Corona zorgt voor enorme werkdruk, maar ook veerkracht in het hbo

Nieuws | door Frans van Heest
30 september 2020 | Uit onderzoek onder studenten, docenten en bestuurders van de Hanzehogeschool blijkt dat de instelling goed weet om te gaan met de coronacrisis en de overgang naar online onderwijs, maar de werkdruk is wel enorm gestegen.
Van Doorenveste Hanzehogeschool Foto: Frank de Kleine

Praat over emoties, deel ervaringen, maak de werkdruk bespreekbaar en zet kennisnetwerken op: Dit zijn een aantal aanbevelingen naar aanleiding van een onderzoek naar de ervaringen van studenten, docenten en bestuurders van de Hanzehogeschool, met het online onderwijs de eerste weken van de coronacrisis. De Hanze-onderzoekers Ning Ding en Marca Wolfsenberger komen in het onlangs gepubliceerde onderzoek met een aantal bevindingen en aanbevelingen voor de toekomst.

Hoe ervaarde de Hanze deze crisis?

De Groningse onderzoekers stellen dat de coronapandemie miljoenen docenten over de hele wereld dwingt om online les te geven. Docenten onderzoeken en experimenteren met verschillende digitale vormen om het onderwijs op een andere manier inhoud te geven en om op een nieuwe manier te communiceren met studenten en collega’s. De Hanze heeft onderzoek gedaan naar de ervaringen onder haar 17 verschillende Scholen.

Op 12 maart heeft de Nederlandse overheid besloten dat onderwijsgebouwen vanaf 13 maart niet meer open mochten voor onderwijs en onderzoek. De onzekerheid over het fysieke onderwijs bleef bestaan naarmate de genomen maatregelen werden uitgebreid en strenger werden. Tijdens de eerste weken van de lockdown veranderden de verwachtingen per dag. Uiteindelijk is besloten om al het fysieke onderwijs tot 1 juni op te schorten. De Hanze besloot op 8 mei om tot de zomervakantie online onderwijs aan te bieden.

Geleerde lessen

De gegevens voor dit onderzoek zijn eind april verzameld. Dit was de eerste periode van de snelle overgang van fysiek naar online onderwijs. Daarnaast was het een periode van onzekerheid over hoelang dit nog zou kunnen duren. De Hanze-onderzoekers waren vooral geïnteresseerd in hoe het lesgeven veranderde door het online onderwijs, maar ook wat er kan worden geleerd voor de toekomst. De focus in dit onderzoek ligt daarbij op de geleerde lessen en de urgente problemen die moesten worden opgelost aan het begin van de coronacrisis.

Dit onderzoek doet verslag van de ervaringen van docenten, studenten en bestuurders in de eerste vijf weken van de pandemie. Deze studie maakt daarmee onderdeel uit van een groter onderzoeksproject dat onderzoek doet naar wat voor effect de maatregelen in het hoger onderwijs hebben gehad op het afremmen van de pandemie. De onderzoekers hebben onderzoek gedaan bij 18 schools van de Hanze. Daar reageerden 17 schools op. In totaal reageerden 33 mensen en vulden zij een vragenlijst in of er werd een interview afgenomen.

Positief over digitale hulp

Het algemene beeld is dat de verschuiving van fysiek naar online onderwijs positief is ervaren op Groningse hogeschool. De meeste problemen die voortkwamen uit het noodonderwijs op afstand werden zoveel mogelijk gezamenlijk opgelost. Docenten waren positief over de digitale hulp en ondersteuning van de Hanzehogeschool.

Docenten en bestuurders waren over het algemeen tevreden en trots over het werk dat verzet werd op de hogeschool. Ze hielpen elkaar door kennisnetwerken op te zetten binnen de hogeschool. De decanen van de verschillende scholen deelden evaluaties en PowerPointpresentaties met tips. De geïnterviewden waren ook van mening dat de meeste studenten goed aangehaakt waren en dat de meeste studenten zonder veel problemen het onderwijs konden volgen.

Docenten van de Hanze geven aan dat de opkomst bij het online onderwijs misschien nog wel hoger lag dan bij de fysieke bijeenkomsten. Dit kwam omdat online onderwijs minder moeilijk leek en er was ook minder schaamte als studenten te laat kwamen.

Naarmate de tijd vorderde tijdens de eerste vijf werken van de crisis werden de nadelen van online lesgeven duidelijker: Het gebrek aan persoonlijke interactie tijdens de lessen, het ontbreken van een gemeenschapsgevoel en een gebrek aan chemie in de klas.  Ondertussen nam ook de vermoeidheid toe door de vele onderwijskundige veranderingen.

Twijfel aan professionele identiteit

Hoewel niemand zich aanvankelijk aanmeldde voor online cursussen, moesten alle betrokken partijen dat doen. Sommige docenten konden de overstap naar online niet goed maken. Daarnaast twijfelden sommige ook aan hun professionele identiteit. Van de ene op de andere dag kregen docenten oneindig veel extra werk naast al het bestaande werk. De meeste docenten hebben in hun formele werklast ongeveer 30 minuten om zich voor te bereiden op een les van een uur. Dit bleek voor de omschakeling naar online onderwijs onvoldoende te zijn.

Docenten gaven ook aan dat het gebrek aan persoonlijk contact een uitdaging bleek. Ze investeerden op verschillende manieren in dit persoonlijke contact, maar de tijdsinvestering om online contacten te onderhouden bleken heel arbeidsintensief. Ook het lesgeven aan grote groepen zonder echte interactie bleek in de praktijk wel haalbaar, maar vermoeiend en minder bevredigend.

Nieuwe antennes en vaardigheden

Ook komen de onderzoekers op basis van het onderzoek met een aantal uitdagingen voor de toekomst als de pandemie aanhoudt. Zo is duidelijk geworden dat er een nieuwe didactiek nodig is. Vaardigheden, zoals debatteren, presenteren en interviewen, bleken moeilijk te zijn in een online omgeving. De beleving van sociale cohesie en gemeenschap is belangrijk en vraagt ook om nieuwe antennes en vaardigheden van docenten.

Het praktijkonderwijs bleek lastig te organiseren. Hieronder vallen bijvoorbeeld laboratoriumonderwijs, vaardigheidstrainingen in medische lessen, maar ook stages. Meer technisch van aard waren er vaak problemen met wifi-verbindingen. Er waren daarnaast ook zorgen over privacyproblemen, bijvoorbeeld bij het gebruik van Zoom.

Een meer sociaal aspect waar docenten en studenten tegenaan liepen ging over het gebrek aan verbinding onderling. Het is moeilijk om contact te organiseren tussen studenten.

De werkdruk steeg ook enorm. Docenten en ondersteuners werden geconfronteerd met grote veranderingen in hun takenpakket, inhoud van het werk, werktijden en de organisatie van het onderwijs. Volgens de onderzoekers is de werkdruk versterkt, omdat docenten thuis moesten werken. Onder docenten ontstond een sterke behoefte aan een meer gedeelde visie over hoe om te gaan met deze werkdruk.

Maak online vergaderingen en lessen korter

Er kwamen ook een aantal aanbevelingen uit het onderzoek naar voren. Online onderwijs moet anders worden georganiseerd dan onderwijs op de campus. Er is ook een andere didactiek nodig. Men zou kunnen denken aan kleinere groepen en online platforms om een ​​gemeenschap te creëren. Online lessen, lezingen, presentaties en vergaderingen zouden daarnaast korter moeten zijn, aangezien deze erg arbeidsintensief zijn.

Persoonlijk contact blijft in een online werkomgeving van cruciaal belang. Besteed aandacht aan elke student, zeggen de onderzoekers. Indien mogelijk ook individueel, maar ook moet een speciaal gemeenschapsgevoel worden gecreëerd. Stel directe vragen en vraag ook naar emoties, gevoelens en ervaringen. Docenten kunnen daarnaast vaker online coachingsgesprekken voeren in kleine groepen.

Maak studenten onderdeel van de leernetwerken

Een andere aanbeveling is om gebruik te maken van leernetwerken. Tijdens het begin van de crisis bleek dat er samenwerkingen ontstonden. Deze samenwerkingen waren klein, behoefte gestuurd, spontaan opgezet en open. De netwerken waren zowel binnen als buiten de school. Docenten bleken erg tevreden te zijn over deze netwerken. Maak ook studenten onderdeel van deze netwerken, zo adviseren de twee Groningse onderzoekers.

Tot slot is duidelijke en directe communicatie van cruciaal belang. Maak daarom als docent gebruik van gepersonaliseerde communicatie om het welzijn en de motivatie van studenten te verbeteren. Het kan ook nuttig zijn om sessies te faciliteren waar studenten elkaar zelfstandig kunnen ontmoeten zonder een docent hierbij te betrekken. Sommige docenten begonnen ook een WhatsApp-groep die zich richtte op de gemeenschap en het welzijn van studenten.


Schrijf je in voor onze nieuwsbrief
«

ScienceGuide is bij wet verplicht je toestemming te vragen voor het gebruik van cookies.

Lees hier over ons cookiebeleid en klik op OK om akkoord te gaan

OK