Bio-ethiek voor kinderen

Nieuws | de redactie
19 juli 2017 | “Wanneer kinderen in aanraking worden gebracht met wetenschap dan komt het vaak neer op het doen van natuurkundige proefjes, dat vind ik te beperkt.” Onderzoeker Grégroire Lagger laat kinderen nadenken over grote bio-ethische vraagstukken.

De Fondation Brocher werd opgericht door de familie Brocher om onderzoekers de ruimte te geven om na te denken over (bio)medisch-ethische vraagstukken. Waar aanvankelijk voornamelijk gevestigde wetenschappers uitgenodigd werden voor een residency, nodigt de stichting nu ook steeds vaker beginnende wetenschappers uit, om een paar maanden aan hun project te werken. Soms zelfs heel jonge wetenschappers.

Een villa vol met onderzoekers was voor de Zwitserse docent-onderzoeker therapeutische onderwijskunde Grégoire Lagger (Universiteit van Genève) een uitgelezen kans om kinderen eens kennis te laten maken met de wetenschap en wetenschappers. Concreet houdt dit in dat elke ochtend een kleine groep van acht- tot tienjarigen zich in een kringetje scharen rond een van de onderzoekers die met hen een onderwerp behandelt en een oefening opgeeft.

Protowetenschap

Het belangrijkste aspect van de sessies vindt Lagger het leren vragen stellen “We laten ze bijvoorbeeld een zaklamp op hun hand zetten met de vraag: wat zie je? Dan komen ze vaak met hele interessante vragen, bijvoorbeeld waarom ze het bot niet zien.” Dit type vragen is volgens Lagger het begin van een begrip van wat wetenschap is. “Je moet niet onderschatten wat kinderen zich allemaal af kunnen vragen. Die nieuwsgierigheid, het vragen en uitproberen, dat zou je protowetenschap kunnen noemen.”

In het dagelijks leven gebruikt Lagger de proef met de zaklamp wel vaker, maar dan met oudere deelnemers. “Normaal gesproken doe ik onderzoek dat beoogt de arts-patiëntcommunicatie te verbeteren. Zo’n simpele oefening is een manier om een arts even stil te laten staan bij het feit dat ze niet alles weten en ook dat voor hen vanzelfsprekende zaken voor een patiënt uitleg nodig hebben.” Het moet de neiging tot het stellen van vragen oproepen.

Niet alleen ‘proefjes doen’

De overtuiging dat nieuwsgierigheid de basis is om een geïnformeerd gesprek te voeren heeft Lagger vertaald naar een project met kinderen: AnimaScience. Op de achtergrond, in de tuin van de Fondation, zijn medisch antropoloog Annelieke Driessen en neurowetenschapper Esther van Duin ondertussen bezig met hun workshop over psychiatrische labels. “Wie van jullie heeft iemand in de klas die bijvoorbeeld dyslexie heeft?”, vraagt Van Duin.

Er gaan een paar handen omhoog en een van de leerlingen vertelt dat er in haar klas wel drie kinderen met dyslexie zitten. “En wat vinden jullie, moet iemand met dyslexie naar de dokter voor een pil of moet de leraar hier gewoon meer rekening mee houden?” Daarover ontstaat een discussie waar Driessen op inhaakt: “De vraag waar jullie het nu over hebben, daar weten ook wetenschappers niet altijd een antwoord op. Wanneer is iemand ziek, en wanneer is iemand ‘gewoon anders’?”

Bijzonder aan de aanpak is de specifieke aandacht voor de alfawetenschappen. “Op de een of andere manier is het blijkbaar vanzelfsprekend dat als je kinderen met ‘wetenschap’ in aanraking brengt, dat je dan natuurkundige en scheikundige proefjes met ze gaat doen.” Zegt Lagger, die vaker projecten heeft gezien waarbij les wordt gegeven over ‘de wetenschap’ aan kinderen.

“Wetenschap is niet alleen DNA isoleren uit je wangslijmvlies of stofjes bij elkaar gooien en kijken wat er uitkomt.” Hij vindt dat je het complete plaatje moet laten zien. Daarom ligt de nadruk in deze workshops op het gesprek en discussie over lastige onderwerpen zoals een bio-ethisch vraagstuk. “Het is hartstikke leerzaam om, wanneer twintig anderen het ergens over eens zijn, ze toch tegen te spreken en ze proberen te overtuigen van jouw standpunt.”

De rol van de leraar

Voor Lagger is het belangrijk om kinderen in dit proces bij te brengen dat er niet altijd een juist antwoord is op een vraag. “Het is wat mij betreft een waardevolle les op zich dat mensen het met elkaar oneens kunnen zijn over een vraagstuk, en dat niet een partij gelijk heeft.” In de omgang met dat gegeven constateert hij ook dat sommige leraren nog iets bij te leren hebben.

“Soms lijkt het wel de rol van de school te zijn om kinderen uit te leggen wat fout is en wat goed. Dat lijkt me een veel te rigide benadering.” Volgens hem moeten leraren juist de ruimte laten om de experimentele aanpak van kinderen de vrije loop te laten “Je moet je niet doodstaren op het inpeperen hoe dingen horen te zijn, laat ze zelf maar uitzoeken wat werkt en wat niet werkt.”

Daarvoor moeten leraren volgens Lagger ook meer de rol op durven te eisen die hiervoor nodig is. “Wat ik vaak zie is dat ze zeggen: ‘Ik ben de leerkracht en ik ga niet op de stoel van de wetenschapper zitten’. Dat is ergens wel te begrijpen maar het gaat er niet om of je die autoriteit wel of niet hebt, het gaat er juist om dat je een proces durft los te laten en kinderen kunt laten ontdekken.”

De achterliggende overtuiging van Lagger om dit project uit te voeren is te herleiden op wat hij het probleem van wetenschappelijk analfabetisme noemt. “Het baart me zorgen dat een groot gedeelte van de bevolking zeer slecht op de hoogte is van basale wetenschappelijke concepten. Vraag een willekeurig iemand maar eens wat het verschil is tussen het broeikaseffect en het gat in de ozonlaag, of hoe het is dat een vliegtuig kan vliegen. Vaak blijft het dan muisstil aan de andere kant van de lijn.”

Hier ziet Lagger een groot probleem voor het functioneren van een democratie. “Als mensen op zulke basale vragen het antwoord niet weten, hoe kun je ze dan vragen om zich uit te spreken voor of tegen kernenergie?” Op de vraag of dit project hier verandering in zal brengen antwoord hij ontkennend. “Wat ik wel denk is dat de ervaring die we hier opdoen wellicht toegepast kan worden in het basisonderwijs zelf.” 


Schrijf je in voor onze nieuwsbrief
«

ScienceGuide is bij wet verplicht je toestemming te vragen voor het gebruik van cookies.

Lees hier over ons cookiebeleid en klik op OK om akkoord te gaan

OK