OCW herstelt herstel van kwaliteit

Nieuws | de redactie
25 maart 2011 | Staatssecretaris Zijlstra is zelden zo openlijk geprezen tijdens een conferentie over hoger onderwijs als door NVAO-voorzitter Karl Dittrich. Bij het seminar over de researchmaster onderstreepte Dittrich hoe goed de recente stap van OCW was ten aanzien van de herstelperiode bij de kwaliteitsborging. “Dit maakt dat panels gewoon scherp durven te zijn.”

In de nieuwe regelgeving voor accreditatie en borging vankwaliteit van opleidingen was opgenomen dat een negatieve conclusiezou leiden tot zeer snelle beëindiging van bekostiging en erkenningvan de kritisch beoordeelde opleiding. Hiermee week OCW af van delijn die voorheen in het stelsel van visitatie en daarna ook bijaccreditatie een centrale plaats had: instellingen konden op grondvan de analyse van de peer-review binnen beperkte tijd een zeerkrachtig hersteltraject inzetten. Een soort van ‘her-accreditatie’aan het eind van zo’n traject zou dan zorgen voor een drastischeverbetering van de kwaliteit.

Over deze koerswijziging van het ministerie bestond veel onvredeen rees ook veel onbegrip. Gedurende de kabinetsformatie leek heterop dat het inhoudelijk debat hierover enigszins lamgelegd wasdoor de actuele politieke ontwikkelingen. Dit veranderde toenLSVb-voorzitter Sander Breur op 5 januari een opiniestuk hierover publiceerde opScienceGuide. Breur schreef daarin onder meer: “Hou deherstelperiode er in, op alle onderwerpen, geef het hoger onderwijsde kans zichzelf te verbeteren in plaats van zaken die niet aan demaat zijn te verdoezelen.”

Snel na publicatie van het artikel van Breur wijzigde OCW vankoers en bracht de ‘herstelperiode’ terug in haar plannen.NVAO-voorzitter Dittrich prees de staatssecretaris voor deze stap,omdat al bij de peer-review van de researchmaster was gebleken hoezinvol een dergelijke optie in het accreditatiestelsel kan zijnvoor de scherpte van de beoordelingen.

Tegen ScienceGuide zei Dittrich ter toelichting:”Borging van kwaliteit gaat over verbetering daarvan, niet omrepressie.” Bij de review van de researchmasters had Dittrichvastgesteld dat de experts die in de panels voor de peer-reviewhadden meegewerkt er niet omheen draaiden en tamelijk kritisch hunoordeel hadden afgegeven.  Dat nam overigens niet weg dat dieresearchmasters in ons land als van internationaal topniveau werdenbeoordeeld.

Dittrich zei hierover: “Het oordeel was inhoudelijk dus zeerpositief, maar werd scherp geformuleerd. Zo’n 2% werd slechts alsexcellent aangemerkt, ruim 80% als voldoende. Voldoende betekenthier dus dat het een master is waarvan de kwaliteit aansluit bij deinternationale top. Dat is het soort scherpte in de oordelen zoalswij die willen.”

In een situatie dat scherpte van beoordeling bijna automatischleidt tot beëindiging van het betreffende hoger onderwijsaanbodontstaan naar de waarneming van deskundigen op dit terrein allerleigedragseffecten. De bereidheid om deel te nemen aan panels voorpeer-review ten behoeve van accreditaties gaat dan snel omlaag. Ookzal men pogen de oordelen zo algemeen en middelmatig mogelijk teformuleren. Zoals Dittrich zei: “Niemand heeft er zin in een scherpoordeel te geven waarvan je weet dat je meteen brokken gaat maken.Ook heeft niemand er zin in geen scherp oordeel te kunnen geven omte voorkomen dat je brokken maakt.”

Het herstel van de herstelperiode voorkomt dit typegedragseffecten. Als een opleiding kritisch benaderd moet wordenvanwege kwaliteitsgebreken heeft het zin deze zo precies mogelijkte formuleren en daar scherpe criteria en normen voor te hanteren.De betreffende opleiding krijgt dan namelijk een helder, kritischoordeel waar men in een herstelperiode in relatief korte tijd hardop kan ingrijpen om een turn-around van de opleiding mogelijk temaken.

Een interessant voorbeeld hiervan heeft zich recent voorgedaanbij de Ipabo. Deze hogeschool kreeg een negatieve beoordeling bijde accreditatie van de pabo’s en slaagde er in, in ongeveeranderhalf jaar de opleiding zo te reorganiseren dat na de ingrepenen herstelperiode de accreditatie weer volledig kon wordenverkregen. De zin van Sander Breur in zijn artikel blijkt dan ookprecies te kloppen. “Geef het hoger onderwijs de kans zichzelf teverbeteren in plaats van zaken die niet aan de maat zijn teverdoezelen.”


Schrijf je in voor onze nieuwsbrief
«