Ook de bakker om de hoek participeert nu in publiek-private samenwerking

Nieuws | door Tim Cardol
1 oktober 2019 | Een nieuwe impactmeting van Katapult laat zien dat inmiddels ruim 80.000 studenten participeren in meer dan 300 publiek-private samenwerkingen in het mbo en hbo. Het aantal bedrijven dat meedoet tikt bijna de 10.000 aan. Volgens aanjager Pieter Moerman zijn dat allang niet meer alleen de bekende grote bedrijven. Ook de bakker om de hoek doet steeds vaker mee.
Hans de Jong en Pieter Moerman

Begin deze eeuw ontstonden de eerste publiek-private samenwerkingen vooral uit opleidingsbedrijven. Ze waren gericht op de scholing van specifieke beroepsgroepen. Inmiddels is een groot netwerk van samenwerkingsverbanden in zowel het primair en voortgezet onderwijs als het beroepsonderwijs actief.

Onder de vlag van Katapult hebben inmiddels ruim 300 van deze innovatiecentra zich verenigd. Een impactmeting uitgevoerd door Platform Talent voor Technologie laat zien dat er meer dan 80.000 studenten actief zijn bij een van deze centra.

Volgens Pieter Moerman is die groei tweeledig. “Er zijn natuurlijk ook nieuwe publiek-private samenwerkingen bijgekomen, maar de echte groei van het aantal studenten dat deelneemt zit toch in de opschaling van de centra. Dat is volgens mij het bewijs dat het concept ook echt werkt.”

Ook de bakker wil steun bij digitalisering

Moerman is programmaleider van het Platform Talent voor Technologie en aanjager van Katapult. Hij is blij met de opschaling van de centra en is bovendien opgetogen over het feit dat ook het kleine mkb steeds meer aansluiting weet te vinden. “Dan gaat het letterlijk om de bakker om de hoek. Die wil ook stappen zetten op het gebied van digitalisering bijvoorbeeld en daar kunnen onderwijsinstellingen hen mee helpen.”

Ambassadeur van Katapult en CEO van Philips Hans de Jong ziet hoe de innovatiecentra volwassen aan het worden zijn. “Je ziet blijkbaar dat we met Katapult in het hart zitten van waar we naar toe willen. We kunnen ons met name met nieuwe dingen bezighouden. Dat zegt iets over het concept en de behoefte er aan.”

Impactmeting Katapult 2019

De cijfers in de impactmeting zijn gebaseerd op een enquête die in het voorjaar van 2019 is afgenomen onder 191 samenwerkingsverbanden, en de netwerkkaart met ruim 300 samenwerkingsverbanden en hun partners. Daaruit blijkt onder meer dat het aantal bedrijven dat intensief samenwerkt met het mbo en hbo sinds 2016 is gestegen van 6.000 naar 9.800, een groei van 58 procent in twee jaar.

Regionale steun voor innovatiecentra

Een belangrijke impuls van de innovatiecentra komt vanuit de regio. Provincies zien de meerwaarde van de infrastructuur die door publiek-private samenwerkingen ontstaat voor de regionale arbeidsmarkt. Zo ondersteunt de Provincie Flevoland de Bio Academy. En in de Zaanstreek werken overheden aan de realisatie van een ZaanCampus voor techniek. Al deze initiatieven hebben extra steun gekregen door de inspanningen die in het Techniekpact zijn gedaan.

Provincies lossen voorzichtig de belofte van het Techniekpact in

Wat opvalt in de impactmeting is dat het zwaartepunt van de publiek-private samenwerkingen ligt in het technisch domein. Met name innovatiecentra in de ICT, bouw en high tech systemen en materialen zijn goed vertegenwoordigd, terwijl de creatieve industrie en de zorg een stuk minder aanwezig zijn.

Een ingewikkelder gesprek

De samenwerkingsverbanden verschillen sterk in de mate waarin ze zich op één opleiding, een opleidingsdomein óf juist een zeer divers palet aan opleidingen bevatten. In het mbo is maar liefst 56 procent gericht op één domein, en 22 procent nadrukkelijk intersectoraal. In het hbo is vrijwel geen enkel Centre of expertise gericht op één opleiding, maar meestal op een domein (54 procent).

Joeri van den Steenhoven, bestuurslid van Hogeschool Leiden, ziet ook die diversiteit in de samenwerking. “De publiek-private samenwerking vindt niet meer plaats binnen een sector, maar gaat over sectoren heen. Dat geeft een hele andere dynamiek. Als je dat gaat mengen dan is dat een ingewikkelder gesprek.”

Volgens De Jong is die sectoroverstijgende aanpak ook van belang om het onderwijs en bedrijfsleven samen een antwoord te laten vinden vinden op de maatschappelijke vraagstukken van deze tijd. “Daar komt nu bijvoorbeeld kunstmatige intelligentie bij.” Van den Steenhoven beaamt dat. “We zijn echt naar een tijd aan het gaan waarin het gaat om maatschappelijke uitdagingen en minder om producten. Mark Zuckerberg en Steve Jobs zijn minder interessant.”

Van den Steenhoven heeft vanuit zijn werk veel ervaring met het verbinden van bedrijven en maatschappelijke partijen en onder meer Canada en de Verenigde Staten. “Daar is het misschien iets minder vaak de overheid die het voortouw neemt, maar de vraagstukken zijn natuurlijk hetzelfde.”


Schrijf je in voor onze nieuwsbrief
«

ScienceGuide is bij wet verplicht je toestemming te vragen voor het gebruik van cookies.

Lees hier over ons cookiebeleid en klik op OK om akkoord te gaan

OK