Taalvaardigheid blijkt struikelblok in overgang vo-ho

Nieuws | de redactie
25 januari 2022 | "Het niveau van schrijven van eenvoudige mails is bedroevend"; taalvaardigheid blijkt een struikelblok te zijn bij de overgang van het voortgezet onderwijs naar het hoger onderwijs, wijst onderzoek van Researchned uit.
“Doceer competenties als taalvaardigheid en studievaardigheid niet apart, maar integreer ze in alle vakken.” Beeld: Ivan Samkov

Taalvaardigheid en vakoverstijgende competenties zoals studievaardigheden en taalvaardigheden zijn de grootste verbeterpunten voor studenten die net zijn geslaagd, zo zeggen de onderzoekers. Ze vroegen aan studenten in het mbo, hbo en wo wat volgens hun de grootste knelpunten zijn voor studenten bij de doorstroom van het voortgezet onderwijs naar een vervolgopleiding. 

ResearchNed deed onderzoek naar de vaardigheden van net geslaagden vanwege de geplande vernieuwing van de eindexamenprogramma’s in het voortgezet onderwijs. De meeste deelnemers waren docenten (86 procent), maar ook mensen met een begeleidende of leidinggevende functie deden mee. Van de deelnemers heeft 91 procent direct te maken met eerstejaars studenten. 

Voor het onderzoek werd een online survey gedaan waarbij de deelnemers zelf verbeterpunten aandroegen. Vervolgens verdeelden ze deze punten zelf onder verschillende leergebieden en competenties. In totaal hebben 1.215 deelnemers 3.148 verbeterpunten ingevuld. Deelnemers koppelden de meeste verbeterpunten aan kritisch denken, maar ook vaak aan andere vakoverstijgende competenties zoals zelfstandig werken en zelfregulering. Wat betreft vakinhoudelijke competenties werd taalvaardigheid het vaakst gekozen. Bovendien komt taalvaardigheid als verbeterpunt het duidelijkst naar voren bij wo-studenten. 

Wo-studenten hebben moeite met plannen

De meeste verbeterpunten zijn vakoverstijgend en gaan over de zelfredzaamheid van de studenten. Voor alle onderwijstypen komt planning vaak voor als een groot verbeterpunt. Bij mbo-studenten wezen de deelnemers vaak naar Magister, een elektronische leeromgeving. “Door het veelvuldige gebruik van Magister in het vo weten studenten niet hoe ze een agenda of planner moeten gebruiken”, zegt een respondent. Ook bij wo-studenten is de planning een probleem; de respondenten geven aan dat ze meer verantwoordelijkheid en zelfstandigheid van de studenten verwachten. 

Hoewel planning bij de hbo-studenten ook vaak wordt genoemd, ligt de nadruk voor deze groep meer bij reflectie dan bij de mbo- en wo-studenten. Volgens de deelnemers zijn deze studenten vaak niet kritisch genoeg naar zichzelf; “Qua toetsing zijn ze nog vaak gericht op ‘gehaald’ of niet; hoe te komen tot een zelfreflectie is een zeer grote overstap.” 



Wanneer het gaat over inhoudelijke kennis en competenties is taalvaardigheid bij alle onderwijstypen het grootste verbeterpunt. Over de schriftelijke communicatie van mbo-studenten zegt een respondent zelfs: “Het niveau van schrijven van eenvoudige mails is bedroevend.” Voor hbo- en wo- studenten is het grootste verbeterpunt ook de schrijfvaardigheid. Het gaat daar met name om spelling, grammatica en het aanbrengen van structuur in hun teksten. Voor wo-studenten is het begrijpen van lange teksten bovendien ook een veelgenoemd verbeterpunt.  

Meer aandacht voor keuze

In het onderzoek reflecteren daarnaast drie online panels op de resultaten. In deze panels zitten onder andere docenten, decanen en beleidsmakers. Over het algemeen kwamen de resultaten overeen met de ervaringen van de panelleden, maar één verbeterpunt was naar hun mening onderbelicht.  

Volgens de panelleden moet er meer aandacht komen voor de keuzecompetentie van mbo-studenten: het bewust kiezen van een opleiding op basis van een helder beeld van studie en beroep. De begeleiding op dit vlak moet beter aansluiten op de belevingswereld van de leerlingen. De panels benadrukken ook dat het gaat om jonge mensen die nog lang niet aan het einde van hun leertraject zijn. Vmbo-leerlingen zijn vaak 15 of 16 jaar wanneer ze slagen en havo- en vwo-leerlingen pas 17 of 18. 

Ervaringen opleiders en studenten tegenovergesteld

Naast verbeterpunten onderzocht ResearchNed ook wat de sterke punten zijn van net-geslaagde studenten. In alle onderwijstypen komen digitale vaardigheden het vaakst naar voren. Het gaat volgens de respondenten dan vooral over het gebruik van sociale media en digitale tools zoals Powerpoint. Bij wo-studenten noemden de respondenten presenteren ook vaak als een sterk punt. Een deelnemer van de survey zegt: “Ondanks dat ze altijd zenuwachtig zijn, weet iedere student een prima presentatie neer te zetten in het eerste half jaar.” Samenwerken gaat ook vaak goed op het hbo en wo. Studenten spreken elkaar aan als ze afspraken niet nakomen en zelfs internationale en culturele verschillen blijken geen punt te zijn voor wo-studenten. 

Ten slotte werden de resultaten van het onderzoek vergeleken met de resultaten van onderzoeken waarbij studenten zelf hun verbeterpunten aangaven. Dit onthulde een opvallend contrast. “Opleiders vinden studenten sterk in computervaardigheden, maar studenten rapporteren juist aansluitproblemen op dit vlak”, zeggen de onderzoekers. “Nederlands is volgens de opleiders het meest specifieke en duidelijkste verbeterpunt, terwijl studenten de aansluiting op dit punt het hoogst waarderen.” Het feit dat studenten hun taalvaardigheid zelf niet als een belangrijk verbeterpunt zien, kan volgens het reflectiepanel onderdeel zijn van het probleem.  

Maak examenprogramma’s minder vol

Voor alle onderwijsniveaus vragen de panels om voldoende aandacht te besteden aan de samenwerking tussen het vo en de vervolgopleidingen. Daarnaast raden de panels voor het hbo en het wo aan om de basiskennis van de studenten te versterken. “Maak het examenprogramma wat minder vol”, benadrukt een panellid. “Zo ontstaat er ruimte voor vakoverstijgende zaken.”  

Met name op het vwo zou het onderwijs te strak onderverdeeld zijn in de verschillende vakken, waardoor er voor de leerlingen tussen de vakgebieden weinig overeenstemming is. De panels pleiten: doceer competenties als taalvaardigheid en studievaardigheid niet apart, maar integreer ze in alle vakken. “Zo kunnen de competenties worden ontwikkeld in een context die het beste lijkt en voorbereidt op het werken in het wo”, concluderen de onderzoekers. 


«
Schrijf je in voor onze nieuwsbrief
ScienceGuide is bij wet verplicht je toestemming te vragen voor het gebruik van cookies.
Lees hier over ons cookiebeleid en klik op OK om akkoord te gaan
OK