Diversiteit als relatief luxeprobleem?

Nieuws | de redactie
18 maart 2010 | Hoe gaan we om met interculturaliteit in het onderwijs? Het INHolland-congres Mix-In daarover behandelt een scala onderwerpen binnen diversiteitsbeleid. Eén van de workshops wordt geleid door Baukje Prins, lector aan de Haagse Hogeschool. “We moeten niet steeds verschillen willen benadrukken, verschillen die studenten zelf al wel ervaren.”

‘Eerstegeneratiestudenten’

De eerste vraag van het interview stelt Baukje Prins, lectorBurgerschap en Diversiteit, zelf: “Weet je welke vraag ik nou zouwillen voorleggen tijdens het congres? Ik wil graag weten waarom wehet steeds hebben over etnisch-culturele verschillen alsof ze temaken hebben met achterstanden, terwijl tegelijkertijd steeds wordtgezegd dat diversiteit een uitdaging en belofte is? Is het nouverrijkend? Dan heeft het niets met achterstand te maken. Of gaathet in eerste instantie vooral over achterstanden? Dan is het nietverrijkend. We hinken hierbij nog op twee gedachten.

Uit onderzoek blijkt al geruime tijd dat achterstanden niets temaken hebben met etniciteit of cultuur, maar alles metsociaaleconomische factoren, het opleidingsniveau van je ouders ensoms ook hun aspiratieniveau. Het allerbelangrijkst is uit welknest iemand komt en hoe je bent opgegroeid.

Ik heb nu aan de hogeschool het woord ‘eerstegeneratiestudenten’ geleerd, studenten die als eerste generatie uiteen familie naar het HO gaan. Het gaat hier om mensen uit eensociaal achterstandsniveau, dus dit heeft betrekking op zowelallochtonen als autochtonen. Het gaat om mensen die al een heeleind zijn gekomen. Als eerstegeneratiestudent moet je extra hardknokken om het hoger onderwijs te halen. Daar moet ook vanuit descholen aandacht voor zijn. Docenten moeten begrijpen dat studentendie van huis uit weten hoe het is om te studeren, haast alsvanzelfsprekend de studie oppikken, terwijl dit vooreerstegeneratiestudenten minder logisch is. Soms zijn hun ouderswel trots op ze, maar hebben ze verder weinig weet van waar hunkind mee bezig is, andere ouders begrijpen zelfs niet waar zo’nhogeschool goed voor is, die hebben zoiets van ‘waarom ga je nietwerken’.”

Verschillen en gelijkheid

“Ik ben natuurlijk wel lector Burgerschap en Diversiteit, maarik wil mij eigenlijk niet de hele tijd op diversiteit richten.Hogescholen moeten ook niet steeds verschillen willen benadrukken.Je hoeft niet de hele tijd alert te zijn op verschillen diestudenten zelf al wel ervaren, vooral als je merkt dat cultureleverschillen vaak worden gekoppeld aan achterstanden. We moeten nietvergeten studenten aan te spreken op basis van gelijkwaardigheid.Ontzettend veel Turkse, Surinaamse of Marokkaanse studenten willengewoon aangesproken als student bestuurskunde, rechten of wat vooreen studie ze dan ook doen.”

Mix-in gaat over ook de valkuilen van diversiteitsbeleid. Isdit er zo één?

“Ja, als het gaat om autochtoon en allochtoon dan zijn hetaltijd de allochtone studenten die anders zijn. Culturelediversiteit gaat over hen. Autochtoon is de norm. In een stuk datging over dit congres stond de tekst: ‘diversiteit gaat over hetrelativeren van de norm’. Maar over welke norm hebben we het dan?Als het gaat over onderwijs, dan is de norm goed onderwijs. Hetlijkt mij niet dat diversiteit gaat over het relativeren van goedonderwijs. Je wil als Turkse student ook niet dat omdat jij daarzit de norm van het onderwijs gerelativeerd gaat worden.

Wat dat betreft geloof ik in beweging van onderop. Laat Turkseof Surinaamse studenten zelf programma’s bekritiseren. Het lijkt ophogescholen alsof er alleen van bovenaf aandacht kan  wordenbesteed aan verschillen. Dan moet je enorm oppassen voorstereotypering.”

Taal en tutoren

“Ook bij het taalprobleem in Nederland is etnischestereotypering een gevaar. Goed lezen en schrijven is echt nietalleen een probleem bij allochtonen, maar is ook onder autochtonenin het noorden en diepe zuiden van het land een pijnpunt. Hettaalprobleem raakt direct de ‘core business’ van het hogeronderwijs, dus de programma’s die zich hier op richten hebben hogeprioriteit. Voor allochtonen én autochtonen. Ik geloof ook heel ergdat het inzetten van ouderejaarsstudent als tutoren bijdraagt aanstudiesucces. Maar ook hier moet je niet direct kijken naardiversiteit, volgens mij. Je kunt beter op vak selecteren, dusstudenten bij elkaar zetten die dezelfde studie doen, dan opetnische achtergrond.

Diverse onderzoekers stellen dat de vroege selectie inNederland de doorstroom van allochtonen naar het HO bemoeilijkt.Hoe komt dat?

“Veel kinderen van Marokkaanse of Turkse afkomst bouwen altussen hun nulde en vierde jaar een grote taalachterstand op dieniet makkelijk meer weg te werken is, op wat voor school dan ook.Combineer je dit met de vroege selectie in het middelbaar onderwijsin Nederland, dan is het helemaal niet vreemd dat studenten uitlagere milieus vaak stapelaars zijn. Dat geldt trouwens voorallochtone én autochtone arbeiderskinderen.

Het heeft er ook mee te maken dat het aspiratieniveau van deouders en daarom ook vaak van de kinderen laag is. En niet alleendat, ook docenten schatten kinderen uit de lagere milieus laag in.Er is een conglomeraat aan redenen dat verklaart dat die kinderendaarom een lange onderwijsroute moeten afleggen. Maar ze doen hetwel! In 1980 ging 2% van kinderen uit de arbeidersklasse naar deuniversiteit. Zo weinig, ja. Als je dat vergelijkt met hoeveelkinderen van migranten nu al naar het HO gaan, dan hebben we eenenorme slag gemaakt. Vergeleken met die sprong vooruit zou je deuitdagingen van nu als een relatief luxeprobleem kunnen zien!

Natuurlijk moeten we nog werken aan minder uitval en meerstudiesucces, vooral van jongens. Het is belangrijk dat zoveelmogelijk talent uit migrantengezinnen benut wordt, want dat gaatook zijn repercussies hebben voor de volgende generatie. Dan hebbenwe ook meer rolmodellen. Meer broers, zussen, neven en nichten diehun diploma halen, een goede baan krijgen en meedoen in dezesamenleving. Programma’s die bijdragen aan studiesucces zijn nodig.Tegelijkertijd hebben dergelijke ontwikkelingen tijd nodig, enbeetje meer geduld en vertrouwen kan geen kwaad.”

De conferentie Mix In wordt gehouden in hetMuziekgebouw aan het IJ. ’s Avonds worden daar ook de ECHO Awardsuitgereikt. Mix-In vindt plaats op 22 en 23 maart.


«
Schrijf je in voor onze nieuwsbrief
ScienceGuide is bij wet verplicht je toestemming te vragen voor het gebruik van cookies.
Lees hier over ons cookiebeleid en klik op OK om akkoord te gaan
OK