Arbeidsmarktvraagstuk grootste uitdaging voor hbo

Interview | door Tim Cardol
15 oktober 2019 | Eind dit jaar presenteert minister Van Engelshoven haar Strategische Agenda Hoger Onderwijs. Voor universiteiten en hogescholen is dit aanleiding hun kaarten op tafel te leggen. Maurice Limmen is nu een jaar voorzitter van de Vereniging Hogescholen (VH). Wat wenst hij voor het hbo?
Maurice Limmen, voorzitter van de Vereniging Hogescholen. Foto: Henriëtte Guest

“Voor mij begint dat met de vraag wat de belangrijkste uitdaging is voor het hoger beroepsonderwijs de komende jaren,” begint Limmen als hem gevraagd wordt wat de inzet van de VH bij het ministerie van OCW. Volgens de voorzitter van de hogescholenkoepel moet het hoger beroepsonderwijs een antwoord vinden op een aantal grote maatschappelijke vraagstukken.

“Dan denk ik aan de verduurzaming van de landbouw, maar ook goede zorgverlening in het kader van de vergrijzing. Wat betekenen dit soort ontwikkelingen voor de verandering van beroepen?” Limmen wijst meermaals in het interview op het rapport van de OESO van december vorig jaar, een rapportage over de verandering van arbeid. “De helft van de banen gaat fundamenteel veranderen of verdwijnen. Hoe je het ook wendt of keert. De banen die ervoor in de plaats komen, zullen banen voor hoger opgeleiden zijn.”

Of die voorspellingen daadwerkelijk gaan betekenen dat veel banen in het middensegment gaan verdwijnen is nog ongewis. Niettemin grijpt Limmen het arbeidsmarktvraagstuk aan als belangrijkste uitdaging voor het hele beroepsonderwijs. “Ik denk dat we uitstekend gepositioneerd zijn om een rol te spelen in die veranderingen. Maar als die vraagstukken zo hard op ons afkomen, is het zaak dat het hbo ook in staat wordt gesteld om daar in toenemende mate een antwoord op te bieden.”

Het arbeidsmarktvraagstuk betekent voor Limmen concreet dat er meer ruimte komt voor praktijkgericht onderzoek, dat het dossier leven lang ontwikkelen serieus wordt opgepakt en dat er meer professionele masters komen. Ook moet de zogenaamde ‘derde cyclus’ een plek krijgen in het hbo, als Professional Doctorate. Dat laatste is iets waar de VH onlangs samen met de VSNU in een position paper over de doorontwikkeling van het binair stelsel voor pleitten.

"Het gaat erom dat mensen de ruimte krijgen om zich in het beroepsonderwijs verder te ontplooien. De binariteit is daar juist iets dat duidelijkheid geeft."

Trekken met de uitbreiding van het masteraanbod en de Professional Doctorate het hbo en wo niet juist meer naar elkaar toe? “Ik vind van niet. Het is juist niet het doel dat de systemen op elkaar gaan lijken. Het is de bedoeling dat we de eigenheid van het beroepsonderwijs ermee benadrukken. Wat we volgens mij moeten willen is dat mensen die zich beroepsmatig willen ontwikkelen daarvoor kunnen kiezen. Dat betekent dat er meer masters moeten komen en dat studenten verder onderzoek kunnen doen. Het gaat erom dat mensen de ruimte krijgen om zich in het beroepsonderwijs verder te ontplooien. De binariteit is daar juist iets dat duidelijkheid geeft.”

Die duidelijkheid is er nu nog niet altijd. Zo kiezen nog altijd maar weinig vwo’ers na hun eindexamen voor een hbo-opleiding, terwijl dat hen in veel gevallen vaak beter past dan een wetenschappelijke studie, denkt Limmen. Zowel de VSNU als VH willen dan ook dat de ‘wisselstroom’ tussen beiden wordt verbeterd. Uitbreiding van het aanbod aan professionele masters is daar onderdeel van.

“Hoe kunnen we ervoor zorgen dat het hbo zo gepositioneerd is dat mensen daarvoor kiezen om de juiste redenen,” vraagt Limmen zich af. “En hoe zorg je er vervolgens voor dat als je mensen binnen krijgt, dat je hen goed faciliteert? Dat betekent ook dat als iemand meer een praktijkgerichte interesse heeft, je moet zorgen dat iemand op een makkelijke manier de overstap kan maken.” Ook een wo-bachelorstudent moet makkelijk in kunnen stromen in een professionele master.

Dat vraagt wat van het hoger onderwijs op het gebied van begeleiding. In de strategische agenda ‘Professionals voor morgen’ die de Vereniging Hogescholen aan het begin van dit collegejaar presenteerde, wordt dan ook in gegaan op talentontwikkeling. Logischerwijs komt daar ook het bindend studieadvies in naar voren. “Een bsa heeft, mits goed ingezet en met de juiste begeleiding en flankerend beleid, een goede verwijzende functie voor studenten die weinig kans hebben om de studie succesvol af te ronden,” wordt in de agenda gesteld.

“Waar het om gaat is dat we met elkaar hebben gezegd dat we er meer bovenop kunnen zitten om te signaleren als een studie iemand niet past. En een van die signalen is natuurlijk dat iemand zijn punten niet haalt,” verduidelijkt Limmen het standpunt van de VH. “Je kunt je daarbij nog de vraag stellen hoe bindend dat moet zijn. Als ik op een hogeschool zou zitten en een docent of studiebegeleider zou mij na een aantal maanden zeggen dat ik me moet afvragen of dit wel de juiste studie is, dan zou dat wel indruk maken.”

Een ethische opdracht

Het belangrijkste is volgens Limmen dat studenten geholpen worden op hun weg naar de arbeidsmarkt. “En dat is heel nadrukkelijk dus niet vanuit het idee je al gekozen hebt en het dus maar moet afmaken. Het kan ook zo zijn dat er uitkomt dat je interesse of talenten op een ander vlak liggen. Dat is wat we studentsucces noemen. Dan heb je als hoger onderwijsinstelling ook echt maatschappelijke meerwaarde.”

Limmen noemt het een ‘ethische opdracht’ van het onderwijs om een student afdoende klaar te stomen voor een plek op de arbeidsmarkt. “Ik vind dat we de verantwoordelijkheid hebben om ervoor te zorgen dat mensen hun brood kunnen verdienen met hun opleidingen.” Dat betekent ook dat het hbo zich voortdurend blijft afvragen wat de maatschappelijke meerwaarde is van het eigen opleidingsaanbod.

"Als je zegt dat iemand niet zus mag studeren, dan is het niet gezegd dat diegene dan wel datgene gaat studeren wat je zou willen."

Bij de opening van het onderwijsjaar was het vicepremier Hugo de Jonge die in Rotterdam een pleidooi hield voor een iets dwingender hand bij studiekeuze. Ook Ron Bormans (Hogeschool Rotterdam) is daar voor, kijkend naar de forse instroom in het economisch domein. “Ik weet wat Ron daarvan vindt, binnen de vereniging hebben we afgesproken dat we ook het economisch domein nog eens goed onder de loep gaan nemen ” zegt Limmen die tegelijkertijd waakt voor overhaaste ingrepen in een volgens hem complex vraagstuk.

“Het gaat niet alleen over de economieopleidingen, het gaat ook over de zorg, de techniek en het onderwijs. Als je zegt dat iemand niet zus mag studeren, dan is het niet gezegd dat diegene dan wel datgene gaat studeren wat je zou willen.” Volgens Limmen moet er dan ook met een bredere blik naar het probleem gekeken wordt.  “Het is een bekende discussie tussen enerzijds de vrijheid van studiekeuze en anderzijds wat de effecten van die vrijheid zijn.”

“We hebben nu eenmaal een stelsel gebaseerd op de studiekeuzevrijheid. Het is zaak dat we mensen zo goed mogelijk begeleiden op een manier die hen zelf ook voldoende perspectief geeft.” Met het oog op de tekorten in de zorg en de techniek ziet Limmen dan ook perspectief in het inbrengen van techniek in andere domeinen.

“Je kunt ook kijken hoe je meer technische elementen in andere studies kunt laten terugkomen. Als dat ervoor zorgt dat mensen een grotere kans hebben om langdurig aan de slag te blijven, nemen we op die manier ook onze verantwoordelijkheid,” zegt Limmen die onder meer wijst op de inzet van virtual reality op de pabo’s en de nadruk op programmeren in het economisch domein.

Het gaat er volgens Limmen in de kern om dat het hbo-professionals voldoende equipeert voor een veranderende arbeidsmarkt. “Hoe zorgen wij ervoor dat de transitie van die beroepen, dat we die kunnen bijhouden? Als je dat wilt dan zul je ook moeten investeren, bijvoorbeeld in het praktijkgericht onderzoek.”

Volgens Limmen is het onderzoek bij uitstek een loot aan de stam van het hbo die ervoor zorgt dat ontwikkelingen op de arbeidsmarkt worden bijgehouden. Vandaar ook dat de VH er voor pleit om het Professional Doctorate een kans te geven. “De waarde van het praktijkgericht onderzoek wordt steeds relevanter als die praktijk steeds sneller verandert.  Als al die vraagstukken zo hard op ons afkomen dan lijkt het me logisch dat het hbo in staat wordt gesteld om daar in toenemende mate antwoord op te bieden.”

Publieke verantwoordelijkheid voor leven lang ontwikkelen

Het hoger beroepsonderwijs moet dus een breder palet aan onderwijs- én onderzoeksvormen kunnen gaan ontwikkelen om in te kunnen spelen op de steeds sneller veranderende arbeidsmarkt. Maurice Limmen wil tot slot toch nog een aspect toevoegen aan zijn verlanglijstje voor hoe het hoger beroepsonderwijs zich de komende jaren moet ontwikkelen.

“Mijn ideaalbeeld zou zijn dat als een hbo-afgestudeerde op een gegeven moment merkt dat zijn beroep dreigt te verdwijnen, dat ie dan terug kan gaan naar zijn of haar hogeschool. Dat ie dan in gesprek kan gaan met zijn docent, die in nauwe verbinding staat met het werkveld. En dat ze dan samen gaan bekijken wat er aan bijscholing nodig is om weer aan de slag te kunnen.”

Dat vraagt natuurlijk investeringen, ziet ook Limmen die het dossier leven lang ontwikkelen als zeer ‘taaie materie’ bestempelt. “De allereerste vraag is: zien we een publieke verantwoordelijkheid voor om- en bijscholing? Als het antwoord ‘ja’ is, en dat vinden wij als Vereniging Hogescholen, dan ga je met elkaar op een lange reis.”

Moet die financiering komen in de vorm van vouchers of andere vormen van persoonlijk budget? “Je moet nadenken over de financiering. Voor mij bestaat er altijd een persoonlijke verantwoordelijkheid, maar er is ook een maatschappelijke verantwoordelijkheid én een verantwoordelijkheid bij werkgevers. Je moet elkaar vinden in een bepaald evenwicht. Daarbij wil ik wel gezegd hebben dat als we een beroep doen op werkgevers om daar de buidel voor te trekken, dan moeten we ook niet te beroerd zijn om heel open het gesprek te voeren over waar het dan heen moet met die bijscholing.”


Schrijf je in voor onze nieuwsbrief
«

ScienceGuide is bij wet verplicht je toestemming te vragen voor het gebruik van cookies.

Lees hier over ons cookiebeleid en klik op OK om akkoord te gaan

OK