OCW neemt aanbevelingen Van Rijn grotendeels over

Nieuws | de redactie
21 juni 2019 | Het ministerie van OCW gaat de aanbevelingen uit het rapport van de Commissie Van Rijn grotendeels overnemen. Dat blijkt uit de reactie die minister Van Engelshoven op vrijdag naar de Tweede Kamer stuurt. Dat betekent dat er een verdeling van de middelen over de instellingen zit aan te komen, maar dat extra investeringen de zwaarste klappen daarbij opvangen.
(foto: Rijksoverheid)

“Een wissel omzetten betekent geen radicale koerswijziging. Urgente knelpunten worden aangepakt, zonder al te grote schokken. Dat is belangrijk voor de studenten, docenten en onderzoekers, om wie het in het hoger onderwijs en onderzoek gaat,” schrijft Van Engelshoven aan de kamer. Daarbij reageert zij op de titel van het rapport ‘Wissels om’ van de commissie Van Rijn.

Van Rijn maakt korte metten met competitiemodel in hoger onderwijs

In het advies van Van Rijn werd voorgesteld om meer geld vrij te maken voor bètatechnische opleidingen in het wo, extra te compenseren voor hbo-instellingen waar veel sprake is van ‘switch’. Verder moest de prikkel om zo veel mogelijk studenten toe te laten uit het bekostigingssysteem gehaald worden en stelde de commissie voor om 100 miljoen euro te herverdelen van de tweede naar de eerste geldstroom.

Van Rijn: Internationalisering drukt op bekostigingsprobleem

Bij de presentatie van het rapport in de Tweede Kamer gaf de minister al te kennen het advies integraal over te willen nemen. Ondanks de felle kritiek in reactie op het advies lijkt Ingrid van Engelshoven hier niet op terug te komen. Wel wil ze, zoals ze bij de presentatie van de Voorjaarsnota aankondigde, het leed veroorzaakt door de herverdeling verzachten. Die 27 miljoen voor bètatechniek in het wetenschappelijk onderwijs zullen al in 2019 ten goede komen aan de vier technische universiteiten maar nemen de negatieve herverdelingseffecten voor de andere universiteiten nog niet weg.

Compensatie voor switch, geen groeiprikkel

De commissie adviseerde de prikkel om te groeien in studentenaantallen weg te nemen door studentgebonden middelen over te hevelen naar de vaste rijksbijdrage voor onderwijs: de ‘vaste voet’. De minister neemt dit advies zowel in het hbo als wo over. In het hbo zal jaarlijks 272 miljoen van variabel naar vaste bijdrage gaan, in het wo 324 miljoen euro.

Van die 324 miljoen euro per jaar voor het wo zal 250 miljoen euro in 2022 bestemd zijn voor bètatechnische opleidingen, te verdelen aan de hand van studentenaantallen op die opleidingen. In 2020 en 2021 zal respectievelijk 103 en 115 miljoen van de 324 voor bètatechnische opleidingen zijn gemarkeerd. Ook zal een gedeelte van deze verschuiving naar de vaste voet beschikbaar zijn om de nadelige effecten van switchende studenten te compenseren — 21 miljoen in 2020, oplopend tot 50 in 2022 en verder.

Voor het hbo gaat er vanaf 2020 30 miljoen euro van de 272 miljoen naar bètatechnische opleidingen. Switchende studenten vormen op het hbo een groter probleem dan in het wo, dus zal de minister daar 130 miljoen euro voor reserveren. Dit is de helft minder dan de 260 miljoen die de commissie adviseerde om de hogescholen mee te compenseren.

Geen ruimere selectie bij bèta-opleidingen

Een ander punt waarop minister Van Engelshoven nadrukkelijk de D66-lijn blijft volgen, is dat met betrekking tot het selecteren van studenten. In reactie op Van Rijn stelt de minister dat zij de selectiemogelijkheden voor de bètatechnische opleidingen op dit moment niet wenst te verruimen.

Daarmee sluit Van Engelshoven zich aan bij partijgenoot en Kamerlid Paul van Meenen die zich altijd een fel tegenstander van selectie aan de poort heeft getoond. “Selectie kent een aantal belangrijke neveneffecten. Denk bijvoorbeeld aan ongewenste zelfselectie van bepaalde groepen. Bovendien blijken juist bewezen effectieve selectiemethoden een negatief effect te hebben op de toegankelijkheid voor bepaalde groepen studenten.”

De minister kondigt aan kritisch te willen gaan kijken naar reeds bestaande selectiecriteria in het hoger onderwijs en wat deze betekenen in het kader van de kansengelijkheid. Nadere uiteenzetting daarvan zal zij geven in de nog te verschijnen Strategische Agenda Hoger Onderwijs.

4TU moet voortouw nemen in verbetering studiesucces

Zoals verwacht, zullen de vier technische universiteiten er financieel op vooruit gaan. TU Delft komt daarbij als de grootste winnaar uit de bus. Verder zullen alle universiteiten vanaf 2022 moeten inleveren. Dit zal de drie jongste universiteiten het hardst raken: de Erasmus Universiteit Rotterdam, Universiteit Maastricht en Universiteit Tilburg zullen vanaf 2022 twee procent van de rijksbijdrage moeten missen. De overige brede, ‘klassieke’  universiteiten zien hun rijksbijdrage vanaf 2022 tot die twee procent slinken. De herverdeling zal niet in twee jaar – zoals de commissie adviseerde – maar in drie jaar plaatsvinden.

Voor de technische universiteiten betekent deze investering wel dat zij maatregelen zullen moeten treffen om hun studiesucces te verbeteren, zo schrijft de minister. “Ik vraag de universiteiten met bètatechnische opleidingen gezamenlijk voor de zomer van 2020 met een plan te komen waarin tegemoet wordt gekomen aan de knelpunten in de sector op onderwijsgebied. Ik zie daarin een trekkersrol voor de vier technische universiteiten.”

Geen negatieve herverdelingseffecten voor hogescholen

Bij de hogescholen zullen dankzij de middelen uit de Voorjaarsnota geen negatieve herverdelingseffecten zijn. De minister kiest er daarom voor om de herverdeling in 2020 te laten ingaan. Vanaf dan zal er 30 miljoen beschikbaar komen voor bètatechniek in het hbo.

De flinke investeringen in bètatechniek roepen de vraag op welke opleidingen en instellingen precies onder die noemer vallen. In een reactie aan ScienceGuide laat OCW-woordvoerder Michiel Hendrikx weten dat de brede definitie van het Techniekpact is gehanteerd. “Groen valt daar ook onder”, aldus Hendrikx.

De Vereniging Hogescholen toont zich in een eerste reactie tevredengesteld. “Wij hebben ervoor gepleit studenten op de hogescholen niet de dupe te laten worden van budgettaire verschuivingen, de minister heeft daar gehoor aan gegeven,” zo laat voorzitter Maurice Limmen weten.

In een eerste reactie laat de VSNU weten de herverdeling te typeren als een “politieke keuze” en spreekt over het “verplaatsen in plaats van oplossen van knelpunten.” Daarnaast komt de VSNU met procedureel-inhoudelijke kritiek dat het ministerie al een koers inslaat met herverdelen, zonder te weten of niet ook andere vakgebieden daardoor in de knel komen – zoals bepleit in de motie van Kamerlid Lisa Westerveld. “Deze ingreep sluit niet aan bij het aangekondigde onderzoek naar de toereikendheid van het macrobudget.”

De Rijksuniversiteit Groningen gaat zelfs een stap verder en noemt het besluit van de minister zelfs ‘desastreus’. “‘Ik vind het vreemd dat we in tijden van economische groei en met een begrotingsoverschot moeten bezuinigen. Ik roep de minister op om het aangekondigde onderzoek naar de toereikendheid en bekostiging van het hoger onderwijs eerst af te wachten alvorens een besluit te nemen over de herverdeling,” stelt collegevoorzitter Jouke de Vries. In de reactie van de VSNU was al een van de ‘desastreuze’ mogelijke gevolgen te lezen: “de gemaakte politieke keuzes leiden potentieel tot honderden ontslagen en gaan ten koste van kwaliteit en toegankelijkheid.”

Het advies van de Commissie Van Rijn leidde vorige week tot onrust binnen de universiteitenkoepel. Klassieke universiteiten spraken zelfs over verraad van de 4TU. In het statement dat de VSNU nu verstuurt ten aanzien van de Kabinetsreactie lijkt het er op dat Pieter Duisenberg de neuzen weer de zelfde kant op heeft gekregen.

Overheveling tweede naar eerste geldstroom

Afgelopen september stelde de VSNU al voor om €100 miljoen over te hevelen van NWO naar de universiteiten om meer rust te brengen in het systeem. Dit voorstel werd buiten de oorspronkelijke opdracht om eveneens gedaan door de commissie Van Rijn. NWO, VSNU en KNAW zijn daarop samengekomen om een voorstel voor een ‘verantwoorde’ overdracht te doen.

Uit die gesprekken is een gezamenlijk voorstel gekomen waar de VSNU en NWO hun handtekening onder hebben kunnen zetten. Het gaat hierbij niet om de financieringsprogramma’s van NWO zoals de Vernieuwingsimpuls. De minister gaat akkoord met het voorstel om €60 miljoen over te hevelen per 2020, waarvan €40 miljoen uit de SEO-regeling en €20 miljoen aan sectorplannen. Vanaf 2021 komt hier €40 miljoen bij na een selectie te maken uit andere instrumenten van NWO.

Opvallend is de keuze van de minister om ook de veel gelaakte matching met rust te laten. Matching is de compensatie, soms financieel maar meestal in ‘uren’, die instellingen tegenover een subsidie van NWO of andere financier moeten stellen. Uit eerder onderzoek van het Rathenau Instituut bleek dat juist deze matching een groot beslag legt op de eerste geldstroom – en dus de autonome investeringsruimte van instellingen. De minister benoemt in haar Kamerbrief deze matchingsdrang wel, maar trekt niet de conclusie om iets te doen aan de matchingsplicht, of de Vernieuwingsimpuls in te krimpen.

Minister laat studievoorschotmiddelen met rust

Een belangrijke aanbeveling uit het rapport die door Van Engelshoven in de wind wordt geslagen is het voorstel om gebruik te maken van de studievoorschotmiddelen. Volgens Van Rijn zouden deze gebruikt kunnen worden om de mogelijke herverdeeleffecten in de bekostiging te verzachten. De minister geeft aan daar niet aan te willen en heeft dekking gevonden in de Voorjaarsnota.

“Ik wil de studievoorschotmiddelen behouden voor het doel waarvoor ze bestemd zijn: kwaliteit van het onderwijs verbeteren,” schrijft de minister in de Kamerbrief.  Wanneer de hogescholen en universiteiten wel een kasschuif willen van de studievoorschotmiddelen, zouden zij, zoals ik eerder heb aangegeven, samen met ISO en LSVb moeten komen tot een gedragen voorstel voor versnelde inzet van de studievoorschotmiddelen.” 


Schrijf je in voor onze nieuwsbrief
«

ScienceGuide is bij wet verplicht je toestemming te vragen voor het gebruik van cookies.

Lees hier over ons cookiebeleid en klik op OK om akkoord te gaan

OK