Ophef over lerarenregister

Nieuws | de redactie
27 november 2013 | “Wat is nu eigenlijk de bedoeling van het huidige lerarenregister? Het is zorgwekkend dat deze vraag nu twee jaar na de start van het proces nog steeds gesteld moet worden.” De MBO Raad acht het register niet geslaagd en pleit voor een fundamentele herziening, omdat nu bureaucratie dreigt.

In een acht pagina’s tellende brief zet Jan van Zijl voorzitter van de MBO Raad de bezwaren uiteen ten aanzien van het huidige lerarenregister. “Doorgaan op de huidige weg zal ons niet brengen bij het doel, namelijk een goed werkend register in 2017, zoals in het Nationaal Onderwijsakkoord is afgesproken. Een koerswijziging is noodzakelijk.”

De Onderwijscoöperatie laat in een reactie weten verrast te zijn door de kritiek. “In geen enkel bestuurlijk overleg heeft de MBO Raad zijn standpunt kenbaar gemaakt zoals verwoord in genoemde brief.”

Tegenstrijdige opvattingen

De MBO Raad acht de situatie zorgwekkend, omdat hij geen werkelijke vooruitgang ziet in de ontwikkeling van het register als zinvolle bijdrage aan het leraarsberoep. “Over het hoe en waarom van het register bestaan te veel tegenstrijdige opvattingen en de MBO Raad acht het absoluut noodzakelijk dat op korte termijn daarover het finale debat wordt afgerond.

”Het huidige register, waarin de verantwoordelijkheid vrijblijvend bij de individuele docent is gelegd, voldoet volgens de MBO raad niet. “Het versterkt doorzetten van die lijn ligt dan ook niet voor de hand.”

“De richting waarin het register zich nu inhoudelijk heeft ontwikkeld is naar het oordeel van de Raad dan ook een verkeerde. Het wordt nu een soort landelijke portofolio van individuele docenten, een digitaal C.V. door de docent zelf ingevuld. Dat gaat voor docenten noch voor instellingsbestuurders betekenis krijgen. En zelfs als het wettelijk verplicht wordt gesteld, dan zal het in de huidige vorm van marginale toegevoegde waarde zijn, tegen hoge kosten en een hoop administratieve rompslomp voor docenten.”

Nauwelijks betekenis

Deze laatste verwijzing is een waarschuwing aan de minister en de Tweede Kamer, dat zij in de verleiding zijn gekomen via formele voorschriften en kwantitatieve normen aan de beroepsgroep en scholen. En ook nieuwe verplichtingen opleggen die voor de werkelijkheid binnen de school en de professie nauwelijks betekenis zullen hebben. De MBO Raad neigt er naar, net als de koepels in het hoger onderwijs, liever de ontwikkeling van eigen registers voor hun sectoren ter hand te willen nemen.

De MBO Raad stelt bovendien vragen bij de bestuurlijke verhoudingen en de samenstelling van de verantwoordelijke partij voor dit register, de Onderwijscoöperatie. “Met de kennis van nu, moeten wij constateren dat beide basiskeuzes, zowel wat betreft de samenstelling van de Onderwijscoöperatie als de open benadering van het register, de verdere ontwikkeling blokkeren. De merkwaardige samenstelling van de Onderwijscoöperatie staat breed commitment van werkgevers/bestuurders in de weg. Sterker: er lijkt een steeds manifestere, bijna, anti-werkgevers houding te ontstaan.”

Fundamentele keuze

De MBO Raad acht het moment gekomen een fundamentele keuze te maken. “Wil het register van de grond komen, dan moeten we het proces anders inrichten. Dat betekent zo snel mogelijk voor de invoering van het MBO-deel van het register een gewijzigde samentelling van de Onderwijscoöperatie.”

“Uiteindelijk zal het MBO-deel van het register moeten worden getrokken door een vier partijen organisatie: de beroepsvereniging, de werkgevers/bestuurders, de vakorganisaties en een representatie vanuit het beroepenveld waarvoor wordt opgeleid. De MBO Raad pleit ervoor om deze aanpassingen in inhoud en organisatie snel en efficiënt in te voeren,” zo besluit Jan van Zijl zijn brief.

Verbaasd en verrast

Joost Kentson, voorzitter van de Onderwijscoöperatie, is verbaasd dat hij deze zorgen van de MBO Raad nooit eerder heeft gehoord. “Het heeft mij verbaasd en verrast dat de MBO Raad tot zijn conclusies komt.”

“De Onderwijscoöperatie voert namelijk, conform de afspraken zoals vastgelegd in wederzijdse intentieverklaringen en geconcretiseerd in bestuursakkoorden, tweemaal per jaar ordentelijk en bestuurlijk overleg met alle Raden waaronder dus ook met de MBO Raad. In geen enkel bestuurlijk overleg heeft de Raad zijn standpunt kenbaar gemaakt zoals verwoord in genoemde brief over de ontwikkelingsgang van het register en de samenwerking met de Onderwijscoöperatie.”


Schrijf je in voor onze nieuwsbrief
«

ScienceGuide is bij wet verplicht je toestemming te vragen voor het gebruik van cookies.

Lees hier over ons cookiebeleid en klik op OK om akkoord te gaan

OK