Geen dienstplicht, maar intrinsieke motivatie voor defensie

Interview | door Ingeborg van der Ven
10 april 2018 | Aan intrinsiek gemotiveerde studenten heb je meer dan aan een verplichte dienstplicht. Dat is de motivatie achter het jonge project Defensity College. Universitaire studenten kunnen naast hun studie werkervaring opdoen, geld verdienen en zichzelf ontwikkelen. Een interview met de drie oprichters.
Defensity College wil studenten zoals Ingeborg DIjkstra kennis laten maken met de defensie.

Ingeborg Dijkstra is vorige week cum laude afgestudeerd als master Strategic Product Design aan de TU Delft. Haar onderzoek naar de toekomstvisie en de (duurzame) groei van de vliegbasis Eindhoven richting 2050, voor zowel een uitbreiding op de commerciële als op de militaire functionaliteit leverde haar een negen op.

Naast deze opleiding heeft Ingeborg een training tot korporaal aspirant-reserveofficier gevolgd en is zij sinds vorig jaar werkzaam als werkstudent van Defensity College. Een jong initiatief opgezet door drie mannen binnen defensie met eenzelfde ambitie: de samenleving en defensie weer met elkaar verbinden. Een project dat als een start-up van start is gegaan en dat met grote ambitie een duurzaam programma binnen defensie wil worden.

Op welke vraag uit de samenleving is Defensity College een antwoord?

Als eerste aan het woord is Erik Noordam, luitenant-ter-zee der 2e klasse oudste categorie. Hij is voor het CMI-commando (Civiel Militair Interactie) op missies geweest. Noordam is een van de initiatiefnemers van Defensity College. “Je ziet sinds de opschorting van de dienstplicht in 1996 dat defensie steeds verder af is gaan staan van de maatschappij. Onze missies zijn ver weg en zijn vaak wat abstracter. Veiligheid is een concept waar we allemaal aan meewerken. En het principe van de werkstudent maakt de afstand kleiner en stimuleert gesprekken over defensie op kleine schaal.”

Collega Hugo Goedhart, reservist, gaf een vast contract als burgermedewerker op om op projectbasis het idee van Defensity College te realiseren, en ziet het project als een package deal. “Studeren is duur, en wat is er mooier dan een bijbaan te hebben die bijdraagt aan een gevuld cv, waarbij je ook nog maatschappelijk betrokken bent. Wij merken ook dat deze generatie niet meer op zoek is naar de labrador, de twee-onder-een kap en de Volvo V40. Studenten willen juist meer op zoek naar zingeving en ook iets teruggeven aan de maatschappij.”

Het concept van Defensity College richt zich op de academische student die naast een universitaire opleiding aan de slag wil bij defensie. Zo kan een technisch student bijvoorbeeld meewerken aan het ontwerp van nieuw materiaal, een geneeskunde student aan de slag gaan binnen de gezondheidsorganisatie of een filosofie student een bijdrage leveren op bestuurlijk niveau in de defensiestaf. De werkstudenten volgen de Algemene Militaire Opleiding Reservisten (AMO-R), in 18 dagen leren ze militaire basisvaardigheden en kunnen ze zichzelf reservist noemen.

Noordam: “We willen de samenleving weer in verbinding brengen met defensie. De ingang die we gebruiken zijn de jonge academici. Voor ons is het ook niet per se een doelstelling dat iedereen een carrière als militair ambieert. Een deel zal blijven en dat is heel erg mooi. Maar juist dat andere deel dat doorgaat naar andere gebieden zoals onderwijs, politiek of het bedrijfsleven is waardevol. Zij hebben een beter beeld van wat defensie precies is.”

Het is ambitieus om met jullie project bruggen te willen slaan tussen de maatschappij en defensie, zijn jullie daarin succesvol?

De derde man van het eerste uur van Defensity College is Alfred van der Klis. Hij is kapitein reservist en producent van onder andere speelfilms en ziet dagelijks de verbindingen die ontstaan. “Na afloop van een denksessie over missies in Afrika zijn wij in avondtenue, militair rokkostuum, gaan dineren in een volle sociëteit De Kring in Amsterdam. Wij kwamen binnen met een groep van tien man en de ene helft van de zaal met journalisten, politici en kunstenaars begon te joelen en de andere helft van de zaal begon te klappen. Er ontstonden hele mooie en ook kritische gesprekken.”

“Een collega van mij was net terug uit Afghanistan en een lid van De Kring wilde een praatje maken. ‘Ik wil je bedanken. Ik ben joods, ik ben kunstenaar en ik ben homo. Als extremistische terreur hier voet aan de grond zet, dan loop ik het grootste risico, dus dank je wel.’ Hij had nog nooit de kans gehad om dit te zeggen, omdat hij nooit een militair ontmoette. En dit is iets wat nodig is, ontmoeting.”

Van der Klis gaat verder: “Daarnaast bestaat er gewoon een misverstand, misschien zelfs een vooroordeel, binnen het hoger onderwijs over wat defensie is. Het gaat niet alleen meer over het groene pak en alleen fysieke kracht. Het gaat over denkkracht, hackers, ICT, er komt veel meer bij kijken.”

We horen het afgelopen jaar veel over de stress en druk die studenten ervaren. Defensie doet denken aan hiërarchie, machtsverhoudingen en prestatiedruk. Ook machtsmisbruik is een thema dat voor defensie speelde in het afgelopen jaar. Is dit wat de huidige student nu nodig heeft?

Goedhart herkent de problematiek van werkdruk. “De balans is hierin echt belangrijk. En daarom is coaching een essentieel element van Defensity College. Elke student die in het programma zit krijgt een coach toegewezen, vanuit defensie. Zaken als werkdruk worden besproken, neemt een student niet te veel hooi op zijn vork en hoe zit het met de studievoortgang. Je blijft natuurlijk student. Het kan geen werkstudent heten als je uitvalt.”

Noordam nuanceert het beeld van machtsverhoudingen binnen defensie. “We hebben van het verleden geleerd en zijn er al lang achter als je mensen wilt laten presteren, dan moet je mensen niet kleineren. Als je ziet hoe instructeurs met cursisten omgaan, dat is echt super professioneel. Het Hollywoodesque beeld van defensie klopt niet. Er staat niet zoals in Full Metal Jacket iemand tegen je te schreeuwen, want dat werkt gewoon niet. Als dit de meest succesvolle manier zou zijn om iemand te laten presteren, dan zou je het misschien meer zien. Maar het werkt gewoon niet.”

“Verder zie je binnen defensie, een organisatie die gewend is te werken onder hoge druk, dat mensen er echt op letten hoe het gaat met mensen om zich heen. Het welzijn van je personeel, hier goed voor zorgen, dat is iets wat er vanaf het begin ingestampt wordt.”

Van der Klis rondt af: “We vormen echt een team, samen met de werkstudenten, en we bespreken zaken met elkaar. Zo had ik laatst een heel mooie en open gesprek over faalangst. Dit leeft heel erg op het moment. Het gevoel te hebben over moeten presteren en stiekem ook niet goed weten wat je nu wilt. We willen studenten weerbaarder maken en een meerwaarde bieden.”

Defensity College is gestart als project, hoe ziet de toekomst eruit, een grote samenwerking met universiteiten?

“Op dit moment werken er ruim honderd studenten bij ons. We werken niet met grote partners, maar willen het echt van ons netwerk hebben. We schakelen op persoonlijk niveau, het is echt maatwerk,” legt Noordam uit. “Grote bedrijven hebben een bepaalde basisinstelling over hoe zij zaken willen doen, dus een generaal wil zaken doen met een rector magnificus. Als we op grote schaal hadden willen samenwerken met universiteiten, dan hadden we eerst langs alle faculteiten moeten gaan en waren we nooit begonnen”, aldus Noordam.

“Het is echt een bottom-up approach, we benaderen de individuele student vanuit zijn omgeving, de mensen en de organisaties waar hij mee samenwerkt. En als we daar de juiste snaar weten te raken, dan werkt het. In het eerste jaar hadden we ruim 800 aanmeldingen. Het project past conceptueel heel goed bij wat wij willen bereiken en de komende twee jaar moet gaan laten zien of het lukt,” vult Goedhart aan.

“We gaan zeker groeien, maar de groei zal altijd beheersbaar blijven. We willen het persoonlijke element behouden. Zo kijken wij bijvoorbeeld heel streng naar de werkplekken waar iemand terecht komt. Dat betekent ook dat we elke plek als eerste zelf hebben gezien.”

De succesfactoren die je nu benoemt van jullie project zijn ook de argumenten die voorstanders van de (maatschappelijke) dienstplicht aanhalen, en waarom de dienstplicht weer is opgenomen in het regeerakkoord, is dat de volgende stap?

Van der Klis: “Wat een grote aantrekking heeft is het feit dat vijftig procent van de aanmeldingen vrouw is. En daarbij relatief gezien, een hoger percentage niet westerse jongens zich aanmelden. We brengen mensen uit alle lagen van de maatschappij bijeen. Dit zijn ook motivaties geweest voor de dienstplicht.”

“Je zit er bij ons bij omdat je in een team kan werken, omdat je slim bent. En dat vertellen wij deze groep ook. In deze groep ontstaat echt een waanzinnige denkkracht, met hele verschillende benaderingen. En ik denk dat we daarmee een mooie groep mensen kunnen samenbrengen, met heel veel verschillende achtergronden”, aldus Van der Klis.

“We worden zeker gevraagd om mee te denken over de uitvoering van dit plan. Binnen defensie is men verbaasd over de snelheid waarmee wij van start zijn gegaan en de andere manier van werken die wij kunnen bereiken. Het is goed om onze ervaringen te delen en wellicht bij te kunnen dragen aan een verandering binnen Defensie”, aldus Noordam.

“Maar wij vinden zelf het verplichte component van een maatschappelijke dienstplicht niet wenselijk. De intrinsieke motivatie van de studenten die bij ons binnenkomen, dat is de kracht van dit project. Dat mensen echt zelf een bijdrage willen leveren.”


Schrijf je in voor onze nieuwsbrief
«

ScienceGuide maakt gebruik van cookies

Klik op OK om hiermee akkoord te gaan

OK