Schijnzekerheid helpt niet

Nieuws | de redactie
24 maart 2014 | In maatschappelijke discussies rond schaliegas en klimaatverandering is het vertrouwen in wetenschap niet altijd onomstreden. “Beleidsmakers zouden wetenschappelijke uitkomsten niet zekerder voor moeten stellen dan ze zijn,” stelt Rathenau-onderzoeker Geert Munnichs.

In het rapport ‘Wetenschap als strijdtoneel’ gaat het Rathenau Instituut aan de hand van een aantal maatschappelijke discussies in op de rol van wetenschap hierin. “Wetenschappelijke onzekerheden kunnen nooit helemaal kunnen worden weggenomen. We zullen het moeten doen met good enough science. Dat veronderstelt wel dat de bredere maatschappelijke zorgen en belangen die rond een vraagstuk spelen, een plek krijgen.”

Geert Munnichs is één van de auteurs van het rapport. Tegenover ScienceGuide concludeert hij dat er problemen ontstaan als beleidsmakers zich te scherp uitspreken op basis van gedaan onderzoek. “Beleidsmakers doen soms alsof problemen de wereld uit zijn, en er bijvoorbeeld geen veiligheidsrisico’s  (meer) bestaan, terwijl de onderzoeksresultaten wel degelijk onzekerheden kennen.”

Lastig afstand nemen

Op zo’n moment zouden wetenschappers afstand moeten nemen van die uitspraken, maar Munnichs ziet dit eigenlijk zelden gebeuren. “Als bijvoorbeeld Roel Coutinho van het RIVM op basis van een advies van de Gezondheidsraad kritiek op de HPV-vaccinatie wegwuift, is er niemand die eens zegt: ‘Meneer Coutinho, de zaken liggen toch allemaal net wat genuanceerder’. De stelligheid waarmee uitspraken worden gedaan, werkt vaak averechts en voedt de controverse alleen maar (verder).”

Munnichs snapt dat dit niet vanzelf gaat. “Als je in opdracht een onderzoek hebt uitgevoerd, is het lastig om vervolgens publiekelijk afstand te nemen van de uitspraken van je opdrachtgever. Die heeft jou natuurlijk toch betaald.”

Dit probleem zou te ondervangen zijn door vooraf goed vast te leggen dat een onderzoeker een andere, afwijkende mening mag uiten als het onderzoek eenmaal gedaan is. “Dat zou wat mij betreft contractueel kunnen,” zegt Munnichs. Dat zou bijvoorbeeld kunnen in de ARVODI, waarin de voorwaarden voor inkoop van diensten door publieke opdrachtgevers in staan. “Op dit moment maken die voorwaarden je als wetenschap een beetje monddood. Volgens mij zijn ze ook in strijd met de beroepscode die de KNAW heeft opgesteld.”

Een brede agenda

Onderzoekers zijn in deze adviserende rol kwetsbaar, vindt Munnichs. “We hebben het hier over de beleidsondersteunende taak van de wetenschap. Dat is een belangrijke functie, maar wel een kwetsbare.” Volgens het Rathenau Instituut kan die kwetsbare positie versterkt worden, als al in een vroeg stadium het maatschappelijk veld wordt betrokken bij het onderzoek.

“Je moet duidelijk maken dat er een bredere maatschappelijke agenda is. Die andere betrokkenen zijn niet altijd goed te identificeren, maar je moet er wel naar op zoek”, vindt Munnichs. Bijvoorbeeld bij de discussie over schaliegasboringen. Daar formeerde zich al snel de actiegroep ‘Schaliegasvrij Haaren’. Die zou ik zo snel mogelijk aan tafel uitnodigen.” Munnichs constateert daarbij dat dit primair de rol is van de beleidsmaker.

Die maatschappelijke agenda moet vervolgens mede de onderzoeksagenda bepalen. “Daar ligt ook een rol voor de wetenschap: komen de belangrijke vragen wel aan de orde?”

“Bij het Rathenau Instituut doen we ook aan opdrachtonderzoek. We gaan regelmatig de discussie aan of de gestelde vraag inderdaad het goede vraagstuk is om te onderzoeken. En als wij het voorgestelde onderzoek echt te nauw vinden, dan zullen we de opdracht niet aanvaarden (of verbreden).  Uiteraard zit daar een spanningsveld. De opdrachtgever moet er wel mee kunnen instemmen.”

Oog voor maatschappelijke zorgen

Beleidsmakers hebben uiteraard een bepaald doel voor ogen als ze onderzoek uitzetten. Dat heeft gevolgen voor de onderzoeksopzet. Maar daar kunnen door andere betrokkenen altijd vragen bij worden geplaatst. “Dat zien we in de onderzochte controversen ook gebeuren”, zegt Munnichs.

De Rathenau-onderzoeker is van mening dat een beleidsmaker zich daar nadrukkelijk van bewust moet zijn. “Belangrijk is dat er reflectie plaatsvindt op de eigen doelen en dat maatschappelijke groeperingen betrokken worden bij de formulering van de onderzoeksagenda.”

“Dat je met beleid bepaalde doelstellingen hebt, wil niet zeggen dat je geen oog meer moet hebben voor de bredere maatschappelijke zorgen en belangen die rond een beleidsvraag spelen.”

U leest het rapport ‘Wetenschap als strijdtoneel’ hier. Vanavond gaat onder meer Sander Dekker in NEMO in debat hierover. Meer informatie hier 


Schrijf je in voor onze nieuwsbrief
«

ScienceGuide is bij wet verplicht je toestemming te vragen voor het gebruik van cookies.

Lees hier over ons cookiebeleid en klik op OK om akkoord te gaan

OK