Nederland en het VK voorbeeld voor Vlaamse internationalisering

Nieuws | de redactie
8 augustus 2017 | In Nederland en in het Verenigd Koninkrijk kunnen de collegegelden voor niet-EER studenten oplopen tot meer dan €20.000. Omdat dit in beide landen niet heeft geleid tot een lagere internationale instroom, gaat men in Vlaanderen nu het collegegeld voor niet-EER studenten ook verhogen tot maximaal €5.432.

Wie aankomend studiejaar begint aan de opleiding tot bio-ingenieur aan de Ugent betaalt een hoger collegegeld dan voorheen. De Vlaamse overheid heeft goedkeuring gegeven om de prijs tot €5.432 te verhogen. In de goedkopere studierichtingen zoals in de geesteswetenschappen wordt het collegegeld verhoogd tot €1765.

Normaal gesproken betalen Belgische studenten ronde de €900 collegegeld per jaar, ruim de helft van het wettelijk collegegeld dat in Nederland gevraagd wordt (€2006,- voor ‘17|’18). De Franstalige universiteiten in België hebben dit jaar het collegegeld al verhoogd voor niet-EER studenten tot een bedrag dat kan oplopen tot €12.500.

Pricing 

De collegegeldverhoging heeft tot vragen geleid in het Vlaamse parlement. Tine Soens van de Sociaaldemocratische sp.a is bang dat hiermee de internationalisering van het hoger onderwijs in de knel komt. En vraagt aan de minister, “welke initiatieven zij plant om de internationalisering van het hoger onderwijs te bewerkstelligen en de negatieve effecten van de prijsverhoging niet mee te laten spelen?”.

Volgens verantwoordelijk minister van onderwijs, Hilde Crevits van de Christendemocratische CD&V zal het zo’n vaart niet lopen en verwijst daarbij naar Nederland, zo laat zij in antwoord op deze vragen weten. “Een verhoging van de studiegelden lijkt in eerste instantie in te gaan tegen de internationalisering van het hoger onderwijs. Anderzijds stelt men vast dat in andere landen, bijvoorbeeld het VK of Nederland, hogere studiegelden geen daling van het aantal studenten met zich meebrengt.”

Daarnaast wijst de minister nog op een ander punt, namelijk wat men in de economie ‘pricing’ noemt. “In hoofde van buitenlandse studenten worden hoge studiegelden soms zelfs gekoppeld aan een hoge kwaliteit, hoewel er uiteraard geen verband hoeft te zijn.” Waarmee de Belgische minister probeert aan te geven dat hogere tarieven ook een aanzuigende werking kunnen hebben doordat het hogere bedrag een betere kwaliteit zou suggereren.

Nederland als voorbeeld

In Nederland mogen opleidingen al langer een hoger collegegeld vragen van niet-EER studenten. Dit bedrag moet gebaseerd zijn op de ‘werkelijke kosten’ en opleidingen moeten beargumenteren waarom ze een bepaald bedrag vragen. Dit houdt in de praktijk in dat de een bacheloropleiding geschiedenis aanzienlijk verschillend geprijsd kan zijn: op de Universiteit Utrecht €9100, op de Universiteit van Amsterdam €8250, op de VU is een EEUr-student per jaar €7600 kwijt en op de Erasmus Universiteit €6000.

De verruiming van de Nederlandse wet op de collegegelden heeft ook hier bij studenten tot een dergelijke perceptie geleid, zo vertelde toenmalig voorzitter van de LSVb, Stefan Wirken in de Tweede Kamer bij een hoorzitting over Engels en internationalisering van het hoger onderwijs. “Een rechtenopleiding van €10.000 die twee keer zo duur is als dezelfde studie elders in Amsterdam zou de indruk kunnen wekken dat de UvA-opleiding beter is en meer allure heeft dan die op de VU een paar kilometer verderop.” 

Crevits waarschuwt er wel voor dat de verhoging van de collegegelden er niet voor mag zorgen dat studenten uit derdewereldlanden, hier niet meer kunnen studeren. De minister verwijst specifiek naar de Ugent waar een regeling is getroffen voor studenten uit derdewereldlanden. Deze studenten worden gecompenseerd in de studiekosten.

Van generiek beleid om het aantrekkelijk te houden voor alle studenten uit derdewereldlanden om daar is geen sprake van en laat zij dat aan individuele instellingen. “Gelet op de decretale autonomie die instellingen hieromtrent hebben en het beleid dat zij afstemmen binnen de VLIR zijn voorlopig geen specifieke initiatieven aan de orde in verband met deze materie.”


Schrijf je in voor onze nieuwsbrief
«