Bestaan er in 2030 nog wel hogescholen?

Nieuws | door Ramon van Doorn
13 januari 2021 | De huidige pandemie maakt duidelijk dat het aanpassingsvermogen van hoger onderwijsinstellingen groot is. Dit heeft de Hogeschool Rotterdam mede uitgedaagd om vergaande toekomstscenario's uit te werken over het hoger beroepsonderwijs in 2030.
Beeld: Seanbatty via Pixabay

Eind 2021 wil Hogeschool Rotterdam een nieuw strategisch plan presenteren. Ter voorbereiding hierop is een bundel gemaakt, genaamd: ‘Hoger beroepsonderwijs in 2030’. Lectoren, docenten en beleidsmedewerkers delen hierin hun visie op de toekomst van het hoger beroepsonderwijs. Al deze visies komen samen in vier scenario’s, die ver uiteenlopende toekomstbeelden schetsen.

De scenario’s zijn opgeschreven door onder andere Daan Gijsbertse, docent bij de Hogeschool Rotterdam en daarnaast ook strategisch beleidsadviseur, en Kees Machielse, lector bij het kenniscentrum Duurzame Havenstad. Beiden werken in hun vakgebied vaak met scenario’s, wat goed van pas kwam tijdens het maken van de bundel.

“De rol van die scenario’s is om ons uit te dagen en te testen hoe goed onze plannen zijn”, vertelt Gijsbertse. Machielse voegt hieraan toe: “De scenario’s schetsen een beeld van een mogelijke wereld in 2030. Wat je doet is vervolgens terug redeneren vanuit die wereld, om te kijken wat je nu al zou kunnen doen, of willen doen, om daarop te anticiperen of tegengas te geven. Dat doe je per scenario, en elk scenario levert een aantal projecten of beleidslijnen op. En de projecten of beleidslijnen die je voor meerdere scenario’s terug ziet komen kan je eigenlijk al risicoloos invoeren, want de kans is groot dat die ook van pas zullen komen.”

In de scenario’s komt verder geen beleid terug. “De scenario’s beschrijven alleen hoe de omgeving eruit ziet, en wat dat van ons vraagt. Welke kansen en bedreigingen er voor ons in 2030 zouden kunnen zijn. En als antwoord daarop moeten wij met een strategisch plan komen. Niet alleen op basis van de scenario’s, ook door evaluaties van waar we staan, door gesprekken, focusgroepen, enzovoorts. De rol van de scenario’s is om te testen hoe goed onze plannen zijn, en ons te inspireren om tot betere te komen.”

Scenario’s worden niet vaak gebruikt in het onderwijs

Hoewel Gijsbertse en Machielse in hun vakgebied vaak met scenario’s werken, is dat in het onderwijs niet vanzelfsprekend. Toch kregen ze groen licht om dit enorme project te starten. “Het is tweeledig”, zegt Gijsbertse daarover. “Er is onzekerheid in de wereld, en dat geldt ook voor ons als hogeschool. Wij vonden het verstandig om deze methodiek toe te passen, want daarmee zorg je ervoor dat je jezelf goed op deze onzekerheden kunt voorbereiden.”

“Tegelijkertijd zien we het wel als een losstaand (deel)product, waarbij we een podium bieden aan onze lectoren en andere medewerkers binnen de hogeschool die een visie hebben over hoe de toekomst eruit zal zien.” Machielse was onder de indruk van de hoeveelheid kennis die aanwezig is op de hogeschool. “Dat is echt onvoorstelbaar. Die kennis is echt gigantisch, en het is nog te mobiliseren ook. Ik ben daar heel erg blij mee. Ik ben er eigenlijk zelfs trots op.”

Ook Machielse heeft veel ervaring met het maken van scenario’s. “Voor mij is het gebruikelijk om met scenario’s te werken als je een goede strategie wil maken. Dat levert een veel grotere verkenning op dan gewoon doordenderen in wat je altijd al gedaan hebt. We hebben dat ook voorgelegd aan het College van Bestuur, en Ron Bormans, de voorzitter, vond dat wel een heel spannend idee.”

Onzekerheid als katalysator

Toch had dit project een zetje van buitenaf nodig. “We waren dit altijd al wel van plan,” vertelt Gijsbertse, “maar we zijn ook een beetje geholpen door de omstandigheden. Het bijzondere van scenario’s is dat de onzekerheid centraal komt te staan; dat vinden mensen best wel lastig. En het is ook de vraag wat het je precies oplevert. We zitten nu als hogeschool echter in een periode waarin we de afgelopen tijd goed hebben gewerkt aan onze kwaliteit en hoe we ervoor staan, dus nu moeten we eens goed kijken naar hoe de toekomst eruit ziet, zodat we daarop voorbereid zijn.”

De coronapandemie waarin we nu zitten, hielp om die onzekerheid te omarmen. “Dat heeft ten eerste laten zien dat de wereld er ineens heel anders uit kan zien, maar ten tweede dat er ook heel veel aanpassingsvermogen is om daar toch mee om te gaan. Die twee dingen hebben er mede voor gezorgd dat het kijken naar hoe de wereld er over een paar jaar opeens uit zou kunnen zien, best goed viel.”

Heel veel mensen hebben tijdens hun vakantie, avonden of weekenden aan de bundel gewerkt. “Dat bevestigt hoe belangrijk ze het vinden. Er komen al ongelooflijk veel verzoeken binnen bij onze lectoren, maar de meeste hebben toch aan deze bundel meegewerkt. Er werd erg enthousiast gereageerd.”

Volgens Machielse was ook Ron Bormans enthousiast, al schrok hij wel van enkele scenario’s. “Hij zei: ‘ik hoop niet dat dit allemaal werkelijkheid wordt’. Logisch ook, want bij één van de scenario’s bestaat de hogeschool in 2030 nauwelijks meer. Dat is niet wat een voorzitter leuk vindt om te lezen. ‘Maar,’ zei hij, ‘het prikkelt wel’. En dat is ook de bedoeling.”

Scenario’s leiden tot discussie

De scenario’s zijn opzettelijk zo extreem mogelijk gemaakt. “Wij schetsen in twee scenario’s best wel vergaande ontwikkelingen op het gebied van Artificial Intelligence”, reageert Machielse daarop. “Over een jaar of tien zou dat erg ver kunnen zijn, en dan verandert er zóveel.” De consequenties van de introductie van kunstmatige intelligentie op hetzelfde niveau als het menselijke brein zouden bijvoorbeeld zijn dat bedrijven de automatisering omarmen, met massale werkloosheid tot gevolg. Alleen banen waarin empathie en creativiteit centraal staan, blijven nog bestaan. En als al het andere werk verder al gedaan wordt, waarom zou je dan nog een opleiding volgen?

Gijsbertse voegt hieraan toe: “Automatisering en digitalisering hebben nu al een effect. En juist door de situatie waarin we nu  zitten zie je dat het versnelt. In de supermarkt bijvoorbeeld, waarbij banen van kassières verdwijnen door automatisering. Dat zijn dan geen hbo-beroepen, maar het is wel een voorbeeld van wat kan komen. In de financiële sector verdwijnen bijvoorbeeld wel structureel banen op hbo-niveau.”

Machielse: “Dat zijn processen die eigenlijk al heel lang gaande zijn. Een lange tijd ontwikkelde dat zich op een rustig tempo, maar nu komt het echt in een stroomversnelling. Door Artificial Intelligence en de Quantumcomputer zullen er echt heel andere processen ontstaan, dus dan krijgt dat een heel andere dimensie.”

Dit klinkt enigszins vergezocht, maar Machielse benadrukt dat dit precies het soort discussie is waarnaar ze op zoek zijn. “Dit was de aanleiding van de scenario’s. Wij verdedigen het nu vanuit één van de scenario’s, en we vertellen er leuk over, maar we weten juist door de onzekerheid niet of het ook echt waar is.  In andere scenario’s verloopt de verandering minder snel, maar het is wél mogelijk. We proberen juist dit soort discussies te krijgen. Stel nu dat het waar is, wat moeten we dan doen, hoe kunnen we ons voorbereiden? Dat soort vragen kunnen we nu stellen. Daarmee krijg je hopelijk een scherper beleid en een aangepaste strategie om te reageren op mogelijke veranderingen.”

Machielse hoopt dan ook dat andere hogescholen reageren op de scenario’s, zodat er nog meer discussie kan ontstaan. De scenario’s zijn wel geschreven vanuit het perspectief van de Hogeschool Rotterdam, maar beschrijven trends die voor het hoger beroepsonderwijs in heel Nederland gevolgen zouden kunnen hebben. “Het past bij onze processen, maar we bieden het ook heel nadrukkelijk naar buiten aan voor iedereen die in het hoger beroepsonderwijs werkt. Het is generiek genoeg geschreven om voor iedereen van toepassing te zijn.” Wie weet komen daar ook weer nieuwe oplossingen uit.

Toekomstvisie als stresstest

De scenario’s zijn uiteraard niet de enige drijfveer voor het nieuwe strategisch plan. Bij de Hogeschool Rotterdam zijn de komende tijd ook twee strategiedagen. Bij de eerste wordt besproken waar de hogeschool nu staat, en wat de hogeschool wil bereiken in de toekomst.

De scenario’s worden op de tweede strategiedag van stal gehaald. “Uit de eerste strategiedag komt een lijst van onderwerpen waarmee we aan de slag zouden willen, en op de tweede strategiedag houden we de scenario’s daar tegenaan. Dan kijken we hoe goed we zijn voorbereid op de verschillende toekomstscenario’s, en of we dus dingen moeten aanpassen, aanvullen of aanscherpen. Het is echt een prikkeling om over meer mogelijke opties na te denken dan waar we nu, vanuit het heden gedacht, mee zouden komen.”

De bundel ‘Hoger beroepsonderwijs in 2030 kan hier gedownload worden: https://www.hogeschoolrotterdam.nl/onderzoek/hoger-beroepsonderwijs-in-2030/


Schrijf je in voor onze nieuwsbrief
«

ScienceGuide is bij wet verplicht je toestemming te vragen voor het gebruik van cookies.

Lees hier over ons cookiebeleid en klik op OK om akkoord te gaan

OK