middelenvoor de kennisinfrastructuur nodig zijn (en dus op andere terreinenextra omgebogen moet worden) of dat volstaan kan worden met eenbeter verdelingsmechanisme, minder rompslomp, inzet vanbegrotingsmiddelen elders of het aantrekken van meer Europeesgeld.”

Men kiest hier impliciet voor de benadering van PvdA-fractieleiderHamer: uitgangspunt is ’topkennis’ als ambitie en als na analysesen hervormingen nog extra nodig is, dan moet dat.

De slag om de arm daarbij is niet verwonderlijk. De voorzitter vande commissie die het stuk schreef is René Smit, die zowel lid vanhet Innovatieplatform is, als door het kabinet aangetrokken om deheroverwegingscommissie die het thema ‘productiviteit van deuitgaven voor onderwijs’ moet onderzoeken.


«
Schrijf je in voor onze nieuwsbrief
ScienceGuide is bij wet verplicht je toestemming te vragen voor het gebruik van cookies.
Lees hier over ons cookiebeleid en klik op OK om akkoord te gaan
OK