Voor Latijns-Amerika is Plan S niet de oplossing

Nieuws | door Sicco de Knecht
17 juli 2019 | Weerstand tegen Plan S uit Zuid-Amerika drukt het ‘Global North’ met de neus op de feiten. Plan S gaat te veel uit van het model van betalen per artikel en ziet daarbij niet-commerciële opties veelal over het hoofd, zeggen Latijns-Amerikaanse onderzoekers.
Foto: luisar (CC BY-SA 2.0)

Wil het ambitieuze open access Plan S van de Europese coalitie van academies en onderzoeksfinanciers slagen, dan is het van cruciaal belang dat die coalitie groeit. “Als we nu niet verder groeien, dan vrees ik dat het plan gefaald heeft,” stelde NWO-voorzitter Stan Gielen onlangs in een interview met ScienceGuide. Maar hoe populair is het plan buiten Europa eigenlijk?

In een recent verschenen opinie op open access publicatieplatform PeerJ leggen de Argentijnse bioloog Humberto Debat en open access adviseur Dominique Babini Plan S het vuur aan de schenen. Volgens hen legt het debat over Plan S pijnlijk bloot hoe groot de verschillen in publicatiecultuur zijn tussen het Global North en Global South De termen Global North en South worden in de Angelsakische literatuur veelal gebruikt om een socio-economische en politieke scheiding in de wereld aan te duiden. .

De auteurs reageren met hun artikel in de eerste plaats op de – in hun ogen premature – beslissing van Argentinië om Plan S te steunen. Onlangs brachten de EU en Argentinië naar buiten dat het land zich aan zou sluiten bij cOAlition S. Een slecht idee gezien de Argentijnse context en die van de landen erom heen, stellen ze. Ze raden andere overheden en funders in Latijns- en Midden-Amerika dan ook af om hun handtekening onder het plan te zetten.

Het verkeerde gevecht

De kritiek van Debat en Babini spitst zich in de eerste plaats toe op de algemene insteek van Plan S. Volgens hen benadert het plan wetenschappelijke publicaties onterecht als koopwaar die vercommercialiseerd kan worden. Precies het verkeerde frame, zo stellen ze. In Latijns-Amerika worden wetenschappelijke kennis en dus ook publicaties in de eerste plaats gezien als een publiek goed.

In hun betoog wijzen de onderzoekers op de lange geschiedenis van de open access beweging in Ibero-Amerikaanse Ibero-Amerika omvat het geheel aan landen waar Spaans of Portugees de predominante talen zijn. Dit zijn de landen uit Zuid-Amerika (exclusief Suriname en de Guyana’s), Midden-Amerika en (in sommige definities) Spanje en Portugal. landen. “In dit initiatief, dat het wereldwijde landschap van publiceren ongetwijfeld zal beïnvloeden, zien we maar weinig terug van de open access agenda waarmee de afgelopen twintig in de Global South is gewerkt. Het negeert de specifieke context van het publiceren in Latijns Amerika.”

Ze wijzen daarbij op de vele niet-commerciële publicatieplatforms en netwerken die de wetenschappelijke gemeenschap in deze regio rijk is. Zo is er het open access netwerk Redalyc dat al meer dan een half miljoen publicaties uit meer dan duizend tijdschriften omvat, en AmeliCA: een inter-institutionele wetenschappelijke gemeenschap waar ook UNESCO bij aangesloten is.

Voorstellen Plan S naïef en neerbuigend

Waar de auteurs het belang van openheid en toegankelijkheid onderstrepen, is het volgens hen niet aan overheden om instellingen of funders te verplichten te betalen voor open access. In het verlengde van hun kritiek op de commerciële focus van Plan S hekelen de auteurs dan ook het feit dat een groot deel van de discussie zich lijkt toe te spitsen op de Article Processing Cost (APC) De APC is een bedrag dat de uitgever of het tijdschrift in rekening brengt bij de auteur(s) om de kosten van verwerking en publicatie te dekken. Meestal betaalt de instelling of de subsidieverstrekker deze kosten. De vraag wat een ‘eerlijke’ APC is houdt de gemoederen flink bezig. .

Plan S stelt voor om zogenaamde ‘ongeprivilegeerde landen’ te ontzien door APC’s te limiteren of kwijt te schelden. Volgens de auteurs is dit “een naïef en neerbuigend antwoord op de financiële beperkingen die onderzoekers in landen met beperkte onderzoeksmiddelen ervaren.” Het legt volgens hen bloot hoe paternalistisch er wordt gedacht over het mondiaal delen van kennis. “Het reduceert de Global South tot een passieve waarnemer die geen controle heeft over wereldwijde overeenkomsten tussen rijke overheden en een handjevol uitgevers met een oligopolie.”

Het gesprek moet dan ook niet gevoerd worden langs deze lijnen. “Het plan faalt erin om de chronische problemen van de traditionele wetenschappelijke publicatiepraktijk te adresseren, zoals de concentratie van artikelen bij grote internationale uitgevers met buitengewone winstmarges die bovendien worden gesubsidieerd met onderzoeksgeld en onbetaalde arbeid [van onderzoekers, red].”

Een onbetaalbaar plan

In navolging van kritieken uit onder andere India stellen Debat en Babini dat APC’s in feite niet veel anders bewerkstelligen dan een overdracht van onderzoeksmiddelen uit de Global South naar de rijke commerciële uitgevers in het Global North. “We kunnen daarnaast niet genoeg benadrukken dat wat doorgaat voor een redelijke APC in het Global North onbetaalbaar is voor instituten uit ontwikkelingsgebieden.”

Wat de hoogte van de APC betreft is zelfs onder ‘welgestelde’ onderzoekslanden en instituten onenigheid. Zo was de inzet van Gerard Meijer als onderhandelaar van het Duitse open access consortium Projekt DEAL vorig jaar nog een APC van €3800, terwijl NWO in dat kader bedragen noemt van €1500 als redelijke vergoedingen. Die bedragen staan totaal uit het lood, zo stellen de Argentijnse auteurs die erop wijzen dat sommige online tijdschriften artikelen publiceren voor $10 per stuk zolang er geen winstoogmerk is.

Een ander ongewenst gevolg van het tekenen van Plan S zou volgens de auteurs ook kunnen zijn dat tijdschriften die momenteel geen APC in rekening brengen, dat in de toekomst wel gaan doen. “Dat zou het plausibele effect kunnen hebben dat onbetaalbare APC’s er in het Global South toe leiden dat Latijns Amerikaanse onderzoekers nog wel wetenschappelijke artikelen kunnen lezen, maar niet publiceren.”

Plan S vergroot de kloof

De weg naar voren is volgens de auteurs niet om commerciële uitgevers via APC’s te dwingen tot meer openheid, maar meer te investeren in de al bestaande niet-commerciële alternatieven.  “Onze gelimiteerde middelen moeten worden aangewend om deze not-for-profit initiatieven te onderhouden en op te schalen in plaats van dat we het opzettelijk weg laten vloeien naar marktgeoriënteerde tijdschriften.”

Daarnaast wijzen ze op de juridische mogelijkheden van overheden om open access af te dwingen. Alhoewel deze optie in Europa niet serieus wordt overwogen, wijzen ze op initiatieven van onder andere de overheden van Argentinië, Peru en Mexico die publieke toegang tot publiek gefinancierd onderzoek afdwingen. “De essentie van deze wetgeving is dat kennis als publiek goed, betaald door de maatschappij, ook toegankelijk moet zijn voor alle burgers.”


Schrijf je in voor onze nieuwsbrief
«

ScienceGuide is bij wet verplicht je toestemming te vragen voor het gebruik van cookies.

Lees hier over ons cookiebeleid en klik op OK om akkoord te gaan

OK