Eens onderzoeker, altijd onderzoeker

Nieuws | de redactie
12 april 2012 | Politici die wetenschappelijk bewijs negeren, moeten open kaart spelen. Anders staat de geloofwaardigheid van de wetenschap op het spel. Dat stelt Anne Glover, onderzoeker 'naast Barroso' en Europa’s hoogste kennisadviseur. “We gaan soms nogal nonchalant met kennis om.”

Voordat het interview begint, excuseert Anne Glover zich even omeen speciaal kussen op haar stoel te zetten dat haar rug ontlast.”Ik heb rugpijn en als ik heel eerlijk ben dan zou ik het liefst nuop de grond gaan liggen.” Voor ScienceGuide geen probleem,maar de chief scientific advisor van de Europese Unie bijt door depijn heen en blijft zitten.

“Het wordt zo wel minder”, zegt zij met een ietwat gekweldeglimlach. En dat wordt meteen ook het aanknopingspunt voor hetgesprek over haar bijzondere positie en rol.

“Laatst las ik dat geschat wordt dat miljarden euro’s verlorengaan als gevolg van chronische rugpijn. Mensen gaan er verschillendmee om: de ene persoon gaat af en toe op de grond liggen, de anderblijft ziek thuis. Aan zulke chronische aandoeningen wordt relatiefweinig geld gespendeerd.”

Is het niet wrang dat er zoveel innovatief vermogen gaatzitten in steeds weer nieuwe apps voor je tablet of gsm terwijl metdie creativiteit ook naar oplossingen voor rugpijn gezocht kanworden?

“Nee. Vindingrijkheid is het meest geweldige kenmerk van demenselijke soort. Je kunt mensen hierin niet beperken. Wetenschapen technologie zijn de meest creatieve dingen. Ik ben altijd erggefascineerd geweest door technologische ontwikkelingen: ineens hebje een tablet en kun je overal met mensen communiceren en jeinformeren.”

“Lost dit de grootste maatschappelijke problemen op?  Hetantwoord is ‘nee’. Maar zou je alle onderzoeksprojecten vanbijvoorbeeld TNO stop willen zetten om iedereen aan ‘rugpijn’ telaten werken? Ook nee. Daarmee zou je onderzoekers ontzettendongelukkig maken.”

Hoe word je Chief Scientific Advisor bij de EuropeseCommissie?

“Je wordt gevraagd. Enige tijd geleden had president Barrosobesloten dat de Commissie een Chief Scientific Advisor zou moetenhebben.  Ik was opgevallen als Chief Scientific Advisor van deregering van Schotland en men heeft mij toen gevraagd mee te dingennaar deze functie. In de Angelsaksische wereld is dat een heelgebruikelijke positie, maar in veel landen op het continent nogniet.” 

“In Nederland bijvoorbeeld heb je wel wetenschappelijkeadviseurs bij de diverse departementen, maar geen onafhankelijkeChief Scientific  Advisor. Ik hoop dat ik andere Europeselidstaten het enorme voordeel hiervan kan laten inzien.”

“Als ik nu met iemand in Nederland wil spreken over bijvoorbeeldde kwaliteit van water, of over klimaatverandering, dan zou ik nietweten wie ik moest bellen. Ik kan natuurlijk contact opnemen metnationale academies van wetenschappen, maar hun advies – wat zondertwijfel wetenschappelijk en onafhankelijk is – kan gemakkelijk doorde nationale overheid terzijde worden geschoven. Het is een stukmoeilijker om een Chief Scientific Advisor, die je zelf hebtaangesteld als onafhankelijk adviseur, aan de kant teschuiven.”

U waarschuwt voor consequenties van wetenschappelijkeontwikkelingen, maar wijst de Commissie en de lidstaten van de EUook op wetenschappelijke kansen. Kunt u daar een voorbeeld vangeven?

“Op bijna elk onderzoeksterrein wordt gebruik gemaakt vanhigh performance computing. We hebben niet de snelstecomputers in Europa, maar er is helemaal geen reden voor dat wijdie niet hebben. We zijn ontzettend goed in software, maar nog nietin de hardware.  In de toekomst hebben we een hele boel vandeze high performance computers nodig, bijvoorbeeld omweersvoorspellingen te doen.”

“Dat is cruciaal voor veel meer dan de wetenschap. Het raakt ookvele soorten bedrjfsleven. Wist je trouwens dat zelfssupermarktketens heel scherp naar de weersvoorspellingen kijken?Voor hun logistiek is het extreem belangrijk om te weten of hetkomend weekend lekker zonnig wordt, of juist regenachtig.”

“We zijn in het verleden nogal nonchalant omgesprongen met onzekennis. Wetenschap is niet alleen: ‘onderzoeken, publiceren,klaar’. Voor mijn eigen onderzoek ontvang ik publiek geld, debelastingbetaler betaalt voor het werk dat ik doe. Dat legt bij mijde morele plicht om na te denken welke andere partijen zouden baatkunnen hebben bij het onderzoek dat ik doe.”

Met welk onderzoek houdt u zich zelf alswetenschapper bezig?

“In het verleden heb ik veel werk gedaan op het terrein vanwatervervuiling. Ik onderzoek de stressreactie van microben. Nuonderzoek ik biologische stress in meer gesofisticeerde organismeszoals jij en ik.”

“Veel neurodegeneratieve ziekten hebben te maken met destressreacties van je cellen. Het is echt eencoolonderzoeksterrein.Als je de evolutionaire ontwikkeling bekijkt, met aan de ene kantde bacterie en aan de andere kant de mens, dan zie je dat we inwezen precies dezelfde stress-respons hebben.”

Blijft u dit onderzoek nog naast uw werk alsCommissie-adviseur doen?

“Mijn positie bij de Europese Commissie is fulltime, maar ik hebbedongen dat ik me effectief één dag per maand met mijn eigenonderzoek mag bezighouden. Ik ben hier immers op een tijdelijkcontract: mijn positie vervalt wanneer de termijn van de CommissieBarroso verstrijkt.”

“Dat is nog drie jaar. Daarna moet ik weer terug aan de slagkunnen in de wetenschap. Once a scientist, always ascientist.”

Is het moeilijk als wetenschapper om in zo’n heel politiekeomgeving te werken?

“Het is best een uitdaging. De wetenschap produceert bewijs.Neem het thema klimaat: de wetenschappelijke kennis hieromtrent isniet politiek, maar hoe het gebruikt wordt is natuurlijk wél heelpolitiek. Ik zie het als mijn taak om de Europese Commissie tevoorzien van het best beschikbare wetenschappelijke bewijs.Vervolgens is het aan politici en bestuurders om de politiekeafwegingen te maken.”

“Maar… wanneer wetenschappelijk bewijs genegeerd wordt, danmoeten we beter transparant maken waarom of zoiets terzijde wordtgeschoven. Natuurlijk spelen ook andere factoren – ethische,economische – die tegen het wetenschappelijk bewijs moeten wordenafgewogen. Maar we hebben de morele verplichting om die afwegingentransparant te maken. Anders gaan burgers denken dat er iets mis ismet het bewijs.”

“Je ziet dit bijvoorbeeld bij genetische modificatie: het bewijsis zonneklaar. Wetenschappelijk onderzoek heeft aangetoond dat derisico’s zeer beperkt zijn. En toch willen politici het’voorzorgsprincipe’ hanteren. Daarmee impliceer je dat hetbestaande wetenschappelijke bewijs niet deugt.”

“En dat klópt gewoon niet. Politici moeten gewoon eerlijkzeggen: we kiezen niet voor genetisch gemodificeerde gewassen omdatde bevolking het niet wil. Punt uit. De argumentatie moettransparant zijn, anders stel je de wetenschap in een kwaaddaglicht.”


Schrijf je in voor onze nieuwsbrief
«

ScienceGuide is bij wet verplicht je toestemming te vragen voor het gebruik van cookies.

Lees hier over ons cookiebeleid en klik op OK om akkoord te gaan

OK