MBO’er screenen voor HBO

Nieuws | de redactie
10 maart 2014 | De hogescholen wilden een tijd geleden de instroom uit het MBO al kritisch benaderen en meer 'screenen'. Nu wil men dit met nadruk voor de Pabo-aspiranten doen, niet voor het eerst trouwens. Zou het werken en hoe?

Voorzitter Thom de Graaf waarschuwde in januari, dat de verbinding van MBO en HBO onder druk stond en nog scherper onder druk zou komen te staan. “De lat moet omhoog, het rendement moet omhoog en de uitval moet omlaag. Dat is niet zo simpel.”

Belangrijkste reden tot zorg om de realiteit van de verwezenlijking van die drie ambities tegelijk was voor de HBO-voorman de instroom van studenten in de hogescholen. “De instroom is niet op orde,” zei hij zonder omhaal van woorden. Dat is vooral gelegen in een “onvoldoende beginniveau van de studenten die uit het MBO komen.” De doorstroom MBO-HBO geeft veel kwalitatieve problemen, omdat deze studenten het HBO-niveau vaak niet snel genoeg aankunnen en de uitval juist in deze groep erg hoog is.

25% haalt eerste toets

Dat geldt zeker voor de Pabo en zijn taal- en rekentoetsen. De Verenging Hogescholen geeft nu aanvullend en indringend aan, dat vooral studenten afkomstig van het MBO “onvoldoende voorkennis hebben om de reken- en taaltoetsen te halen. Dit ondanks de extra inspanningen van de sector en pabo-docenten om de taal- en rekenkennis bij deze groep omhoog te krijgen.”

De cijfers hierover geven aan, dat na de eerste poging slechts 25% van deze instroom slaagt voor de rekentoets. Na drie toetsafnames stijgt dit naar 54%. Bij de doorstromers uit het havo is dit 81%, bij vwo’ers 95%. Ook bij de taaltoets is dit merkbaar. Na 3 pogingen slaagt 63% van de mbo-instroom, 84% vanuit het havo en 97% uit het vwo.

De Graaf bepleit daarom een selectie ‘aan de poort’ voor de MBO’ers, zodat “alleen dié mbo-studenten met de pabo beginnen die over voldoende basiskennis beschikken. Dat is in het belang van zowel de pabo (alle aandacht voor verhoging kwaliteit onderwijs), als voor de samenleving (doelmatige besteding onderwijsgeld) en voor de mbo-student zelf (screening vooraf voorkomt verlies van studiejaar als gevolg van verplichte uitval in eerste jaar).”

Routes open houden

Vanuit het veld klinken kritische geluiden over deze voorzet. De MBO-studenten organisatie JOB is zelfs zeer kritisch [zie hieronder]. De meer voorzichtige AOb begrijpt de zorgen van het HBO op zichzelf wel, want “de scores zijn duidelijk te mager.” Men beaamt in die kring dat “studenten niet bij voorbaat kansloos [moeten] zijn en er moet dus goed worden gekeken of alle mbo-opleidingen waarmee je naar de pabo kunt wel zo’n goede voorbereiding zijn.”

De MBO’er moet alleen niet de pas per definitie afgesneden worden, waarschuwt José Muijres van de AOb. “Dus laten we de wegen die studenten nu bewandelen eens kritisch bekijken en zorg dat de routes die wel kans van slagen bieden gewoon open blijven. Als de resultaten tegenvallen, moeten de hogescholen en roc’s de handen ineen slaan en zorgen dat de kansen van mbo’ers worden vergroot.”

Zo wil zij bezien of er nog nieuwe mogelijkheden zijn om de doorstroom op te waarderen. Zo kan men “nadenken over schakelprogramma’s: mensen die vanuit het mbo willen doorstromen naar de pabo worden dan met ondersteuning van een hogeschool alvast voorbereid op wat ze in het hbo kunnen verwachten. In het hbo zijn ze bekend met dat soort programma’s.”

Wie gaat dat borgen en betalen?

Overigens legde de Vereniging Hogescholen twee jaar geleden een analoge gedachte rond de doorstroom al eens op tafel. De toenmalige voorzitter van het ISO analyseerde, dat hiermee een verplaatsing van het vraagstuk beoogd leek te worden. Thom de Graaf “moet wel beseffen dat met de nu voorliggende oplossing de toegankelijkheid van de Pabo in het geding komt. En dit terwijl we in Nederland staan te springen om meer docenten. De kwaliteit moet allereerst op het VO en MBO op orde zijn, zodat iedere scholier met het juiste diploma kan starten aan de Pabo-opleiding en deze met goed gevolg kan afronden.”

Daarbij wees studentenvoorman Sebastiaan Hameleers erop, dat een dergelijke screening heel praktische problemen met zich mee zou brengen. “Wie gaat die grote reeks entreetoetsen bovenop de taal- en rekentoets eigenlijk organiseren, op peil houden, borgen en betalen? Als de hogescholen dit voor eigen rekening gaan doen gaat dit direct ten koste van de investeringen  in de kwaliteit van het Pabo-onderwijs zelf.”

“De scholen voor VO en MBO zullen de rekening zeker niet willen ophoesten en de OCW-begroting bevat vast ook geen potjes of reserves voor zulke kostbare, structurele toetsingen in het HO. Het is toch niet de bedoeling dat de student de rekening gepresenteerd gaat krijgen uiteindelijk?”

MBO-studenten not amused

Michiel Steegers, de voorzitter van JOB, noemt het “een kwalijke ontwikkeling” als studenten al in het voortraject geweigerd zouden kunnen worden. “Als pabo’s het niveau te laag vinden, moet het onderwijs op het mbo beter. Het kan niet zo zijn dat studenten de dupe worden van het feit dat het algehele uitstroomniveau op het mbo als te laag ervaren wordt, dit is de omgekeerde wereld.”

De Actie van Thom de Graaf richting het Kamerdebat dezer dagen vindt het JOB ook komen op “een merkwaardig moment,” omdat in het MBO-veld wordt gewerkt aan de implementatie van reken- en taaltoetsen. Bovendien gaat de bond er van uit, dat in 2015 extra eisen gesteld worden aan de kennis van zowel havisten en mbo’ers op het gebied van geschiedenis, aardrijkskunde en natuur & techniek.

Alle mbo-studenten moeten een eerlijke kans krijgen om zich zo goed mogelijk te ontwikkelen, vindt Steegers. “Het is heel kwalijk dat Pabo’s zich er zo makkelijk vanaf willen maken door middel van weigering. JOB roept de minister op om hier niet in mee te gaan en in te zetten op het verbeteren van de onderwijskwaliteit.”


Schrijf je in voor onze nieuwsbrief
«

ScienceGuide is bij wet verplicht je toestemming te vragen voor het gebruik van cookies.

Lees hier over ons cookiebeleid en klik op OK om akkoord te gaan

OK