Overheid gaat gebruik prestatieverhogende middelen onder studenten aanpakken

Nieuws | de redactie
22 november 2021 | Het ministerie van VWS wil samen met hoger onderwijsinstellingen het gebruik van prestatieverhogende middelen onder studenten aanpakken. Dit is een groeiend probleem; gebruik van de middelen stelt studenten bloot aan mogelijke schadelijke bijwerkingen.
“Je bent als individu eindverantwoordelijk voor je eigen toekomst en zal er in deze maatschappij dan ook alles aan doen om te slagen. Ik denk dat jongeren daarom eerder naar die medicatie grijpen”, aldus een studentenpsycholoog. Beeld: Ian Barber (CC BY-SA 2.0)

Onderzoek van de Rijksuniversiteit Groningen toonde aan dat zestien procent van de meer dan duizend ondervraagde studenten Ritalin gebruikt zonder doktersrecept. Tachtig procent hiervan kreeg het ADHD-medicijn via een medestudent; het overige gedeelte kreeg het via familie of zelfs via de zwarte markt. Eerder bleek uit onderzoek van de Universiteit van Amsterdam dat er een “levendige handel” in medicatie plaatsvindt onder studenten.  

Uit datzelfde onderzoek kwam naar voren dat de toegenomen prestatiedruk en het grotere aantal afleidingen mogelijke oorzaken zijn voor de stijging van het gebruik onder studenten. “Je bent als individu eindverantwoordelijk voor je eigen toekomst en zal er in deze maatschappij dan ook alles aan doen om te slagen. Ik denk dat jongeren daarom eerder naar die medicatie grijpen”, zei een studentenpsycholoog in het onderzoek. 

Studiedruk leidt tot misbruik van medicatie 

Ritalin is onderdeel van de medicijnen die onder studenten gebruikt worden als prestatieverhogende middelen. Uit onderzoek van het Trimbos Instituut blijkt dat 72 procent van de studenten dit doet om zich beter te kunnen concentreren; 67 procent van de studenten geeft aan dat studeren of werken door het gebruik van Ritalin langer volgehouden kan worden. 

In een brief aan de Tweede Kamer schrijft Paul Blokhuis, staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, dat onderwijsinstellingen en deskundigen vrezen voor een toekomst waarin het nemen van dit soort medicatie normaal wordt onder studenten. Die vrees draait vooral rond de schadelijke bijwerkingen die kunnen optreden bij gebruik van deze medicijnen. Hartkloppingen, slaapproblemen en paniekaanvallen zijn voorbeelden van problemen die door studenten genoemd worden als gevolg van het gebruik van Ritalin. Jarenlang gebruik leidt tot gewenning, waardoor steeds een hogere dosis nodig is, en kan zelfs leiden tot een burn-out. 

Niet alleen probleem van onderwijs 

Staatssecretaris Blokhuis pleit voor een gecoördineerde aanpak met zorginstellingen, zorgverleners, studentorganisaties en onderzoeksinstituten. In maart 2022 hoopt de staatssecretaris de Kamer in te lichten over acties die opgestart zijn om tot de kern van het probleem te komen. 

Eerst moet namelijk meer bekend worden over wie de gebruikers eigenlijk zijn. Wie kiest ervoor om deze medicijnen te gebruiken, en waarom? En hoe komen ze hieraan? De informatie hierover is, ondanks de al genoemde onderzoeken, nog lang niet volledig. De datasets zijn er al wel, mede doordat instituten als het Trimbos Instituut al jaren onderzoek hiernaar doen, maar er is meer verdieping nodig. Dit kan bereikt worden door middel van aanvullende interviews met gebruikers.  

Daarnaast moet de rol van huisartsen, psychiaters en studentenpsychologen verder onder de loep genomen worden om te bepalen in hoeverre overdiagnostiek aan de orde is. Wellicht zijn de huidige ADHD-richtlijnen niet scherp genoeg. Aangezien het de bedoeling is dat middelen als Ritalin alleen op recept verkregen worden, kunnen apothekers helpen met het signaleren van afwijkend gebruik. Het signaleren hiervan zou in een ideale situatie ook door onderwijsmedewerkers gedaan kunnen worden, maar daarvoor is meer kennis nodig. 

Studenten moeten weten van de gevaren  

Uiteindelijk is het belangrijkste onderdeel van de beoogde aanpak dat studenten zélf meer kennis krijgen over de prestatieverhogende middelen en de bijwerkingen ervan. Op het moment wordt het gebruik niet of nauwelijks als problematisch gezien, waardoor preventie complex is. In de preventie zouden onderwijsprofessionals makkelijker een rol kunnen spelen dan in de signalering. De staatssecretaris verwacht namelijk dat studenten terughoudender zullen zijn met het gebruik als ze goede voorlichting krijgen over de mogelijk ernstige bijwerkingen. Ook zal de staatssecretaris zelf een voorlichtingscampagne verzorgen, zowel binnen als buiten het onderwijs. 


«
Schrijf je in voor onze nieuwsbrief
ScienceGuide is bij wet verplicht je toestemming te vragen voor het gebruik van cookies.
Lees hier over ons cookiebeleid en klik op OK om akkoord te gaan
OK