Hofnar en geweten

Nieuws | de redactie
15 januari 2015 | Directeur Jan Staman van het Rathenau Instituut blikt bij zijn afscheid terug op twaalf jaar onderzoek en dialoog met overheden en burgers. Over universiteiten die zich niet richten op ‘wicked problems’ en een samenleving die wat minder saai mag. “Meer hofnarren én gewetens van wie je kunt vragen: ‘Breng ons verlichting’.”

Twaalf jaar geleden kwam Jan Staman als directeur bij het Rathenau Instituut terecht. Een organisatie die “schatplichtig is aan de critical science beweging en de maatschappijkritiek uit de jaren zeventig.” Niet langer de universiteit als onbetwist gezag, maar juist het gesprek aan gaan met de burger.

Dialoog in therapeutische setting

“Het instituut ontstond als gevolg van de maatschappelijke onrust over kernenergie. De wetenschap, met al haar mooi-weerverhalen, werd in die discussie niet langer vertrouwd. En dat was terecht. Er was sprake van een zelfvoldane universiteit. Die wereld werd tot de orde geroepen. Eigenlijk gaat het op zo’n moment over democratie en het aan gaan van de dialoog in en met de samenleving, zoals ook Habermas dat stelde.”

Burgers, politiek en wetenschap werden gedwongen met elkaar in gesprek te gaan “in een haast therapeutische setting,” vertelt Staman. “Dat is eigenlijk precies wat het Rathenau doet, die dialoog aangaan. Wij zijn meer van de burgers, dan van de politiek of de wetenschap. Daar ben ik apetrots op.”

Belangrijkst daarbij is het bewaren van je onafhankelijkheid, zo leerde Staman. “Onafhankelijkheid betekent volgens mij dat je geen zelfcensuur toepast. Dat is in deze tijd wel een groot goed. Als je zelfcensuur toepast als organisatie zien burgers en ook journalisten dat. Die gaan zich afvragen: ‘voor welk argument is hij vatbaar?’”

Follow the money

Onafhankelijkheid voor het Rathenau Instituut betekent ook dat je niet met een bepaalde politieke agenda werkt, ziet Staman. “Je doet hier de dingen nooit om mensen of groepen mensen kapot te maken. Dat is ook echt de meest effectieve manier om je instituut om zeep te helpen. Je pakt niet iemand terug, je gebruikt je verstand, en de empirie. Daarvoor hebben we ook een uitgebreide feitenbasis om uit te putten.”

Die feitenbasis heeft er voor gezorgd dat het Rathenau Instituut de afgelopen twaalf jaren meermalen wetenschappelijke trends zeer goed kon voorspellen.

Human enhancement en het ‘maken’ van leven stonden al erg vroeg op de radar van het instituut. “Het gaat er om dat je naar de geldstromen kijkt. Follow the money. Hoe groot is de opkomst van een bepaald congres? Waar alloceren universiteiten hun geld voor?”

“Een mooi voorbeeld daarvan heb ik meegemaakt met Maria van der Hoeven. Die maakte destijds als minister van OCW een flinke hoeveelheid geld vrij voor meer onderzoek in de nanotechnologie. ‘Omdat alle landen dat doen’, zei ze. Dat vond ik eigenlijk een heel goed argument.”

De wet van Staman

Staman constateert dat zijn organisatie er de voorbije jaren eigenlijk amper naast heeft gezeten in het voorspellen van trends. “We zitten niet vaak mis, maar dat vind ik eigenlijk ook best zorgelijk. Soms vraag ik me af: zijn we wel scherp genoeg, zijn we niet te voorzichtig? Ik denk dat je ook risico’s moet durven nemen.”

Tien jaar geleden bijvoorbeeld had het Rathenau Instituut al in de gaten dat persuasive technology in opkomst was. “Verkeersborden die je beïnvloeden in je keuzes. Nudging. Daar hebben we toen over geschreven, maar het werd totaal niet opgepikt. Dat heb ik toen laten liggen, terwijl je nu ziet dat het overal is.”

Dat is gelijk wat de scheidend Rathenau directeur de ‘wet van Staman’ noemt. “Eén rapport is geen rapport. Dat noem ik het identificatieprobleem. Als ik iets nieuws zeg, hebben anderen tijd nodig om zich daarmee te identificeren, om aan het idee te wennen. Je moet het kunnen bekoken. Daar is tijd voor nodig.”

“Bij het Rathenau Instituut werken trendcatchers, ‘randfiguren’ die trends spotten, dingen met elkaar kunnen verbinden en vrij kunnen associëren. Maar alleen een associatie is niks: vervolgens moet er werk van gemaakt worden. Het risico is dat een nieuw idee als ‘te groot’ wordt weggezet. Dat beleidsmakers stellen dat zij het niet bedacht hebben. Er is een heel lijstje met van die tegenwerpingen: het is science fiction, je bent links, je bent te politiek, of: dat deden we allang. Pas als anderen jouw verhaal gaan uitdragen, is er kans dat het echt wordt opgepakt.”

Geen organisatoren van de ‘killing fields’

In dat verband waarschuwt Staman voor de verleiding van een al te makkelijk en populair doemdenken. “We moeten niet te apocalyptisch denken. Je moet rekening houden met angsten en emoties van mensen en ze daarin ook raken als dat nodig is. Wat je niet moet doen, is die emoties bespelen om ze nog groter te maken. We zijn als Rathenau Instituut zeker niet de organisatoren van de ‘killing fields’ van de wetenschap.”

Zo kijkt hij ook naar de visie die het kabinet op tafel heeft gelegd over de toekomst van die wetenschap. “De wetenschapsvisie vind ik wel goed hoor. Ik ben onder de indruk van Bussemakers boodschap daarin. Wat zegt ze immers, eigenlijk, ten diepste? “Wij zijn de regering en wij zien ons geplaatst voor enorme vraagstukken. Onze samenleving en die wereldwijd heeft zulke problemen. Allemaal complexe, ‘wicked problems’. Wij hebben jullie impact nodig om deze problemen op te lossen.” Dat zegt zij terecht. De wetenschap heeft daar een opdracht.”

“Meer dan ooit zitten wetenschap en politiek om elkaar verlegen. In die vraag naar impact voor de toekomst zit te gelijk de oproep ‘ga toch naar die samenleving toe!’ Dat is de diepere achtergrond van de ingreep in NWO. Ook die organisatie zou zich gedurfder op die ‘wicked problems’ moeten kunnen en willen richten. Net als Europa heeft gedaan met Horizon 2020 moeten zij ook het silodenken in de wetenschap doorbreken en de impactvraag verbinden met wat ze daar ‘grand challenges’ zijn gaan noemen.”

“Deze oproep om impact geldt ook voor de universiteiten. Als zij daar niet op in willen gaan met hun onderzoek, dan hebben ze toch echt een probleem. Je kunt niet zeggen ‘wij doen vooral fundamenteel onderzoek en u moet er maar op vertrouwen dat over twintig jaar zal blijken hoe nuttig dat wel niet is.’ Niemand betwist het belang van fundamenteel onderzoek maar de redenering is defensief en volstrekt ontoereikend. We zien in het onderzoek overigens voortdurend uitdagingen heen en weer schieten tussen ‘fundamenteel’ en ‘toegepast’, ook dwars door disciplines heen.”

Stop met klagen en zeuren

“De universiteiten zullen daarom een meer programmatische aanpak van het onderzoek moeten aanvaarden. Willen ze dat niet dan moet dat maar naar de niet-academische kennisinstellingen zoals het RIVM, de KNMI, TNO of andere instituten. De groten op dat terrein kunnen dat heel goed.”

“Nu zie ik ook wel dat het WO erkent dat ze een probleem hebben, dat er ook echt is. Dat ze terugschrikken voor sommige consequenties daarvan, snap ik ook wel. Maar met de uitstekende mensen die zij hebben, moeten ze dan toch vooral zelf dit oppakken? Ga je eigen wiel opnieuw uitvinden, zou ik zeggen, en stop met klagen en zeuren.”

De opdracht van de universiteit is en blijft volgens Staman een heel heldere: erg goede mensen afleveren. “Goede bachelors, goede masters, goede promovendi. Daar helpen zij de wetenschap en de samenleving het meeste mee, met het vormen van de toekomstige elites die die ‘wicked problems’ kunnen oplossen en meer dan dat.”

Zoek de uitdagingen op

“De Wetenschapsvisie zou daarom sterk verbonden moeten worden met de HO-strategie van de minister. Ze lijken nu nog te los te staan van elkaar, dat kan beter. Kijk naar die promovendi, bijvoorbeeld. Wat zeggen de universiteiten tegen die jongeren? ‘Als je hier vier jaar enorm je best doet kun je in de wetenschap bij ons verder?’ Dat is gewoon niet waar, dat verhaal. 30% hoogstens gaat zo door en dan nog vaak jarenlang met allerlei tijdelijke klussen. Je maakt de PhD zo letterlijk ‘waardeloos’.”

“Als 70% van die promovendi andere dingen gaat doen, dan hebben we er óf veel te veel die we iets voorspiegelen dat niet klopt, óf is dat juist prima, zoveel promovendi, maar dan moeten we hen daar vanaf het begin ook voor motiveren en op die ‘wicked problems’ en andere uitdagingen richten. Als hogescholen dat met hun studenten wel kunnen doen, dan moeten professoren dat met hun promovendi toch ook kunnen? Zij moeten de uitdagingen opzoeken waar ze hun promovendi op kunnen zetten, ook met partijen buiten het universitaire onderzoekswereldje.”

Slim maakt braaf

“Wij zijn een erg slim land. De samenleving is alleen wel saai geworden, totaal saai. Dat maakt dat slimme brááf, doodzonde! Kijk, je hebt in de wetenschap en bij ondernemers brekebenen, waaghalzen en voorlopers. Voorlopers dat zijn de waaghalzen die het gelukt is wat ze in hun kop hadden. Brekebenen zijn de waaghalzen die het niet lukte. Wat Nederland dus nodig heeft zijn waaghalzen, mensen die in niches kun kansen zien en die niches sterk weten te maken.”

Wat moet de overheid daar dan mee in haar beleid? “Vooral loketten voor zulke waaghalzen willen hebben. Nieuwe initiatieven, wetenschappelijk, creatief, ondernemend, zitten namelijk altijd ergens in de periferie. Daar beginnen ze te waaghalzen. Den Haag zit ze alleen maar in de weg, natuurlijk. Dat is ook de rol van ‘Den Haag’, want als polderland wil je geen onverantwoorde risico’s nemen.”

“Maar Nederland wil ook vernieuwend zijn en daarom die loketten voor waaghalzen. Er zijn landen die dat net iets slimmer doen dan wij, dat vermoeden we tenminste. Denk aan landen als Zwitzerland of Singapore. Zoek die dan eens op? Haal mensen van daar eens naar hier? Daar kunnen we van leren. Om die reden werken wij ook samen in een internationaal verband van ‘Rathenau’s’ waarmee we allerlei dingen samen doen. Medewerkers van ons lopen stage in landen als China, Singapore, Korea. Zo hopen we het allemaal net wat minder saai te maken.”

“Onze samenleving heeft dit echt nodig. Hofnarren én gewetens. Mensen aan wie je kunt vragen: ‘Breng ons verlichting’.”


Schrijf je in voor onze nieuwsbrief
«

ScienceGuide is bij wet verplicht je toestemming te vragen voor het gebruik van cookies.

Lees hier over ons cookiebeleid en klik op OK om akkoord te gaan

OK