• A
  • A
  • De VOC als imperium

    - Waren de VOC-lieden vooral handige kooplieden of toch meer koloniale uitbuiters? Prof. Gerrit Knaap, UU-hoogleraar Overzeese en koloniale geschiedenis Hij vroeg zich af wat het personeel op de schepen en in de overzeese vestigingen nu eigenlijk deed. Ze blijken vol te hebben gezeten met echte managers.

    Premier Balkenende hield in 2006 de Tweede Kamer ‘de VOC-mentaliteit’ voor als rolmodel van het Innovatieplatform en als het recept voor het economisch herstel van het land. De VOC wordt immers al eeuwenlang gezien als een van de grootste internationale handelsondernemingen in de moderne historie en bovendien als organisatie die maar liefst tweehonderd jaar succes boekte. Kortom, een toonbeeld van wat ‘Hollands koopmanschap’ vermag.

    De hoofden van Lebak

    Professor Knaap kijkt in zijn oratie naar de feiten en rugnummers.. Hij ging op zoek naar de kooplieden van de VOC en constateert dat die in de koloniën vaak meer op bestuurders dan op handelslieden leken. Zij manageden een imperium met alle daarbij behorende machtsmiddelen Het bestuur werd bijvoorbeeld omringd door een omvangrijke gewapende macht, zowel maritiem als op land.

    Dat was voor hen en de onderneming een kwestie van overleven overzee. De VOC maakte de grootste winsten uiteindelijk niet door vreedzaam handel te drijven, maar door markten naar haar hand te zetten met militaire en politieke middelen. Door de inzet van leger en vloot en een stelsel van ongelijke verdragen werden economisch of strategisch belangrijke gebieden bezet en werden ‘inheemse vorsten’, de hoofden van Lebak en dergelijke, vazallen van de Republiek. De exportproducten uit Azië verkochten de VOC-kooplieden in heel Europa en tegen een mooie winst.

    Prof. dr. Gerrit Knaap is bijzonder hoogleraar Overzeese en koloniale geschiedenis en zal op 10 november vanaf 16.15 uur in het Academiegebouw van de Universiteit Utrecht zijn oratie uitspreken.