Dijkgraaf wil af van ‘dom publicatiesysteem’

Nieuws | door Janneke Adema
7 september 2022 | “We hebben een publicatiesysteem waar wij al het werk doen. Maar al het geld gaat naar één partij”, verzuchtte minister Robbert Dijkgraaf tijdens het Open Science Festival. OCW trekt miljoenen uit voor Open Science, maar volledige toegang kan ook een risico zijn voor mensen met kwade bedoelingen.
Jeroen Geurts (l), Minister Dijkgraaf (m) en Caroline Visser (r)

Tijdens het Open Science Festival spraken verschillende partijen over wat er volgens hen nodig is om dit initiatief verder uit te breiden. Het doel van de Nationaal Programma Open Science (NPOS) is om wetenschappelijke kennis volledig toegankelijk te maken in 2030. Het idee om wetenschap toegankelijker te maken bestaat al langer, maar volgens Caroline Visser van het NWO kan de extra financiering een nodige boost geven.   

Een open wetenschap heeft echter valkuilen. Zoals ScienceGuide eerder berichtte blijkt uit onderzoek dat er veel zorgen bestaan onder communicatiewetenschappers. Hoewel er weinig sceptici bij het festival aanwezig waren, werden toch een aantal opvallende en heikele punten besproken.

Niet buitengesloten, maar toch geen toegang 

Bij zijn aantreden als rector magnificus van de VU eind vorig jaar pleitte Geurts al voor Open Science. “Ik heb de schadelijke effecten gezien van wetenschappers zie zogezegd ‘op hun data zitten’,” zei hij aan het begin van het festival. “Ik heb het eerder met collega’s gehad over dat we bepaalde resultaten al zouden moeten publiceren toen ik onderzoek deed naar MS. Ik vond dat patiënten inzicht moesten hebben in ons onderzoek, zodat ze de voortgang en de resultaten konden lezen, maar mijn collega’s wilden een Nature-artikel. Dus zaten ze op de resultaten tot ze perfect waren, wat tien jaar duurde. Ik dacht daar veel over na, want dat voelde onverantwoord tegenover de patiënten.”

Een ander voorbeeld haalde Geurts uit zijn tijd bij ZonMw. “Alle bestuurders van organisaties zoals ZonMw uit andere landen kwamen samen om het over de pandemie te hebben. Het werd pijnlijk duidelijk dat mensen uit zuidelijke gebieden (Global South) geen toegang hadden tot genetische databases. Ze werden niet actief buitengesloten, maar ze wisten niet hoe ze erbij moesten komen, de codering was onduidelijk en ze moesten ervoor betalen, wat ook niet lukte.” 

Bij inschrijving ga je akkoord met onze privacy-voorwaarden. Deze voorwaarden zijn hier te lezen.

De wekelijkse nieuwsbrief is nog korte tijd gratis te ontvangen. De voorwaarden vindt u hier.

“We hadden lange discussies, maar we vonden er geen oplossingen voor,” vertelde Geurts. “Omdat het ging om een intrinsiek en chaotisch netwerk van processen. Toen besefte ik me ook dat we moeten werken naar een wereld met Open Science, zodat we data makkelijker kunnen delen.” 

Geen computerwetenschappers 

De Nationale Bibliotheek speelt ook een belangrijke rol in de Open Science-beweging. “We willen alle wetenschappelijke publicaties beschikbaar maken,” aldus Martijn Kleppe. Toch is het niet genoeg om toegang te hebben tot wetenschappelijke publicaties om onderzoeksresultaten echt toegankelijk te maken, vertelt hij. “De algemene samenleving vindt het moeilijk om publicaties of data te vinden. Daar is vaak hulp bij nodig.” Een van die hulpmiddelen is Open Knowledge Maps; een zoekmachine die speciaal is ontwikkeld voor niet-academische gebruikers. 

Ook SURF ontwikkelt digitale ondersteuning voor Open Science. “Voor Open Science heb je veilige dataopslag nodig, die de data beschikbaar maakt wanneer nodig,” legde Jet de Ranitz uit. “Daarnaast heb je goede datamanagement nodig, die het inzichtelijk maakt, ook als je geen computerwetenschapper bent. Wij ontwikkelen tools hiervoor.” 

Commerciële partijen 

Toch ziet De Ranitz ook hobbels op de weg. “We zien dat IT-gebruik toeneemt, maar we hebben ook een energiecrisis. We moeten Open Science op de juiste manier ondersteunen; op een duurzame manier.” Daarnaast is het volgens haar belangrijk om in de gaten te houden wie er bij de data kan. “Ik weet niet of we moeten streven naar een volledig open infrastructuur. Het moet ook veilig zijn. Er zijn namelijk zorgen over privacy.” De Ranitz benadrukt dat open programma’s de wetenschap kunnen verbeteren, maar een ook een risico vormen voor mensen met kwade bedoelingen. “Er moeten afwegingen gemaakt worden.” 

Verder denkt de bestuursvoorzitter dat samenwerkingen met commerciële partijen onvermijdelijk is. Dat vormt mogelijk een bedreiging voor de integriteit en de publieke waarden van de wetenschap. Volgens de Ranitz is het echter wel mogelijk om de juiste eisen te stellen en partijen te vinden die vooral als doel hebben goede producten te maken.  

Net per se gratis 

Volgens Pearl Dykstra van ODISSEI – een datanetwerk voor Sociale en Economische wetenschappen – is open data echter niet hetzelfde als gratis data. “De term ‘open’ is verwarrend, want voor sommige mensen betekent het ‘beschikbaar op het internet’,” legde ze uit. “Maar in de sociale wetenschappen en de geesteswetenschappen gaat het soms over gevoelige data. Mensen kunnen herkend worden.” 

“We gebruiken ‘open’, maar een betere beschrijving zou zijn ‘open wanneer mogelijk, maar verborgen onder zorgvuldig opgestelde voorwaarden’.” Dykstra benadrukt daarnaast dat de data niet per se gratis hoeft te zijn, aangezien het ook geld kost om de data te verzamelen. 

Geen peerreview bij Open Science 

Een andere zorg over Open Science is de kwaliteit van het onderzoek dat gepubliceerd wordt. Doormiddel van preprints kunnen onderzoeksresultaten veel sneller en transparanter worden gedeeld, omdat er geen peerreview aan vooraf gaat. Toch is er een manier om de kwaliteit te bewaken, legde Mahesh Karnani (VU) uit. “Preprints hebben verschillende versies en we kunnen commentaar geven op deze versies. Zo ontstaat een vlotte wetenschappelijke discussie.” 

Karnani is ook verbonden aan Peer Community In (PCI), een platform dat dit soort discussies ondersteunt. Auteurs met een preprint kunnen een link naar hun preprint op de website plaatsen. Een zogenaamde ‘recommender’ van PCI gaat ernaar kijken en schrijft uiteindelijk een aanbeveling, waar de auteur weer naar kan linken in een nieuwe versie van de preprint. “Het systeem is inclusief omdat het gratis is,” zei Karnani. “Mensen kunnen meedoen zonder zich zorgen te maken of ze het kunnen veroorloven.  

Waarom zo dom? 

Minister Robbert Dijkgraaf, die aan het eind van het festival aanwezig was, uitte ook zijn waardering voor Open Science. “We zien onszelf als het slimste deel van de maatschappij, maar waarom zijn we dan zo dom geweest? We hebben een publicatiesysteem waar wij al het werk doen; we redigeren onze teksten, lezen het opnieuw en zetten het zelf in het goede format. Maar al het geld gaat naar één partij.” 

De minister reikte tot slot de Open Science Awards uit aan vijf onderzoeksprojecten die uitblinken in hoe ze de maatschappij betrekken bij hun onderzoek. 


«
Schrijf je in voor onze nieuwsbrief
ScienceGuide is bij wet verplicht je toestemming te vragen voor het gebruik van cookies.
Lees hier over ons cookiebeleid en klik op OK om akkoord te gaan
OK