Politieke visie van bewindslieden helpt OCW-ambtenaren niet

Nieuws | de redactie
2 augustus 2017 | “De visie van de politieke leiding kan in hoge mate hinderen, vooral als dit gestoeld is op overtuiging in plaats van feitelijkheid.” OCW-ambtenaren evalueren de nieuwe werkwijze van het ministerie om het werkveld meer te betrekken bij beleidsvorming. De politieke overtuiging van bewindslieden lijkt daarbij niet altijd te helpen.

Het ministerie van OCW heeft een evaluatie laten uitvoeren naar ‘van buiten naar binnen’, ook wel ‘VBNB’, beleidstrajecten genoemd. Dit is een werkmethode waar het ministerie sinds een aantal jaar mee werkt. Deze werkwijze heeft voor ogen om de buitenwereld en het veld meer te betrekken bij de totstandkoming van wet- en regelgeving. Uit de evaluatie waarbij ook interviews zijn afgenomen onder ambtenaren en stakeholders komt een beeld naar voren dat deze werkmethode effectief uitpakt bij het maken van beleid.

Bij het opstellen van de evaluatie is naar een aantal specifieke trajecten gekeken. Zo is de ho-tour geëvalueerd die werd gemaakt om de strategische agenda naar aanleiding van de opbrengsten van het studievoorschot vorm te geven. Ook is er bij de evaluatie gekeken naar de totstandkoming van een nieuw accreditatiestelsel, de Wetenschapsagenda en ook het traject rondom Onderwijs2032.

Minister als vergrootglas

Een eerste observatie is dat de betrokkenheid van bewindslieden essentieel is bij het van buiten naar binnen werken. “De betrokkenheid van bewindslieden en topambtenaren is van grote invloed op de beleving en werkt als vergrootglas: zijn ze aanwezig bij bijeenkomsten met het veld, dan wordt dit als zeer positief ervaren, maar als ze bijeenkomsten afzeggen of het veld de indruk krijgt dat hun betrokkenheid geen gemeenschappelijk doel dient dan werkt dat juist averechts voor het begrip en vertrouwen voor het werk van OCW.”

Wanneer het veld nadrukkelijk betrokken wordt zorgt er wel voor dat dit op gespannen voet kan komen te staan met de politiek van alle dag. “Beleidsmedewerkers moeten laveren tussen enerzijds de belangen en behoeften uit het veld en anderzijds inhoudelijke of tijdsdruk vanuit de politieke context. Vooral de druk vanuit de Kamer die door de beleidsmedewerkers regelmatig wordt ervaren kan belemmerend werken – die gaat nog steeds altijd voor.”

Het is voor de ambtenaren in de Hoftoren ook niet altijd eenvoudig om zich te verhouden tot de politieke verhoudingen in de Tweede Kamer en het kabinet, zo blijkt uit de reeks interviews die de onderzoekers hebben afgenomen. “OCW-beleidsmedewerkers ‘zelf’ doen hun best, maar wat ze werkelijk kunnen bieden wordt bepaald door politieke koers, die soms geen koers lijkt, maar ‘waan van de dag’. Dat geeft af en toe onberekenbare indruk. Ook is niet altijd duidelijk waardoor besluitvorming op zich laat wachten. Meer toelichting op dit proces kan voor meer begrip zorgen.”

Verschillende werkvormen

Een ander euvel dat op de loer ligt is dat er te weinig met de mensen op de werkvloer. “Een ander risico is dat het beleid niet aansluit bij de leefwereld, doordat niet de juiste doelgroep betrokken is of de betreffende doelgroep zich niet vertegenwoordigd voelt.

In de interactieve sessies benoemden enkele aanwezige partners uit het veld zélf, dat veel usual suspects, de vaste gesprekspartners, geïnstitutionaliseerd zijn en soms zelf bijna onderdeel van het Haagse zijn geworden. Aan de ene kant is dit voor zowel de betrokkenen vanuit OCW als voor deze gesprekspartners prettig: je kent elkaar en je weet wat je aan elkaar hebt. Aan de andere kant schuilt daarin ook een risico van een beperkte blik.”

Eigen standpunten blijven verdedigen

OCW werkt met een grote reeks aan werkvormen om de buitenwereld meer te betrekken bij beleidsvorming de ene werkvorm werkt beter dan de andere, zo blijkt uit de evaluatie. Zo pakte de ho-tour langs instellingen in het land zeer positief uit voor het draagvlak van de strategische agenda van de minister. Wat minder goed werkte was het opzetten van externe werkgroepen. “Hier werd geen toegevoegde waarde ervaren, omdat deelnemers eigen standpunten bleven verdedigen.”

Een andere uitdaging bij de ‘vbnb’ methode is samenwerking met andere ministeries. Zo laat een geënquêteerde weten dat dit vooral een zaak van vallen en opstaan is, en dat dit komt door de bewindslieden. “Het integraal werken met de andere departementen en het veld is een beetje oefenen en je hoofd stoten – dat geldt ook voor hoe de bewindslieden erin zitten. Als je wilt dat ze betrokken blijven, moet je die ook de ruimte geven en daar goed over blijven afstemmen.”

De toegenomen openheid brengt ook risico’s mee voor de interne bedrijfsvoering en het eerbesef van ambtenaren. “De [ene minister] moet er niet met een onderwerp van [de ander] vandoor gaan. Je krijgt een steeds grotere kring van betrokkenen met wie je af moet stemmen. Dat is soms best lastig en tijdrovend, en het kan eigenlijk alleen maar als je elkaar ook vertrouwt.”

Volatiliteit van de agenda

Uit een eerdere analyse in 2014 van de Auditdienst Rijk(soverheid) bleek dat de invloed van bewindslieden op ‘VBNB’ groot kan zijn. Ambtenaren wezen er toen op dat er spanning kan ontstaan op het proces als de ambtelijke of politiek top een rol speelt in dit interactieve beleidsproces. De politieke kleur of volatiliteit van de agenda van topambtenaren gaat dan een rol spelen op het proces.

Dit beeld is nog niet helemaal gewijzigd. De betrokkenheid van de ambtelijke of politieke top van het ministerie heeft vaak een positieve invloed op het proces. Toch is er volgens het rapport wel wat nuance nodig, zo laten de antwoorden van een aantal respondenten zien. Zo laat een respondent weten: “De overtuiging of visie van de politiek/bestuurder kan wel in hoge mate hinderen, vooral als dit gestoeld is op overtuiging in plaats van feitelijkheid.”

Ook merken ambtenaren op dat, “OCW beleidsmedewerkers zelf hun best doen, maar wat ze werkelijk kunnen bieden wordt bepaald door politieke koers, die soms geen koers lijkt, maar ‘waan van de dag’. Dat geeft af en toe onberekenbare indruk.“

De ambtelijke top heeft inmiddels gereageerd op het advies van de Auditdienst en belooft in de toekomst meer te gaan samenwerken met de unusual suspects.


Schrijf je in voor onze nieuwsbrief
«