Tussen handelingsvrijheid en regelgeving

Verslag | door Tim Cardol
25 april 2019 | De mantra dat de mens centraal moet staan lijkt inmiddels overal in de zorg boven discussie verheven te zijn. Maar wat betekent dat precies? Een bundel die door onderzoekers van Inholland is samengesteld laat zien dat de interpretaties nogal uiteenlopen.
Thomas Kampen – Foto: Hilde de Wolf

Bij de KHMW in Haarlem presenteerde voormalig Inholland-lector Thomas Kampen afgelopen donderdag de bundel ‘De mens centraal, geen probleem?’ In de bundel gaan onderzoekers van Inholland in op wat het centraal stellen van de mens betekent binnen hun vakgebied, variërend van jeugdzorg en armoedebeleid tot sportkunde en psychiatrie. Kampen schreef de inleiding en slotbeschouwing van het boek.

Volgens Kampen is de betekenis van ‘de mens centraal’ samen te vatten aan de hand van drie H’s: hoofdzaak, holisme en humane verhoudingen. Kampen stelt dat dit onder meer inhoudt dat professionals in de zorg zich minder op regels en richtlijnen zouden moeten richten om ruimte te maken voor de behoefte van de mens. In dit verband refereert holisme aan het mensbeeld waarin de mens gezien wordt als een “vat vol kansen en mogelijkheden”.

Op zoek naar een betekenisvolle relatie

De humane verhoudingen waar Kampen op doelt, hebben betrekking op hoe zorgprofessionals en cliënten zich tot elkaar verhouden. “Het gaat om reflectie op de relatie die je hebt met cliënten en om het vertrouwen op de eigen ervaringskennis door professionals,” legt Kampen uit.

In de bundel concludeert Kampen dat ‘de mens centraal’ veel ruimte voor betekenisgeving en handelingsvrijheid bij professionals suggereert. “Maar intussen stuurt beleid sterk in de richting van meer eigen verantwoordelijkheid. Het is dus cruciaal te onderzoeken hoe de ‘mens centraal’ betekenis krijgt en met welk gevolgen.”

Gebruik het moreel kompas bij zoektocht naar goede zorg

Volgens de voormalig Inholland-lector moeten professionals in zorg en welzijn hun verbeeldingskracht aanspreken om zich in te leven in de mensen voor wie zij het werk doen. “Voor professionals die hun beklag doen over beleidsdoelen die niet stroken met de praktijk of die zelfs het streven naar professionele doelen in de weg staan, is het van groot belang dat er daadwerkelijk naar hen geluisterd wordt.”

Persoonlijke benadering

Maar hoe ziet een waardevolle relatie tussen professional en cliënt er dan uit? Tijdens de conferentie worden in tweegesprekken enkele voorbeelden uitgelicht. Ervaringsdeskundigen gaan in gesprek met onderzoekers van Inholland. Zo vertelt een voormalig cliënt over haar ervaringen in de geestelijke gezondheidszorg, waar ze naar eigen zeggen regelmatig tegen rigide regelgeving aanliep. “Soms werd bepaald gedrag mij verweten, terwijl dat gedrag nu juist was waarom ik de zorg nodig had.”

Hoe een persoonlijke benadering ook vorm kan worden gegeven laat Inholland-student sportkunde Annabelle de Wit zien. Zij ging tijdens haar afstudeerproject aan de slag om een jongen te ondersteunen die een passie had voor voetballen, maar door zijn autisme bij veel voetbalclubs werd afgewezen. “Sport is juist voor kinderen met een beperking heel belangrijk,” aldus De Wit. “Daarom is het zo jammer dat de drempels vaak zo hoog zijn.”

De Wit assisteerde een familie bij het vinden van de juiste sportclub en begeleiding voor hun zoon. Die persoonlijke benadering werd zeer gewaardeerd door de direct betrokkenen. “De personal coaches merken dat positieve ervaringen van hun kinderen met sport de ouders goed doen,” schrijven de onderzoekers over het project in de bundel.

Niet langer rekenen op een collectieve oplossing

“We zijn van verzorgingsstaat naar participatiesamenleving gegaan,” constateert Kampen bij tijdens de conferentie. De afgelopen decennia werd een terugtredende overheid de nieuwe norm zodat de eigen verantwoordelijkheid van burgers belangrijker werd. “De overheid stuurt erop aan dat mensen bij individuele problemen niet langer rekenen op een collectieve oplossing, maar zelf met een oplossing komen of op zijn minst naar vermogen bijdragen aan de oplossing”, aldus Kampen.

Meer dan ooit bestaat de publieke sector uit een complex netwerk van actoren die niet op voorhand één visie of belang hebben. Tijdens de conferentie werd ingegaan op de rol van het hoger beroepsonderwijs in de voorbereiding van burgers op hun rol in de zogenoemde ‘participatiesamenleving’. Een kritische houding ten aanzien van het eigen vak is daarbij een vereiste, ziet Kampen.

“Daarvoor moeten we professionals in staat te stellen om hun stem te laten horen richting management, bestuur en beleidsmakers, maar er tegelijkertijd voor waken dat het beeld ontstaat dat professionals het beleid even gaan veranderen. Het is kortom belangrijk dat professionals bewust zijn van de verschillende belangen in het beleidsveld en hun eigen rol daarin.


Schrijf je in voor onze nieuwsbrief
«

ScienceGuide is bij wet verplicht je toestemming te vragen voor het gebruik van cookies.

Lees hier over ons cookiebeleid en klik op OK om akkoord te gaan

OK