“De school bepaalt zelf wat de vernieuwing zal zijn”

Hogeschool Leiden start met Teammaster

Nieuws | door Ingeborg van der Ven
2 februari 2018 | Vanaf september kunnen lerarenteams gezamenlijk de tweejarige teammaster volgen aan de Hogeschool Leiden. "Wij willen echt dat het samen leren is. Je komt hier niet voor een af product, dan moet je ergens anders zijn," zegt docent Roos van der Voort.

De Teammaster Transitie in Onderwijs met Technologie (3TO) richt zich op scholen die actief in een transitietraject willen stappen. De transitie, of verandering, is voor elk deelnemend team Op dit moment volgen schoolteams uit het basisonderwijs de 3TO master. Maar de master is te volgen door docenten uit het po, vo, mbo en hbo onderwijs. verschillend en wordt in veel gevallen tijdens de master pas duidelijk ontwikkeld. Een schoolleider vormt samen met twee collega’s het 3TO team en volgt een dag per week lessen aan de hogeschool of op locatie. Doelstelling is om dit team op te leiden tot transitieleiders binnen hun eigen bredere schoolteam. De student heeft zelf aan het eind van de twee jaar de titel Master of Education (MEd) behaald.

“Wij zijn vorig jaar al aan de slag gegaan, om deze master op te zetten vanuit Onderwijs Makers, een samenwerking van de Hogeschool Leiden met de stichting Lucas Onderwijs Momenteel vallen zevenenveertig scholen voor basisonderwijs, vier scholen voor speciaal basisonderwijs, drie expertisecentra en drie regio's voor voortgezet onderwijs in de regio Den Haag onder de verantwoordelijkheid van het bestuur van de stichting . Leerkrachten gaven aan dat zij heel graag vanuit een visie willen werken.” Legt Roos van der Voort, manager van de faculteit educatie aan de Hogeschool Leiden, uit. De teammaster startte in het jaar dat werd gekenmerkt door de stakingen in het primair onderwijs. “Je merkt gewoon dat er in het basisonderwijs op onderwijsvernieuwing veel ad hoc gebeurt en verandering van bovenaf wordt opgelegd. Leerkrachten willen daar vanaf en willen meer tijd en ruimte om zelf over een onderwijsvisie na te denken.”

Alles is open

De teammaster richt zich op schoolteams die een transitie willen realiseren binnen hun organisatie. “Elke school gaat een transitieproces in en in dit proces zit wel een bepaalde volgorde. Maar de inhoud van de transitie, daar gaat het team in de opleiding zelf mee aan de slag.” legt van der Voort uit. Het traject kan dus ook per team verschillen. “In de eerste fase kijkt het team echt naar de vraag ‘Wat beogen wij nu als school met elkaar?’ In de tweede fase is er veel meer open space en gaan zij nog meer in hun eigen school experimenteren en samen met collega’s met zaken aan de slag.”

Volgens collega Nadira Saab zie je een worsteling bij de masterstudenten die past bij een leven lang leren. “Het is echt een uitdaging om de combinatie te maken met werk en studie, wat betreft tijdsplanning. De meerwaarde van deze opleiding is dan wel dat je het geleerde meteen weer kunt integreren in je werk en in je eigen school. Misschien niet meteen die avond of dezelfde dag, maar wel op een later moment,” licht zij toe.

Nadira Saab is verbonden aan het Interfacultair centrum voor lerarenopleiding ICLON van de Universiteit Leiden en brengt de academische achtergrond in bij de opleiding. Ze is dan ook verbonden aan de onderzoekslijn. “In de master is echt ruimte ingebouwd om na te denken over de aannames die je hebt en de richting die je op wilt. De inzichten die je hebt gekregen wil je misschien direct toepassen, maar we bouwen expres vertraging in om de teams na te laten denken over de visie van de school en de verandering die zij willen bewerkstelligen. Nog voordat ze tot acties overgaan.”

Roos van der Voort legt uit in hoeverre deze master anders is dan anderen. “Ik geloof dat er een nieuw soort van opleiden kan zijn. De school bepaalt zelf wat de onderwijsvernieuwing moet zijn, in hun eigen context. Wij willen echt dat het samen leren is. Je komt hier niet voor een af product, dan moet je ergens anders zijn.” Aldus Van der Voort. “Wanneer je kiest om met een team deel te nemen aan het mastertraject, wordt er een partnerschap aangegaan; een gedeelde verantwoordelijkheid van deelnemers en opleider.” luidt de wervingstekst. Hiermee is gekozen voor een andere manier van opleiden, het is geen onderwijs volgen, maar samen onderwijs vormgeven.

Deze nieuwe master vraagt niet alleen om een lerende houding van de schoolteams, de leerlingen, maar ook de leraren van de master hebben geen duidelijke lijnen en zijn eerlijk over de zoektocht die zij met de leerlingen aangaan. Saab: “Het is heel erg belangrijk dat wij continu afstemmen met studenten. Wij zijn scherp op de ontwikkeling van de school, de ontwikkeling van het 3TO team en daarbinnen de ontwikkeling van de individuele docent. Het gaat continu om de vraag: ‘Wat is er nodig op welk niveau?’”

Het eindproduct

Omdat het curriculum in het basis onderwijs in een bepaalde mate vast staat is het van belang dat de verandering die de schoolteams willen realiseren in kleine stapjes gaat, legt Van der Voort uit. “Het is een transitieproces: het zijn kleine interventies en bewegingen met ouders, met leerlingen. Het gaat niet met een omslagpunt van vandaag op morgen, en dan is het onderwijs gekanteld.”

De master richt zich op complementair leren en heeft als doelstelling om binnen de teams verschillende expertises te ontwikkelen. “Ik denk dat de meeste scholen aan het einde van de master een deel van de transitie hebben gerealiseerd. Maar de hoge ambities zullen niet in die twee jaar gehaald worden.” Om binnen deze vorm van onderwijs de kwaliteit te kunnen borgen wordt er gewerkt met leeruitkomsten. Leeruitkomsten beschrijven wat iemand moet kennen en kunnen en maken het mogelijk om per student een ander leertraject aan te bieden. Een student toont zelf aan dat hij voldoet aan de leeruitkomsten.

De Onderwijsmakers bevinden zich samen met andere hogescholen in de experimentele fase die hogescholen zijn gestart om beter aan te kunnen sluiten bij een leven lang leren. Het eindproduct is, net als de master, niet een gebruikelijke. “Hoe wij als opleiding zijn bezocht door de NVAO, zo zullen wij ook met elkaar de scholen langs gaan voor een visitatie. Het 3TO team wordt beoordeeld op het zichtbaar maken van de transitie die op die school heeft plaatsgevonden of in gang is gezet,” concludeert Van der Voort.

Kind centraal in plaats van de methode

 Binnen ons team hebben wij veel collega’s die tegen hun pensioen aan zitten. En dan ben ik dus de jonge aanwas. Ik kan dit aanvullen door gewoon groepsleerkracht te zijn, of door steviger in de school te staan en deze transitie aan te jagen. Dit is mijn motivatie voor deze master,vertelt groepsleerkracht Cathelijne van Montare van groep 3. Samen met haar directeur Erika Kraai en collega Maartje van der Bilt vormen zij een 3TO team op de Carolus school in Den Haag.

“Dit is een school uit de binnenstad die in korte tijd veel veranderingen heeft meegemaakt. Vroeger woonde in de binnenstad van Den Haag veel lager opgeleiden, maar het opleidingsniveau van de binnenstad is in rap tempo gegroeid en daarmee verandert de school ook,” legt directeur Erika Kraai uit.

“Wij hebben een hele mooie onderwijsvisie. We stellen het kind centraal in plaats van de methode. Alleen de manier waarop de visie is ingevuld voldoet niet meer aan de wensen van de leerkrachten, de leerlingen en de ouders.” De directeur wil de master en de transitie aangrijpen om met het onderwijs de kinderen beter voor te bereiden op de toekomst. Zelf vindt ze de 21st century skills een vervelend begrip, maar deze vatten ergens wel samen waar zij met de school naartoe wil.

Het team meenemen in de transitie

De drie docenten zullen op de Carolusschool vijfentwintig collega’s mee moeten nemen in de transitie. “Collega’s willen alles weten na deze dagen en ze willen erover mee praten. Zodat wij niet alles met zijn drieën bepalen, wat ook erg fijn is.” Legt Cathelijne uit. “Wij hebben het wel nodig, die input, dat gebruiken wij ook. Het zorgt ervoor dat wij steeds weer checken of wij op de goede weg zitten.”

De collega’s uit het schoolteam die niet mee doen aan de master vinden het wel lastig dat drie collega’s per week een dag niet aanwezig zijn. “Dit zijn ook dingen die wij hier op de opleiding ook veel bespreken. Andere teams zijn hier ook zoekenden in. Het advies is dan om zoveel mogelijk te laten zien aan het team. Wij hebben al wel veel, maar het is nog niet concreet.”

Het is voor het 3TO team een uitdaging om te formuleren wat het einddoel is, maar dat is wel karakteristiek voor de nieuwe master. Er is geen duidelijk einddoel en de transitie gaat niet in grote slagen, maar in kleine stapjes. “Voor het team lijkt het alsof wij nog niks aan het doen zijn, maar eigenlijk zijn wij al zaadjes aan het planten. Heel langzaam veranderen er al kleine dingen,” concludeert directeur Kraai.


Schrijf je in voor onze nieuwsbrief
«

ScienceGuide is bij wet verplicht je toestemming te vragen voor het gebruik van cookies.

Lees hier over ons cookiebeleid en klik op OK om akkoord te gaan

OK