Terugkeer naar fysiek onderwijs verkleint toegankelijkheid hoger onderwijs

Nieuws | de redactie
27 januari 2022 | Het afschalen van online lessen bedreigt de toegankelijkheid van het onderwijs voor studenten met een beperking, waarschuwt de Landelijke Studentenvakbond. Volgens Nicole Brown, docent Onderwijs bij het UCL Institute of Education in Londen, is de fysieke omgeving van hoger onderwijsinstellingen vaak nog slecht berekend op mensen met een beperking.
“Als iemand altijd een rolstoel nodig heeft of een witte stok gebruikt, is de beperking evident, maar sommige beperkingen zijn onzichtbaar.” Beeld: Marcus Aurelius (via Pexels.com).

Vanwege het online onderwijs tijdens de coronacrisis is de toegankelijkheid van het hoger onderwijs toegenomen voor studenten met een fysieke beperking. De LSVb vreest dat het hoger onderwijs aan toegankelijkheid zal inboeten als het aantal online lessen wordt afgeschaald, vertelt voorzitter Ama Boahene aan ScienceGuide. Zij ziet in de toekomst het liefst dat fysiek en online onderwijs naast elkaar bestaan. “Ons uitganspunt is dat er altijd fysieke lessen moeten zijn, maar er zijn situaties waarin online onderwijs goed is. Er is een groep kwetsbare studenten die het online onderwijs juist nodig heeft. Als niet altijd aanwezig kan zijn, dan is online onderwijs een uitkomst.” 

Ook als het kabinet in de toekomst de coronamaatregelen opheft, moeten lessen online gevolgd kunnen worden, zo stelt de LSVb. “Studenten die een chronische ziekte of een beperking hebben, hadden voor de coronacrisis al online onderwijs nodig. Omdat ze vaak in het ziekenhuis moeten zijn of omdat ze de energie niet hebben om altijd fysiek aanwezig te zijn. In discussies gaat het er nu vaak over dat ze kwetsbaar zijn, waardoor het gevaarlijk voor ze is om naar fysieke lessen te komen, maar het probleem is groter dan alleen het gevaar van corona.” 

Mensen met een beperking stoppen sneller met hun studie 

De problemen met de toegankelijkheid van het hoger onderwijs voor mensen met een fysieke beperking worden onderstreept door Nicole Brown, die onderzoek doet naar validisme in de academische wereld. Validisme is een term die gebruikt wordt voor de discriminatie of marginalisering van mensen met een functiebeperking. Recent gaf Brown een lezing, georganiseerd door de Netherlands Research School of Gender Studies, waarin ze de resultaten van haar meest recente studie presenteerde.  



Brown deed haar onderzoek naar aanleiding van de relatief hoge uitval onder studenten met een functiebeperking in het Verenigd Koninkrijk. In het academisch jaar 2017-18 gaf 14,4 procent van de bachelor-studenten aan een functiebeperking te hebben, tegenover 9,3 procent van de master-studenten en negen procent van de studenten die een researchmaster deden. “We kunnen uit deze statistieken afleiden dat er naar verhouding meer studenten met een functiebeperking besluiten niet door te gaan met hun studie”, stelt Brown. . In Nederland geeft ongeveer drie op de tien studenten aan een functiebeperking te hebben. Tien procent van hen zegt dat zij worden belemmerd door hun beperking. ‘ 

De toegankelijkheid van gebouwen is veranderlijk 

In het onderzoek ging Brown in gesprek met twaalf  studenten en medewerkers in het hoger onderwijs over hun persoonlijke ervaringen. “Ik heb het expres niet over interviews maar over gesprekken, omdat het betekenisvolle en verdiepende ervaringen waren tussen mij, de interviewer, en mijn gesprekspartners, de geïnterviewden.” De beperkingen van de deelnemers liepen sterk uiteen; zo was een hen een rolstoelgebruiker en een ander iemand die een witte stok gebruikte. Ook sprak Brown met neurodivergente mensen zoals mensen met autisme of ADHD; verder leed een aantal deelnemers aan depressie of hersenschade na een ongeluk.  

“Veel deelnemers hadden het over de manier waarop de gebouwen van een instelling vormgegeven zijn en hoeveel impact dat op hen heeft”, zei Brown. “Ze gaven aan dat er te weinig plekken zijn om even te zitten en uit te rusten. Ook zijn er geen of weinig mogelijkheden voor de deelnemers om zich terug te trekken in het geval van cognitieve of zintuigelijke overbelasting.” 

Verder gaf Brown aan dat de deelnemers het vaak over trappen hadden. Voor sommige van de deelnemers is een trap onbegaanbaar, en de hulpmiddelen die er zijn kunnen uiteenlopen. “Gebouwen zijn veranderlijk,” benadrukt Brown. “Soms is de lift defect en is een deel van het gebouw plotseling niet meer toegankelijk. Zelfs de mensen die in het gebouw zijn kunnen de situatie veranderen; als mensen in een groep voor een lokaal wachten of hun tas ergens neerzetten, is het moeilijker voor iemand met een beperking om zich door die gang te navigeren.” 

Een beperking bekendmaken is niet altijd voordelig 

Een ander belangrijk punt in het onderzoek was de afweging van de deelnemers om hun beperking wel of niet bekend te maken. Als iemand altijd een rolstoel nodig heeft of een witte stok gebruikt, is de beperking evident, maar sommige beperkingen zijn onzichtbaar. Veel deelnemers maken een kosten/baten-analyse met betrekking tot het wel of niet bekendmaken van hun beperking. Brown: “De aanpassingen die mensen met een beperking kunnen krijgen zijn niet altijd nuttig, terwijl er wel negatieve gevolgen zijn voor hun carrière. De voordelen van sommige aanpassingen wegen niet op tegen de kans om gestigmatiseerd te worden.” Daarnaast gaven sommige deelnemers aan dat het aanvragen van hulpmiddelen een lang en ingewikkeld proces kan zijn, wat demotiverend werkt. 

“Onderwijsinstellingen zouden zo toegankelijk en inclusief voor zo veel mogelijk mensen moeten zijn”

Brown adviseert instellingen om voor studenten en medewerkers met een functiebeperking voordeliger te maken om hun beperking bekend te maken. “Voor bachelor-studenten zijn er hulpmiddelen zoals latere deadlines of ondersteunende software. Dat zijn voordelen waardoor het voordelig kan zijn om een beperking bekend te maken. Op doctoraal niveau zijn er minder harde deadlines, waardoor er minder voordeel is en het bekendmaken vooral negatieve gevolgen heeft.” Volgens Brown kunnen speciale loketten voor mensen die hulpmiddelen nodig hebben handig zijn. Tegelijkertijd waarschuwt ze dat de beperking van die persoon kan worden onthult als diegene gebruikmaakt van een dergelijk loket, terwijl diegene dat misschien niet wil. 

De toekomst van het onderwijs 

“Onderwijsinstellingen zouden zo toegankelijk en inclusief voor zo veel mogelijk mensen moeten zijn”, zegt Brown. “Op die manier hebben minder mensen een aanpassing of hulpmiddel nodig.” Ze geeft toe dat het onmogelijk is om toegankelijk en inclusief voor iedereen te zijn, omdat sommige behoeftes conflicteren. “In het VK hebben de stoepranden kleine bobbels, zodat slechtzienden die de bobbels voelen en weten dat ze de straat op lopen. Maar voor rolstoelgebruikers is het erg onprettig om over die bobbels heen te gaan. In dit soort situaties moeten compromissen worden gesloten.” 

Dankzij online onderwijs zijn er de laatste jaren ontwikkelingen geweest die het onderwijs toegankelijker maken, zegt Brown. “De automatische ondertiteling bij videoverbindingen is tegenwoordig best wel goed. Een docent kan de les opnemen en vervolgens de slides, de opname en de automatisch uitgeschreven tekst online beschikbaar stellen.” 

Dat is precies een punt waarop ook de LSVb de aandacht wil vestigen. “Het hoger onderwijs wordt veel toegankelijker met online onderwijs”, betoogt de studentenvakbond. “In heel veel zalen staat al een camera klaar. De docent hoeft dat alleen maar aan te zetten en dan kan iemand dat thuis volgen.” Het wordt volgens de vakbond steeds normaler dat colleges worden opgenomen om later terug te kijken. “Dat is gewoon de toekomst”, aldus Boahene. 


«
Schrijf je in voor onze nieuwsbrief
ScienceGuide is bij wet verplicht je toestemming te vragen voor het gebruik van cookies.
Lees hier over ons cookiebeleid en klik op OK om akkoord te gaan
OK