Op de schouders van reuzen

Essay | door Luce Claessens & Steven Raaijmakers & Paul A. Kirschner
19 december 2018 | De wetenschap is net zoals het echte leven. Af en toe staat er een reus op en dan bouwen wij als gewone stervelingen daarop voort. In dit Kerstessay beschrijven Luce Claessens, Steven Raaijmakers en Paul A. Kirschner het gedachtegoed van twee reuzen uit het onderwijsonderzoek.
Giants Columns (Ierland) – Foto: Seb Smith

In 1675 schreef Isaac Newton in een brief aan concullega Robert Hooke: ‘Als ik verder heb gekeken dan anderen, dan was dit doordat ik op de schouders van reuzen stond’. Daarmee gaf hij aan dat de wetenschap vooruitgang boekt door te bouwen op eerdere ontdekkingen van anderen. Zo gaat dat meestal, zowel in de wetenschap als in het echte leven: af en toe staat er een reus op en dan bouwen wij als gewone stervelingen daarop voort.

Een tijdje geleden vroeg Sanna Järvelä, collega-hoogleraar aan de universiteit van Oulu (Finland) aan Paul Kirschner een lijst op te stellen van tien kernartikelen van reuzen uit de onderwijs- en cognitieve psychologie die alle leden in de vakgroep zouden moeten kennen. Om te zorgen dat de lijst niet te beperkt of gekleurd zou zijn door persoonlijke voorkeuren, werd de vraag ‘in de groep gegooid’ op Twitter en Facebook. Resultaat was een lange lijst boeken en artikelen. In februari 2017 verscheen het resultaat: een blog met titels aangevuld met samenvattingen. Dit succes smaakte naar meer, maar wat? Daarvan geven we u in dit artikel een voorproefje.

Daarna begon een route naar het boek. Monique Marreveld, hoofdredacteur van Didactief kwam met het idee om een boek te schrijven waarin circa 25 van die kernartikelen behandeld zouden worden; een boek dat niet alleen gaat over wat er precies onderzocht is en hoe, maar ook over wat leerkrachten er in de klas mee kunnen en hoe zij de kennis uit het onderzoek zelf kunnen toepassen, met verwijzingen naar aanvullend materiaal zoals blogs en video’s.

Dankzij een toevallige ontmoeting met Harrie van de Ven, voorzitter van het CvB van Optimus Primair Onderwijs, is een soort crowdfunding gerealiseerd waarbij tien po-besturen, één pabo en de PO-Raad elk een duit in het zakje deden. Dit geld werd gebruikt om twee voortreffelijk jonge academici van de Universiteit – Luce Claessens en Steven Raaijmakers – en redacteur Bea Ros te kunnen betalen.

Nu is het zover: Op de schouders van reuzen ligt klaar en is in het kerstpakket van de leerkrachten van de gulle geldschieters.

We geven hier een voorproefje van twee hoofdstukken: een hoofdstuk gebaseerd op het oudste artikel uit de reeks (over het belang van voorkennis) en een hoofdstuk gebaseerd op een meer recent verschenen artikel (over het zelfregulerend vermogen van leerlingen). Als je deze twee hoofdstukken naast elkaar zet zie je meteen dat het idee van het oudere werk zijn weg naar het onderwijs inmiddels heeft gevonden, het belang van voorkennis wordt erkend en meegenomen in het ontwerpen van onderwijs.

Het idee van het meer recente artikel is momenteel actueel en nog steeds onderwerp van schoolvernieuwingen. Hoe krijgen we leerlingen zover dat ze hun eigen leren gaan reguleren en sturen? Het is een thema waar menig leerkracht in Nederland bewust mee bezig is. Toch heeft ook het oudere artikel nog veel te bieden: door aloude principes af te stoffen en weer even stil te staan bij de fundamenten van ons onderwijs, wordt duidelijk waarom we lesgeven en leermiddelen maken zoals we het doen. We hopen dan ook dat het boek en de artikelen die daarin geëtaleerd worden leerkrachten inspireren om na de waan van de schooldag nog eens stil te staan bij hun lesgeven en ideeën bieden om in de eigen lespraktijk mee aan de slag te gaan.

Voorbeeld 1: Leren is bouwen op dat wat je al weet

Het oudste artikel uit het boek is een artikel van David Ausubel uit 1960 waarin hij betoogt dat voorkennis een van de meest bepalende factoren is bij het behalen van leerdoelen. Wat we moeten leren wordt, zoals Ausubel beschrijft, ondergebracht in bestaande kennisschema’s in ons hoofd; als het ware opgehangen aan mentale kapstokken. Zonder een goede kapstok of bewustwording daarvan, kunnen wij de nieuwe informatie nergens aan ophangen. Ausubel was in 1960 met zijn artikel een van de eersten die de rol van voorkennis onder de aandacht bracht. Drie jaar later schreef hij een van de meest belangrijke boeken uit de onderwijspsychologie, The psychology of meaningful verbal learning (1963).

Het idee is dat voorkennis ‘verpakt’ zit in cognitieve hersenstructuren, ook wel schemata genoemd die hiërarchisch georganiseerd zijn van algemene naar steeds specifiekere begrippen. Nieuw te leren kennis wordt ingevoegd in de bestaande structuren in onze hersenen (assimilatie) en past deze hersenstructuren tegelijkertijd ook aan (accommodatie). Dit noemde hij de subsumption theory.

Maar wat nu als een leerling weinig voorkennis heeft op een bepaald kennisgebied? Hoe zorg je als leerkracht dan voor een juiste verankering in bestaande kennisstructuren? Ausubel laat aan de hand van een experiment in dit artikel het effect zien van het gebruik van ankerbegrippen, ook wel kapstokken genoemd. Dit zijn begrippen die een centrale rol spelen in een kennisgebied. Als een leerling die onvoldoende heeft, moet je ze als leerkracht voorafgaand aan de nieuw te leren stof expliciet aanbrengen. Je kunt daarbij gebruikmaken van advance organizers: teksten, afbeeldingen, verhalen enzovoorts die je vooraf als kapstok aanbiedt.

Implicaties voor onderwijs

Het belang van voorkennis is de reden waarom veel leerkrachten in Nederland aan het begin van een nieuwe les samen met de leerlingen eerst kijken naar wat ze al weten. Ook onderwijsmethoden bieden, aan het begin van een nieuw blok, oefentoetsen aan om de voorkennis van leerlingen te evalueren en activeren.

"In de waan van het dagelijks lesgeven, staan we misschien weinig bewust stil bij de kracht van voorkennis."

Het expliciet maken van voorkennis van leerlingen kan leerkrachten helpen om zwakkere leerlingen te herkennen, het niveau van de les te bepalen of leerlingen in te delen in verschillende niveaugroepen. Maar, in de waan van het dagelijks lesgeven, staan we misschien weinig bewust stil bij de kracht van voorkennis. We zijn heel gericht bezig met allerhande doelen en resultaten, terwijl juist het achterom kijken zoveel effect heeft: de meest invloedrijke factor voor leren is dat wat de lerende al weet.

Voorbeeld 2: De zelfsturende leerling 

Alhoewel het gedachtengoed rondom zelfregulatie van leerlingen al voortkomt uit de jaren tachtig van de vorige eeuw, hebben we gekozen voor een artikel van Barry Zimmerman uit 2013. Bijzonder aan dit artikel is dat het, naast het beschrijven van verschillende modellen over zelfregulatie en hoe leerlingen daadwerkelijk tot zelfregulatie komen, ook het carrièrepad van Zimmerman zelf over dit thema wordt geschetst. Hierdoor krijg je als lezer een goed beeld van hoe deze onderzoekslijn zich heeft ontwikkeld en wat de status quo van deze theorie is.

Zelfregulatie van leerlingen is een thema dat nog steeds actueel is; op veel scholen werken leerlingen in eigen tempo en mogen ze zelf bepalen wanneer ze welke (dag- of week)taak maken. Om zelfstandig goed te kunnen leren moeten ze hun eigen leerproces kunnen plannen en sturen. Daarvoor hebben ze metacognitieve vaardigheden nodig, ze moeten kunnen nadenken over hun eigen leren. Bij zelfgestuurd leren zetten leerlingen deze vaardigheden in om hun leerdoelen en wensen te bepalen en vervolgens te realiseren. Vier vaardigheden spelen hierbij een rol: oriënteren op een probleem, plannen van een oplossing, monitoren van voortgang en evalueren van uitkomsten.

Uit onderzoek blijkt dat leerlingen met betere metacognitieve vaardigheden betere (school)prestaties behalen. De crux zit uiteraard bij/in wat goed is. Een goede planning is realistisch en haalbaar. Goed monitoren houdt in dat de leerling een accuraat beeld heeft van wat zij/hij wel en niet weet en kan. Goed evalueren houdt in dat de leerling eerlijk naar prestaties kijkt en nadenkt of een leerdoel behaald is en zo niet, hoe dat komt. Een goede evaluatie houdt ook in wat je de volgende keer anders kunt doen.

Implicaties voor onderwijs

Je leerproces goed kunnen sturen heeft dus nut. Helaas ontwikkelt metacognitie zich niet spontaan maar moet het (aan)geleerd worden. Zimmerman geeft aanwijzingen voor hoe deze vaardigheden geoefend kunnen worden. Begin hier al vroeg mee, bijvoorbeeld in de kleuterklas. Grootste aanbeveling is om expliciet aandacht te besteden aan plannen, monitoren en evalueren bij het werken in de klas.

"Helaas ontwikkelt metacognitie zich niet spontaan maar moet het (aan)geleerd worden."

Plannen kun je voordoen als leerkracht om er de leerlingen vervolgens mee te laten oefenen, eerst met kleine taken, uiteindelijk met weektaken. Monitoren kun je verbeteren bij leerlingen door ze bijvoorbeeld veel te laten oefenen met inschatten van hun prestaties en hen te belonen als de inschatting accuraat is. Stimuleer leerlingen ten slotte om na de taak, hun leren te evalueren en vast vooruit te denken aan de volgende taak. Bespreek deze vaardigheden met de leerlingen zoals je een rekenvaardigheid bespreekt: hoe accuraat was je planning, hoe denk je dat je het gedaan hebt en klopt dat, hoe zou je dit een volgende keer aanpakken? Zelfregulatie is geen vak zoals rekenen of spelling en krijgt daardoor wellicht minder vanzelfsprekend aandacht in de klassenpraktijk. Dit artikel laat echter zien hoeveel baat het leren van al die vakken kan hebben bij goede zelfregulerende vaardigheden.

Hopelijk smaakt dit voorproefje naar meer. Zo ja, de papieren editie is nu te koop voor onder de kerstboom. Daarnaast wordt het boek op 12 januari tijdens ResearchED Nederland in Nieuwegein gepresenteerd en online vrijgegeven via Creative Commons open access Wij hebben onze rechten op royalty’s afgestaan! . Dat betekent dat iedere leerkracht (in opleiding), ouder, schoolbestuurder, pabo-docent en -student, politicus en wie dan ook het boek gratis kan downloaden, om erdoor geïnspireerd te raken en zelf ook, samen met ons, op de schouders van reuzen te staan!

Luce Claessens :  Universitair docent

Luce Claessens is universitair docent op de afdeling Educatie aan de Universiteit Utrecht en coördinator van de Academische Lerarenopleiding Primair Onderwijs (ALPO). Ze verzorgt hier een aantal vakken en richt zich op de invulling en kwaliteit van het curriculum van deze opleiding. Hiervoor was zij leerkracht in het primair onderwijs.

Steven Raaijmakers :  Onderwijsadviseur en docent

Steven Raaijmakers is onderwijsadviseur bij Onderwijsadvies & Training aan de Universiteit Utrecht. Daarnaast is hij docent wetenschapsfilosofie bij de opleiding Onderwijswetenschappen. Hij is gepromoveerd in de onderwijswetenschappen op onderzoek naar zelfgestuurd leren.

Paul A. Kirschner :  Universiteitshoogleraar aan de Open Universiteit

Literatuurverwijzingen

Op de Schouders van Reuzen - Inspirerende inzichten uit de cognitieve psychologie voor leraren

Paul A. Kirschner (OU), Luce Claessens (UU) en Steven Raaijmakers (UU). 20190107 Op de schouders van reuzen Definitief download

The use of advance organizers in the learning and retention of meaningful verbal material.

Ausubel, D. P. (1960) – Journal of Educational Psychology, 51, 267-272. http://dx.doi.org/10.1037/h0046669 Te downloaden via: https://www.colorado.edu/ftep/sites/default/files/attached-files/ausubel_david_-_use_of_advance_organizers.pdf

From cognitive modeling to self-regulation: A social cognitive career path.


Schrijf je in voor onze nieuwsbrief
«

ScienceGuide is bij wet verplicht je toestemming te vragen voor het gebruik van cookies.

Lees hier over ons cookiebeleid en klik op OK om akkoord te gaan

OK