De lessen van het internet voor de logistieke sector

Verslag | de redactie
19 juni 2018 | “Als je de logistieke sector vanaf de grond af opnieuw zou opbouwen, dan zou die er totaal anders uit komen te zien.” Volgens professor Eric Ballot kan het internet ons inspireren om logistieke vraagstukken op een radicaal andere manier op te lossen. Op de internationale conferentie over het Physical Internet die deze week op de Groningse universiteit plaatsvindt legt Ballot uit hoe dat er uitziet.

Deze week wordt op de Rijksuniversiteit Groningen de vijfde International Physical Internet Conference (IPIC) georganiseerd. Honderden geïnteresseerden uit bijna twintig landen bewegen zich daarbij door het academiegebouw. Maar wat het Physical Internet nu precies is, en hoe het zich verhoudt tot het ‘normale’ internet, dat is zelfs voor sommige van de aanwezigen op het moment nog niet helemaal duidelijk.

Om de basiskennis van de aanwezigen, variërend van onderzoekers tot ondernemers en van havenautoriteiten tot overheden, bij te spijkeren geeft een van de grondleggers In 2010 publiceerden Benoit Montreuil, Russell Meller en Eric Ballot hun idee in het artikel 'Towards a Physical Internet: the impact on logistics facilities and material handling systems design and innovation'. Sindsdien worden ze gezien als de grondleggers van het concept. , Eric Ballot (MINES ParisTech) in een van de sessies een toelichting. Hij ziet het Physical Internet (PI) als de manier om de logistieke sector efficiënter en vooral duurzamer te maken.

Het internet is hier in de eerste plaats een bron van inspiratie.

“Als je vandaag de dag, met alle mogelijkheden die er nu zijn, de logistieke sector opnieuw zou mogen ontwerpen, dan zou je hele andere keuzes maken.” Volgens Ballot zouden de eigenschappen van het internet van grote waarde kunnen zijn. Het versturen van data over het internet gebeurt vaak in afzonderlijke ‘pakketjes’ die elk moeiteloos hun weg vinden in een enorm netwerk van computers en servers.

Binnen de logistieke sector, die Ballot een ‘pre-internet’ sector noemt, is dat zoiets nu nog ondenkbaar. “Het internet is open, en talloze processen delen een gezamenlijke infrastructuur.” Hoe anders is het in de echte wereld waar het met anderen delen van warenhuizen of vrachtwagens ondenkbaar lijkt te zijn.

Lessen van het internet

Toch zijn er volgens Ballot in principe geen goede redenen voor de huidige beperkingen in de logistieke sector. “Zolang je kunt communiceren met de levering, en je dus ook in de gaten kunt houden wat de status ervan is, zou je zeggen dat het niet zo veel uitmaakt hoe een pakketje van A naar B komt.”

Het versturen van een e-mail is een element van het internet waar volgens de bedenkers van het Physical Internet veel van geleerd kan worden. Ter vergelijking: bij het verzenden van een e-mail via het internet wordt het bestand in talloze kleine delen geknipt en verzonden. Het verzenden gebeurt in een willekeurige volgorde en pas wanneer alle pakketjes zijn aangekomen is het bestand klaar voor gebruik. Deze manier is sneller en vooral efficiënter dan het bestand in zijn volledigheid over een toegewezen verbinding te sturen.

Voor Ballot is het Physical Internet in de eerste plaats een antwoord op het duurzaamheidsvraagstuk. Vanaf een afstandje bekeken is de logistieke sector een door en door inefficiënte sector. De principes achter het internet, maar ook de mogelijkheden die digitalisering in het algemeen te bieden heeft kunnen hier een forse winst opleveren.

De noodzaak om met een meer duurzame aanpak te komen wordt nog urgenter door de ambities van veel bedrijven in deze sector. “De doelstellingen van onder andere internetgiganten Amazon en Alibaba om steeds meer en steeds kleinere pakketten te versturen, zullen ervoor zorgen dat het internationale vrachtverkeer de aankomende jaren alleen maar toe zal nemen” waarschuwt Ballot.

“Al die bewegingen samen kosten een enorme hoeveelheid energie en leveren een forse uitstoot op.” Volgens Ballot gaan de voorziene groei in de internationale logistiek en de klimaatdoelstellingen binnen het huidige stelsel dan ook niet samen. “We moeten hier iets aan doen, en de oplossing ligt in het beter benutten van de capaciteit die we momenteel al hebben.” Schaalvergroting is in primaire zin een ramp voor de duurzaamheid denkt hij, tenzij je er echt slim mee om kunt gaan.”

Als voorbeeld neemt hij de nominale efficiëntie van vrachtwagens: de tijd dat ze gebruikt worden om daadwerkelijk te doen waar ze voor gemaakt zijn: vrachtvervoer. “Het is maar tien procent van de tijd dat een vrachtwagen echt nuttig ingezet wordt. De rest van de tijd staat hij stil om in of uit te laden, rijdt hij leeg rond en staat hij op de parkeerplaats.” Als je daarbij optelt dat vrachtverkeer lang niet altijd volledige ladingen rondrijden impliceert dit veel nutteloze vervuiling.

Gaan delen en competitie samen? 

Op het IPIC spreken de deelnemers over talloze mogelijkheden om, wat in feite verspilling is, tegen te gaan. Zo zouden zeecontainers in kleinere secties kunnen worden opgeknipt – binnen de bestaande afmetingen, en zouden bestellingen op basis van de werkelijke behoefte van de klant kunnen worden verzonden – en niet op basis van louter de besteldatum. Simulaties op basis van deze principes leggen volgens Ballot een enorm potentieel bloot. “Voor een kleine winkel op de hoek, of voor de detailhandel is een vierde van een zeecontainer eigenlijk de optimale omvang.”

Het wordt wat lastiger wanneer de door het internet geïnspireerde voorstellen in het domein van de concurrentie terechtkomen. Zo zijn collectieve opslag, en gedeeld transport manieren waarop echt grote voordelen te behalen zijn. “De eigenaar van een opslagbedrijf vertellen dat hij zijn ruimte moet delen met een concurrent, of een vervoerder voorstellen wat pakketjes van de buurman mee te nemen, dat is een erg lastig gesprek”, geeft Ballot toe.

“Toch zullen we het gesprek aan moeten gaan” stelt Ballot. Kijkend naar wie er als eerste kan profiteren van dergelijke oplossingen denkt hij aan leveranciers. “Als je het gesprek voert met leveranciers, dan krijg je reacties die aanzienlijk positiever zijn.” Deze partijen kunnen op hun beurt weer invloed hebben door duidelijke prijzen te bieden, dus ook voor ‘gedistribueerde’ offertes.

Op vergelijkbare wijze kan ook de consument of eindafnemer prioriteiten stellen of juist wegnemen. “Waarom moet een pakketje altijd morgen in de bus liggen? Mogen ook alle pakketjes van de week op zaterdag bij een centraal punt worden afgeleverd, of zodra er een container vol is?” De mogelijkheden zijn er volop volgens Ballot, maar het vergt een flinke verandering in denken.

Literatuurverwijzingen

Towards a physical internet: The impact on logistics facilities and material handling design and innovation


Schrijf je in voor onze nieuwsbrief
«

ScienceGuide is bij wet verplicht je toestemming te vragen voor het gebruik van cookies.

Lees hier over ons cookiebeleid en klik op OK om akkoord te gaan

OK