Nuffic vreest voor negatieve beeldvorming over internationalisering

Nieuws | door Frans van Heest
13 augustus 2018 | Nuffic schat het risico hoog in dat zij hinder gaan ondervinden van negatieve beeldvorming rondom internationalisering. Daarom willen ze ook de schaduwkanten van internationalisering voor het hoger onderwijs meer over het voetlicht brengen.

Dit schrijft Nuffic in het jaarverslag over 2017. De organisatie gaat daarnaast uitgebreid in op de kritische OCW-evaluatie van dit voorjaar voor het bevorderen van internationalisering in het onderwijs. Deze evaluatie vormt ook aanleiding om later dit jaar tot nieuwe bestuurlijke afspraken te komen tussen Nuffic en OCW. Ook is er volop reden om positief te zijn.

Nuffic heeft afgelopen jaar een forse subsidie gekregen van Buitenlandse Zaken om samenwerkingen op het gebied van onderwijs in andere landen te verstevigen. Het gaat dan om samenwerkingen met Nederlandse universiteiten en hogescholen in lage en middeninkomenslanden zoals Rwanda en Zuid-Afrika.

Na 2016 is 2017 wel positief

Volgens Nuffic-voorzitter Freddy Weima gaat het financieel weer goed met de organisatie en schrijft Nuffic in tegenstelling tot vorig jaar weer zwarte cijfers, zo laat hij weten in het voorwoord. “We ontvingen aanvullende middelen voor uitvoering van het programma Erasmus+. In 2017 kregen we het Orange Knowledge Programme als de nieuwe opdracht van het ministerie van Buitenlandse Zaken. We hebben ons innovatief en proactief opgesteld en zijn er in 2017 goed in geslaagd om nieuwe activiteiten op te pakken. Na een tegenvaller in 2016 was er in 2017 weer een positief financieel resultaat.”

Maar er zijn ook discussies rondom een van de belangrijkste taakopdrachten van Nuffic, schrijft de voorzitter. “In 2017 is er meer aandacht gekomen voor de schaduwzijden van internationalisering, met name in het hoger onderwijs. Er ontstond onder meer discussie over de huisvesting van internationale studenten en over Engels in het hoger onderwijs. Nuffic ziet internationalisering nooit als een doel op zich, maar als een manier om de kwaliteit van het onderwijs te verbeteren en om leerlingen en studenten voor te bereiden op een internationale toekomst.”

Een wereld zonder grenzen

Ook de Raad van Toezicht stelt tevreden vast dat het goed gaat met Nuffic en dat er ook volop vertrouwen is in de toekomst is, zeker ook nu wereldwijd grenzen verdwijnen. “Over de toekomst van Nuffic zijn we positief. Globalisering is onomkeerbaar en dat maakt internationalisering in het onderwijs onveranderd tot een noodzaak. De uitdaging is in een wereld zonder grenzen iedereen te laten delen in de voordelen daarvan.”

Een belangrijke impuls voor Nuffic is de extra subsidie vanuit Buitenlandse Zaken voor het Orange Knowledge Program, voor samenwerkingen in lage- en middeninkomenslanden. Zo wordt momenteel al samengewerkt met landen zoals Zuid-Afrika en Rwanda, waar ook veel Nederlandse instellingen bij betrokken zijn, waaronder Inholland, de Vrije Universiteit Wageningen en Universiteit Maastricht. In het geval van de Vrije Universiteit en Inholland ging het om het verstevigen van business opleidingen in Rwanda. Deze samenwerkingen worden nu met deze extra subsidie van Buitenlandse Zaken verder uitgebreid voor een periode van vijf jaar.

Nuffic gaat scherper aan de wind zeilen

Toch zijn er ook zeker risico’s die op de loer liggen voor Nuffic die men niet uit de weg wil gaan, zoals eerder gebruikelijk was. “Van oudsher was Nuffic een organisatie waarin risicobeheersing een zeer belangrijke plaats innam, vaak ook in de vorm van risicomijding. De laatste jaren zijn er doelstellingen ten aanzien van nieuwe dienstverlening en vernieuwing gekomen, die vragen om meer afgewogen, bewuste keuzes in het al dan niet accepteren van risico’s. We nemen (zoveel mogelijk bewust) vaker dan voorheen risico’s.”

Bij dit veranderende risicobeleid hoort ook een andere houding ten opzichte van de discussie over internationalisering. Deze discussie wordt als een van de grootste risico’s gezien voor Nuffic. “De maatschappelijke discussie over de positieve maar vooral ook negatief gepercipieerde kanten van internationalisering (en van globalisering), kan het draagvlak voor internationalisering aantasten en vormt daarmee ook een bedreiging voor de positie van Nuffic.”

In de risicoparagraaf wordt een opsomming gemaakt waartoe deze negatieve discussie kan leiden: “Negatieve beeldvorming over Nuffic en internationalisering in media en politiek, bezuinigingen op Nuffic activiteiten, belemmeringen beperkingen op de ontwikkeling van internationale studentenmobiliteit.”

Meer oog voor keerzijden

Om dit risico zo veel mogelijk in te dammen moet er ook aandacht zijn voor de schaduwkanten van internationalisering. Daarom wordt er dialoog gevoerd met het ministerie van OCW. In de activiteiten en communicatie komt er meer oog en nuance voor de keerzijden van internationalisering en hoe daarmee om te gaan.

Ook wordt er in het jaarverslag stilgestaan bij de aansturing vanuit OCW op Nuffic. Begin dit jaar bleek dat men binnen OCW niet altijd even tevreden is over de samenwerking met Nuffic. De ambtelijke top wilde meer grip krijgen op de organisatie, aan wie in 2017 ruim €23 mln. over is gemaakt. Zo bleek uit een Audit die was uitgevoerd in opdracht van de directie hoger onderwijs van OCW.

Zeker met het oog op het toen nieuwe regeerakkoord en de politiek en maatschappelijke discussies die gevoerd worden over internationalisering moet de relatie tussen Nuffic en OCW verstevigd worden, vindt ambtelijk OCW. Uit deze audit bleek dat door eigenstandig optreden van Nuffic het internationale diplomatiekeverkeer werd geschaad, voornamelijk omdat er er veelal geen (voor)overleg werd gevoerd met OCW.

Verdere verdieping met OCW

Weima geeft aan in het jaarverslag dat dit auditrapport volop aandacht heeft gekregen, zeker ook bij de raad van toezicht. “Dit onderzoek richtte zich vooral op de sturende rol van OCW, met het doel daar meer eenduidigheid in te krijgen. Het biedt een goede grondslag om de (sturings)relatie met OCW te verbeteren en het beleid nog effectiever te maken. Nuffic ziet uit naar verdere verdieping van de relatie met OCW.”

Deze audit van begin dit jaar heeft er toe geleid dat er een andere subsidierelatie komt met OCW, zo staat in de verslaglegging over 2017. “OCW wil de verantwoordingsrelatie met Nuffic de komende periode herijken. OCW betrekt daarbij de aanbevelingen uit het rapport dat de Auditdienst Rijk begin 2018 uitbracht in opdracht van het ministerie. Het gaat daarbij over de verantwoordingsinformatie (inhoudelijk beleidsrijker maken, aan laten sluiten op geoperationaliseerd internationaliseringbeleid van OCW) en ook de bekostigingsgrondslag van Nuffic (mogelijke alternatieven voor de huidige subsidierelatie). Gedurende 2018 geeft OCW in overleg met Nuffic opvolging aan dit rapport, leidend tot nieuwe bestuurlijke afspraken.”


Schrijf je in voor onze nieuwsbrief
«

ScienceGuide is bij wet verplicht je toestemming te vragen voor het gebruik van cookies.

Lees hier over ons cookiebeleid en klik op OK om akkoord te gaan

OK