“Vrouwen hebben geweldig werk gedaan, maar niemand heeft het gelezen”

Verslag | door Ingeborg van der Ven
28 maart 2018 | Wetenschapsjournalist voor onder andere BBC-radio en The Economist, Angela Saïni boog zich over de vraag: “Hoe kennis over vrouwen ons misleidt en wat we daaraan kunnen doen?”. Saïni ging in gesprek met Amade M'Charek, hoogleraar antropologie aan de UvA. “Vrouwen hebben goede redenen gehad om bang te zijn voor wetenschap. Wat ik wilde doen met dit boek is aantonen dat wetenschap eigenlijk aan de kant van de vrouw staat.”
foto Jaap Beyleveld

Op veel plekken in de maatschappij wordt de bestaande ongelijke behandeling van vrouwen rechtgetrokken, zo ook in de wetenschap. In Nederland heeft de Westerdijkimpuls het voor honderd extra vrouwen de stap naar hoogleraar mogelijk gemaakt, iets wat de genderbalans binnen universiteiten moet gaan realiseren. De sluipende overtuiging dat vrouwen intellectueel inferieur zijn aan mannen, weerlegt Saïni in haar boek “Ondergeschikt” aan de hand van wetenschappelijk bewijs.

Naast het bestuderen van onderzoekspapers, boeken en correspondentie, zoals de briefwisseling tussen Charles Darwin en Carolinne Kennard, sprak Saïni de afgelopen jaren met antropologen, psychologen en biologen. “Voor mij heeft deze veranderende body of research naar de vrouw laten zien dat de beperkingen die zo lang op ons zijn gelegd, vanuit een biologisch argument, gewoon niet waar zijn.”

Vrouwen hebben geweldig werk gedaan, maar niemand heeft het gelezen

Op uitnodiging van de uitgeverij zijn verschillende feministen, opiniemakers en journalisten Atria, kennisinstituut voor emancipatie en vrouwengeschiedenis, aanwezig voor een gesprek over vrouwen en wetenschap. Amade M’Charek wil als eerste van Angela Saïni weten hoe de inspiratie voor het thema is ontstaan. “Ik ben opgeleid tot ingenieur Angela Saïni studeerde Engineering Science aan de Universiteit van Oxforden Science and Security aan King's College in Londen. en ik heb mijzelf eigenlijk nooit afgevraagd waarom ik de enige vrouw in de collegezaal was. Ik denk zelfs dat ik op een onbewust niveau mijzelf altijd als de uitzondering heb gezien, de uitzondering op het biologisch verschil tussen mannen en vrouwen.”

De vragen over de rol van gender in wetenschap kwam bij Saïni pas veel later, als zij in 2014 door The Observer gevraagd wordt om een artikel te schrijven over de menopauze. “Het was een gekke opdracht, want ik ben ingenieur en ik schrijf nooit over biologie.” Ze stuit op een veel geciteerde publicatie komt van een mannelijk trio van Canadese wetenschappers die de evolutionaire reden voor de menopauze leggen bij de seksuele voorkeur van de man, namelijk voor jongere vrouwen.

Ik denk zelfs dat ik op een onbewust niveau mijzelf altijd als de uitzondering heb gezien, de uitzondering op het biologisch verschil tussen mannen en vrouwen.

“Op dat moment bestond er al een hypothese, namelijk dat vrouwen zo lang leven in de onvruchtbare jaren, omdat zij een rol spelen in het overleven van kleinkinderen.” Deze theorie, afkomstig van een groep vrouwelijke wetenschappers werd echter niet breed gedragen. “Vele studies hebben de zogenaamde ‘oma-theorie’ en het mechanisme dat erachter zit, ondersteund. En toch werd het niet als wetenschappelijk waar gezien.” Dit was voor Saïni het begin van haar boek. “Ik wilde er niet alleen achter komen wat de wetenschap nu precies zegt over vrouwen, maar ook begrijpen waarom mensen dit geloven.” 

Op de vraag van M’Charek of het niet vooral een kwestie is van onderhoud en het verhaal telkens weer herhalen antwoordt Saïni: “Veel van wat er in mijn boek staat is inderdaad een herhaling van het werk dat in de jaren zeventig al gedaan is. Je zou denken dat de boodschap ondertussen al hadden geïnternaliseerd en dat het onderdeel zou zijn geworden van mainstream scientific thinking.”

Dat dit nog niet is gebeurd ligt volgens Saïni met name in het feit dat (mannelijke) wetenschappers de publicaties van de weerlegging van bestaande theorieën niet lezen. “We denken dat een goed idee in de wetenschap voorbij komt en dat deze omdat het zo geweldig is een wetenschappelijk feit wordt. Nee, er gaat veel tijd overheen voordat een theorie geaccepteerd wordt. Hier zijn mensen voor nodig die een theorie willen uitdragen en verdedigen. En ik denk dat hier het probleem zit. Vrouwen hebben geweldig wetenschappelijk werk gedaan, maar niemand heeft het gelezen.”

Mentale inspanning maakt onvruchtbaar

Saïni neemt ons mee langs een aantal van deze minder bekende onderzoeken en aannames over de bouw en het gedrag van de vrouw. Zo laat onderzoek van sociobioloog Sarah Blaffer Hrdy Een voorbeeld van een boek dat volgens Saini door iedereen gelezen moet worden, is 'The woman that never evolved' van Sarah Blaffer Hrdy. Blaffer Hrdy, sociobioloog, weerlegt vanuit historisch perspectief het imago van de bedeesde, kuise vrouw. “Zou het kunnen dat vrouwen en hun evolutionaire voorouders van nature helemaal niet passief en monogaam waren of een laag libido hadden, zoals Darwin veronderstelden? Zou het kunnen dat zij duizenden jaren lang door mannen waren gedwongen zich zediger te gedragen?” Blaffer Hrdy wordt gezien als een van de eerste wetenschappers die aantoonde dat de wetenschap juist in het voordeel spreekt van vrouwen. zien dat het moederinstinct niet van nature is en dat ouderschap nooit alleen een moederstaak is geweest, maar een gedeelde taak. “Het wordt beschouwd als fundamenteel onderdeel van het vrouw-zijn. En dat gaat zelfs zover dat we vrouwen die geen kinderen willen of die hun eigen kind afwijzen maar raar vinden, of zelfs slecht.”, stelt Saïni in haar boek.

Een ander voorbeeld, onderzoek van Rebecca Sear en David Coall Enkele recente onderzoeken schetsen echter een ander beeld. In een paper uit 2011 in het tijdschrift Population and Development Review, hebben Rebecca Sear van de London School of Hygiene and Tropical Medicine en David Coall van de Edith Cowan University in West-Australië al het onderzoek bijeengebracht dat ze konden vinden over de invloed van vaders, grootouders en broers en zussen op de overlevingskansen van een kind. laat zien dat de zorg van broer en zussen en oma’s een grotere invloed hebben op de overlevingskans van een kind dan de zorg van de vader. “Als in onze evolutionaire geschiedenis de zorg voor kinderen niet exclusief bij de moeders lag, maar er ook vaders, broers en zussen, grootmoeders en anderen bij betrokken waren, begint het traditionele beeld dat we van het gezinsleven hebben af te brokkelen.” Onderzoek dat ons hele principe van het gezin, en met name de taak van de moeder, op losse schroeven zet.

De theorie dat de jacht volledig door de man werd uitgevoerd blijkt ook niet in beton gegoten. Aan het principe van de man als jager en voorziener van voedsel hebben we veel van de aannames rondom man en vrouwen opgehangen. De jacht als het binnenhalen van vlees, eiwitrijk voedsel, “waardoor ze uiteindelijk grotere hersenen kregen en zich konden ontwikkelen tot de intelligente soort die we nu zijn.” Een zeer dominante en belangrijke rol in de evolutie zou dus alleen bij de man hebben gelegen. Onderzoek van O’Connel en Hawkes laat echter zien dat in geen van de door hen bestudeerde samenlevingen de mannen voor al het voedsel zorgden. “In veel gevallen brachten ze veel minder dan de helft mee.”

Voor mij heeft deze veranderende body of research naar de vrouw laten zien dat de beperkingen die ons zo lang vanuit een biologisch argument zijn opgelegd gewoon niet waar zijn.

Dit zijn slechts enkele van de velen voorbeelden die Saïni aandraagt. “Vanaf het meest prille begin heeft de wetenschap de vrouw behandeld als ondergeschikt aan de man” stelt Saïni in haar boek. Met de oprichting van de universiteiten werden de vrouwen niet toegelaten omdat de mentale inspanning van het volgen van hoger onderwijs, volgens artsen energie onttrok aan devan een vrouw en daarmee haar vruchtbaarheid zou schaden. “In de geschiedenis van de wetenschap moeten we de vrouwen met een lantaarntje In haar boek geeft Saïni een aantal voorbeelden van vrouwen die ondanks het uitgangspunt van ondergeschiktheid wel academische resultaten boekten. Marie Curie, die twee nobelprijzen won, Emmy Noether, die na haar dood door Albert Einstein in The New York Times “het belangrijkste creatieve wiskundige genie sinds hoger onderwijs voor vrouwen is opgesteld” werd genoemd. Rosalind Franklin, wiens werk aan de ontdekking van de structuur van DNA, in 1962 o.a. James Watson de Nobelprijs opleverde en haar niet. zoeken – niet omdat ze niet in staat waren om wetenschappelijk onderzoek te doen maar omdat ze lange tijd niet de kans hebben gekregen.”

Sloppy Science en Dodgy journals

Kan de replicatiecrisis waarin we ons nu bevinden dan de kans zijn om deze “sloppy science” over vrouwen te verbeteren? Voor de beantwoording van deze vraag van Eveline van Rijswijk, wetenschapsjournalist, haalt Saini het werk van Patricia Gowaty, hoogleraar aan de University of California in Los Angeles, aan. “Gowaty keek opnieuw naar de theorie van Darwin, ondersteunt door het Bateman-paradigma In 1945 onderzocht Angus John Bateman seksueeel gedrag doormiddel van experimenten met fruitvliegjes. Hieruit bleek dat de mannelijke vliegjes met veel vrouwelijke vliegjes paarden en dat de vrouwelijke vliegjes dit maar met een of enkelen deden. – dat niet alleen voor de mens, maar voor veel andere soorten geldt dat het mannetje natuurlijk promiscue is en dat het vrouwtje monogaam is.

Zo’n 50-60 jaar lang was dit het paradigma van toepassing op alle soorten en seksueel gedrag over de hele wereld. Gowaty herhaalde dit experiment en toonde aan dat Bateman telfouten moest hebben gemaakt, ze kreeg hele andere resultaten.” Ondanks dat Gowaty met haar replicatiestudie een fout aantoonde wilden veel wetenschappers het Bateman-paradigma niet herstellen. “Ja, de replicatiecrisis kan een mogelijkheid bieden. Maar tevens is er veel werk te doen. Mensen nemen iets niet zomaar aan.”, stelt Saïni.

Een wetenschappelijk dogma is niet te doorbreken

Dat er in de vertaling van wetenschap naar het groter publiek ook een rol ligt voor de wetenschapsjournalist weet Saïni als geen ander. “Vorig jaar werd ik gebeld om een reactie te geven op een publicatie in Intelligence, een uitgave van Elsevier. Dit is wat ik noem, een ‘dodgy journal’. Het ging om een publicatie die aantoonde dat er een verschil is in IQ tussen mannen en vrouwen gebaseerd op de grootte van de hersenen. We weten al honderd jaar dat dit niet waar is en ik gaf de journalist het advies om deze publicatie niet te gebruiken. Maar hij schreef het toch wel, en iedereen las het.”

Saïni is van mening dat het creëren van netwerken van vrouwelijke wetenschappers helpt in het promoten van onderzoek over en door vrouwen. “Ik zie honderden vrouwen die zich verenigen en uitspreken. Op dezelfde manier waarop mannen bij verstek deze organisaties voor zichzelf hebben ontwikkeld. Alle wetenschappelijke verenigingen zijn opgericht door mannen, en vrouwen mochten jarenlang geen lid worden, dus waarom zouden vrouwen niet hun eigen verenigingen oprichten?”

Jongens weten dat ze niet excellent hoeven te zijn

Op de vraag wat er nodig is om vrouwen in groten getale deel te laten nemen aan alle gebieden van de wetenschap, doet Saïni een verrassende uitspraak. “Veel van de jongens uit mijn klas hadden een laag cijfergemiddelde, en zij hadden geen schroom om met deze academische prestatie een wetenschappelijke carrière te ambiëren. Terwijl ik het gevoel had dat ik alleen succesvol zou zijn als ik een excellente academische prestatie neerzette. Je kunt heel erg gemiddeld zijn en een geweldige wetenschappelijke carrière beginnen.”

“Je hoeft niet de allerbeste te zijn, en jongens begrijpen dit, het is ze vanaf jongs af aan al aangereikt. En meisjes moeten begrijpen dat dit voor hen ook tot de mogelijkheden behoort.” Er moet iets veranderen in de hoofden van meisjes stelt Saïni, maar ook in de cultuur van de wetenschap. “Wat we nodig hebben is een representatieve wetenschap. Zodat we niet alleen de vooroordelen hebben van een kleine groep. Iedereen heeft zijn eigen persoonlijke bias. En zo lang wetenschappers pretenderen volledig objectief te zijn gaan we dit niet oplossen.”

Je hoeft niet de allerbeste te zijn om een wetenschappelijke carrière te starten, en jongens begrijpen dit, het is ze vanaf jongs af aan al aangereikt.

Documentairemaker Sunny Bergman was ook aanwezig en wilde weten of er voor Saïni ook resultaten zijn geweest die voor haar ongemakkelijk waren. “Bij de resultaten van het meten van verschillen in IQ voor mannen en vrouwen, is in het midden van de Bell curve geen verschil te zien, maar aan de top is er wel een verschil. We hebben alleen nog geen reden gevonden voor dit verschil. Het is nog niet significant genoeg om hier aan te ontleden dat dit de reden is dat er meer mannelijke hoogleraren zijn.”

Wetenschap heeft Weinstein-moment nodig

Op de vraag of er nu een momentum is voor vrouwen in de wetenschap, antwoordt Saïni: “Tijdens mijn universiteitstour in de UK ben ik geschrokken van het grote aantal, vooral jonge vrouwen, die verandering willen zien. Ze zijn echt klaar met intimidatie, ongelijk kansen, eigenlijk de dagelijkse ervaringen die het moeilijk maken om een vrouw in het lab te zijn.”

“Als we het specifiek hebben over intimidatie dan heeft het zoveel gelijkenissen met de situatie in Hollywood. Als je in een heel specifiek vakgebied aan de slag wil dan kan het zijn dat het alleen die ene man is die controle heeft over jouw carrière. Als hij jou dan niet aardig vindt, of hij valt jou lastig, of erger, dan is dat het einde. Er zijn veel vrouwen die zich nog niet durven uit te spreken omdat hun carrière op het spel staat. Wetenschap heeft zijn eigen Weinstein-moment nodig om het systeem van onderaf te veranderen.

Saïni pakt voor een concluderende uitspraak ook de wetenschap erbij. “Als er iets is wat de wetenschap laat zien, dan is het dat wij mensen een soort zijn met een extreem hoge mate van aanpassend vermogen. We kunnen overal leven, waar we willen, op zoveel verschillende manieren. Als we zaken anders willen zien in onze maatschappij, dan is er geen reden waarom dat niet zou kunnen.”

Literatuurverwijzingen

Ondergeschikt. Hoe kennis over vrouwen ons misleidt en wat we daaraan kunnen doen.

Saïni, Angela 2018 Ondergeschikt. Hoe kennis over vrouwen ons misleidt en wat we daaraan kunnen doen. Utrecht: Ten Have


Schrijf je in voor onze nieuwsbrief
«

ScienceGuide is bij wet verplicht je toestemming te vragen voor het gebruik van cookies.

Lees hier over ons cookiebeleid en klik op OK om akkoord te gaan

OK