“Dit laat zien dat we nog in de middeleeuwen zitten”

Nieuws | door Michiel Bakker
9 december 2020 | Toen hij hoorde over de ontkleding van het Actieplan Diversiteit en Inclusie, illustreerde dat voor Vinod Subramaniam dat de middeleeuwen nog niet voorbij zijn. Daarna bedacht hij zich echter dat hij, als rector van de Vrije Universiteit, de toestemming van Tweede Kamer niet nodig heeft om te doen wat hij juist acht, vertelde hij tijdens de presentatie van de Monitor Vrouwelijke Hoogleraren 2020.
Minister Van Engelshoven neemt de Monitor Vrouwelijke Hoogleraren 2020 in ontvangst

De Monitor Vrouwelijke Hoogleraren 2020, die werd gepresenteerd door het Landelijk Netwerk van Vrouwelijke Hoogleraren blijkt reden tot hoop voor de toekomst te geven. Toch blijven er ook zorgen, want de groei van het aantal vrouwelijke hoogleraren is afgenomen ten opzichte van 2018. 

Hoe hoger in de academische hiërarchie, hoe minder vrouwen 

Voordat de jaarlijkse Monitor wordt overhandigd aan de minister van OCW, licht LNVH-voorzitter Hanneke Takkenberg een aantal opvallende bevindingen toe. Zo blijkt onder andere dat er meer vrouwelijke dan mannelijke studenten afstuderen. Van de PhD-kandidaten is echter het merendeel man – en hoe hoger in de academische hiërarchie, hoe lager het percentage vrouwen.  

Eenzelfde soort probleem wordt in de Monitor weergegeven door de Glazen Plafond Index (GPI). De GPI maakt zichtbaar in welke mate vrouwen belemmeringen ervaren in de doorstroom naar een hogere functiecategorie. De stap van PHD-kandidaat naar Universitair Docent lijkt voor zowel vrouwen als mannen even moeilijk, maar in de stap van Universitair Docent naar Universitair Hoofddocent blijken vrouwen veel meer te worden belemmerd. Ook in de stap van Universitair Hoofddocent naar Hoogleraar worden vrouwen achtergesteld op mannen.  

Takkenberg ziet echter wel een window of opportunity voor vrouwen binnen de academie. In de komende jaren zal namelijk een behoorlijk aantal hoogleraren, waarvan velen man, met pensioen gaan. De vacatures die daardoor ontstaan, ziet Takkenberg graag door vrouwen gevuld.  

In de vergelijkingen tussen universiteiten, blijken vooral de technische universiteiten achter te blijven wat betreft zowel het percentage vrouwelijke hoogleraren als de groei van dat percentage. De doelen die de universiteiten zich hieromtrent gesteld hebben, verschillen daarom ook. Zo willen de technische universiteiten dat 25% van hun hoogleraren in 2025 vrouw is, terwijl de Universiteit Maastricht streeft naar 37% vrouwelijke hoogleraren in 2025. 

Het Actieplan Diversiteit en Inclusie is belangrijk 

Ingrid van Engelshoven, minister van OCW, is blij met de groei in het aantal vrouwelijke hoogleraren. Ze geeft echter aan dat er nog meer moet gebeuren, en is daarom positief over de doelen die worden gesteld. “Die doelen zijn ambitieus, maar ook realistisch, dus deze ambities moeten het minimum zijn.” 

Daarnaast benadrukt de minister dat er meer dan statistiek nodig is in het streven naar diversiteit. “Om het te laten werken, hebben we een culturele verandering nodig. Daarvoor moeten we ook kijken naar management, salarissen, en veilige werkomgevingen. Dat staat ook allemaal omschreven in het Actieplan.” 

De minister pleit er dan ook voor om het Actieplan te gebruiken in het streven naar een meer inclusieve en diverse cultuur. Over de status van dat Actieplan en de recente stemming daarover in de Tweede Kamer, wordt door de minister niets gezegd. Wel uit ze de boodschap: “Wees alsjeblief ambitieus. Als je wilt, kun je die vrouwelijke hoogleraren vinden. De kandidaten zijn er al, en ze zullen dat hoogleraarschap willen.” 

Diversiteit is kwaliteit 

Ook Vinod Subramaniam, rector van de Vrije Universiteit en voorzitter van de adviescommissie Diversiteit en Inclusie, en VSNU-voorzitter Pieter Duisenberg hebben dubbele gevoelens bij de gepresenteerde Monitor. Duisenberg, die net als in 2017 de dissertatie van zijn grootmoeder laat zien, geeft echter aan dat hij blij is met de duidelijke groei in de afgelopen jaren. Subramaniam is dat met hem eens, maar benadrukt zijnerzijds dat de een hoger percentage vrouwelijke hoogleraren normaal moet worden. Zo lang het afhankelijk is van specifieke doelen en plannen, is er nog werk aan de winkel.  

Nadat Takkenberg pleit voor een cultuur van zorg, waarbij naar iedereen wordt omgekeken, iedereen dezelfde kansen krijgt en er ruimte is voor een diversiteit aan perspectieven, stemt Subramaniam daarmee hartgrondig in. “Diversiteit is kwaliteit. De rijkheid die je verkrijgt door een verscheidenheid aan perspectieven is beter voor de universiteit.” 

Een rector heeft de toestemming van de Tweede Kamer niet nodig 

Desgevraagd reageert Subramaniam ook op de uitkleding van het Actieplan Diversiteit en Inclusie, die onlangs plaatsvond in de Tweede Kamer. “Nou, eerst dacht ik: dit laat perfect zien dat we ons nog in de middeleeuwen bevinden. Maar daarna dacht ik: weet je wat, we gaan het gewoon toch doen. Als rector van een universiteit heb ik de goedkeuring van de Tweede Kamer niet nodig. Ik ga het gewoon doen, omdat dit het juiste is om te doen.” 

Anderzijds beseft hij dat de vragen van gekozen volksvertegenwoordigers serieus moeten worden behandeld. “Dat zullen we ook doen. Maar we blijven ondertussen het juiste doen.” VSNU-voorzitter Duisenberg gaat mee in die gedachte. “We gaan het gewoon doen,” zegt hij, “maar dit laat wel zien dat er nood is aan betere gesprekken met de Tweede Kamer en de samenleving.  

Daarover zijn beide mannen het eens. “De dialoog met stakeholders is belangrijk, en vormt een uitdaging,” zegt Subramaniam er nog over. “Het zal niet lukken om iedereen te overtuigen, maar ik schuw de discussie niet. We moeten als gemeenschap het juiste doen, en dan zien we wel waar we komen.” 

Jullie gaan mij terugzien 

Takkenberg geeft aan dat het gesprek haar optimistisch stemt, onder andere omdat de academische wereld het voortouw neemt in een streven waarvoor de maatschappij nog niet klaar blijkt te zijn.  De academie is een plaats van vooruitgang en revolutie. Het zou mooi zijn als er een soort revolutie zou ontstaan vanuit het momentum dat we nu hebben.”  

Daarom is ze blij met de vastberadenheid van de universiteiten om vooruitgang te boeken, en waarschuwt beide mannen met een glimlach: “De LNVH zal hierin een kritische bondgenoot blijven, dus jullie gaan mij elk jaar terugzien.” 


Schrijf je in voor onze nieuwsbrief
«

ScienceGuide is bij wet verplicht je toestemming te vragen voor het gebruik van cookies.

Lees hier over ons cookiebeleid en klik op OK om akkoord te gaan

OK