“Wie niet goed voor mensen zorgt, hoort niet in de academie thuis”

Nieuws | door Janneke Adema
8 februari 2022 | Ook specialisten moeten aan een breder palet aan criteria voldoen, volgens Marcel Levi (NWO) en Hanneke Hulst (Universiteit Leiden). Onderzoekers zijn echter niet altijd alleskunners, waarschuwt Raymond Poot van het Erasmus MC.

Tijdens het Erkennen en Waarderen-festival, dat onlangs plaatsvond, gingen panelleden in discussie over de wenselijkheid van nieuwe beoordelingscriteria in de academische wereld. Bij gespreksleider Ineke Sluiter, president van de KNAW, schoven een vijftal academici aan: Macel Levi, voorzitter van NWO, Raymond Poot, onderzoeker bij het Erasmus MC, Rianne Letschert, bestuursvoorzitter van de Universiteit Maastricht, Hanneke Hulst, hoogleraar bij de Universiteit Leiden, en Meaghan Polack, voorzitter van het Promovendi Netwerk Nederland (PNN).  

De verhalenwedstijd 

Vooral Poot maakt zich zorgen over de impact van Erkennen en Waarderen. Hij vraagt zich af of de nieuwe selectiecriteria wel de geschikte kandidaten eruit pikken. “Onder de invloed van Erkennen en Waarderen zijn de internationale criteria losgelaten en vervangen door politieke criteria”, zegt Poot. “Criteria die niet per se iets aan de wetenschap toevoegen, in termen van wetenschappelijke kwaliteit. Ik vrees dat ons dat internationaal gaat schaden.” Poot heeft onder andere kritiek op het narratief CV. “De selectie wordt een verhalenwedstrijd. Ik ben niet tegen het vertellen van een verhaal, maar het verhaal moet met cijfers ondersteund worden.” 

“We moeten duidelijk maken wanneer iets een politiek criterium is”, waarschuwt Letschert. “Ik vind de verschuiving naar Open Science een belangrijke maatschappelijke ontwikkeling. Het is een groot goed om onze wetenschappelijke kennis en data openbaar te maken. Als dat politiek is, dan ben ik politiek,” zo reageerde ze.



Levi geeft daarnaast toe dat het narratief CV niet ideaal is. “We willen van het verhalende CV af en meer bewegen naar een evidence-based CV”, zegt hij. “Mensen moeten zichzelf aanprijzen, maar ook bewijs leveren van wat ze kunnen. Dat bewijs is niet altijd kwantitatief. Het kan ook iets kwalitatiefs zijn, zoals een prijs of een uitnodiging om ergens een lezing te geven, maar er moet wel bewijs zijn.” 

Geen one-size-fits-all-systeem 

Dat neemt Poot’s zorgen over de kwaliteit van de Nederlandse wetenschap niet weg. Hij geeft een voorbeeld uit zijn eigen lab. “Ik doe zeer gespecialiseerd onderzoek maar ik word soms gedwongen om daarbij meer verpleegkundigen te betrekken. De verpleegkundigen zijn dan ongelukkig omdat ze niet weten wat ze in een gespecialiseerd lab moeten doen en ik ben ongelukkig omdat ik niet weet hoe ik ze moet inzetten. Zo kan ik mijn werk niet doen.” 

Daarnaast heeft Poot kritiek op de subsidievoorwaarde van NWO, die stelt dat al het onderzoek dat door NWO gefinancierd is direct open acces beschikbaar moet zijn. “Ik wil niet belemmerd worden om in 2024 in Nature te publiceren. Het lijkt me geen goed idee om wetenschappers te verbieden om in non-open source tijdschriften te publiceren. Dat is een politieke actie”, zegt hij. 

Levi benadrukt dat het nieuwe Erkennen en Waarderen niet naar een one-size-fits-all systeem toewerkt. Als interdisciplinaire samenwerking niet relevant is voor een onderzoek, dan hoeft de onderzoeker zich daaraan niet te wagen. Ook zegt hij niks tegen Nature te hebben. “Als je toevallig ook in Nature of Science publiceert, ben ik daar alleen maar blij mee,” zegt hij, “maar we willen dat wetenschappers beseffen dat open-acces publishing belangrijk is.” 

“Stop met die open brieven” 

“Het enige wat we echt niet willen zien zijn journal-impact factors en h-indexen,” vervolgt Levi, “omdat onderzoek uitwijst dat ze vrouwen en jonge wetenschappers benadelen.” Tegelijkertijd ergert Levi zich aan de verwarring die is ontstaan over de nieuwe criteria. “We hebben het te veel gehad over wat we niet meer willen en te weinig over wat we wel willen. Jonge wetenschappers denken dat ze het niet meer over hun publicaties mogen hebben, maar weten niet meer waarover dan wel.” 

Daarnaast ergert Levi zich aan de manier waarop de discussie over Erkennen en Waarderen wordt gehouden. De beste manier om verwarring en misverstanden te voorkomen is door dialoog te voeren, zegt hij. “Mensen, stop alsjeblieft met die open brieven. In een open brief heb je het alleen maar over je eigen mening en luister je niet naar anderen.” 

Gepersonaliseerde criteria 

Levi en Letschert willen dat de beoordeling van een wetenschapper afgestemd wordt op diens persoonlijke situatie. Onderzoekers die bijvoorbeeld minder konden publiceren omdat ze ook aan het werk zijn als behandelend artsen, moet niet hetzelfde beoordeeld worden als iemand die continu onderzoek doet. “Het is logisch om in de kandidaten in het Vici-programma, waaraan senior onderzoekers meedoen, ook te vragen naar hun leiderschapskwaliteiten en wat ze voor jonge wetenschappers in hun veld hebben betekend”, vindt Levi. 

De NWO-voorzitter stelt daarom voor om een lijst met criteria te maken waarvan wetenschappers de punten die niet bij hen passen mogen wegstrepen. “Dat is al heel anders dan het vorige systeem, waar er maar één criterium was, namelijk hoeveel je hebt gepubliceerd”, betoogt hij. “Het gaat nog steeds om wie een goede wetenschapper is, maar er is nog meer belangrijk. Een team aansturen en voor jonge collega’s zorgen is ook heel belangrijk. We moeten onze blik dus verbreden.” 

De giftige specialist als moneymaker 

Poot is echter bang dat al die criteria onderzoekers afleiden van het onderzoek zelf. “We moeten oppassen dat we niet van iedereen verlangen om alles te kunnen. In de toekomst zullen we ook mensen hebben die heel gespecialiseerd zijn in iets heel specifieks. Dat komt vaak voor in de bètawetenschappen. Met extra criteria filteren we alleen nog maar de alleskunners eruit en verliezen we de specialisten.”  

Sluiter werpt tegen dat sommige van deze specialisten voor giftige werkomgevingen zorgen. “Concurrentie kan narigheid veroorzaken, maar machtsverhoudingen ook”, antwoordt Poot. “Universiteiten moeten een goede HR-afdeling hebben om de regels goed te handhaven. Erkennen en Waarderen wordt gezien als manier om misstanden op te lossen, maar universiteiten moeten daar sowieso op letten.” 

Polack is het daarmee niet eens. “Het gaat niet alleen om regels handhaven, de cultuur moet veranderen”, zegt ze. “Wij ontvangen bij PNN wekelijks telefoontjes van radeloze PhD kandidaten. Erkennen en Waarderen kan bewustzijn creëren voor de cultuur waarin de specialist de spil is als moneymaker. Universiteiten zijn geneigd om weg te kijken.” 

Hulst beaamde dit. “Als je heel goed geld kunt binnenhalen, maar je zorgt niet goed voor je mensen, dan hoor je niet thuis in de academische wereld”, vindt zij. “We hebben meer verantwoordelijkheden dan alleen het binnenhalen van beurzen.” 

Janneke Adema : 


«
Schrijf je in voor onze nieuwsbrief
ScienceGuide is bij wet verplicht je toestemming te vragen voor het gebruik van cookies.
Lees hier over ons cookiebeleid en klik op OK om akkoord te gaan
OK