• A
  • A
  • Verklein kloof onderzoek en onderwijs

    - “Scholen maken veel te weinig gebruik van onderzoeksresultaten bij de verbetering van hun onderwijs”, zegt Geert ten Dam, voorzitter van de Onderwijsraad. De raad adviseert de vorming van universitaire onderwijscentra (UOC), waarin met HBO-lectoraten en praktijkscholen samengewerkt wordt.

    Het advies 'Ruim baan voor stapsgewijze verbeteringen', dat vandaag is gepresenteerd aan de Tweede Kamer, stelt dat scholen, universiteit(en), hogescholen en onderwijsontwikkelaars door samen te werken in een netwerk maximaal kunnen profiteren van elkaars kennis en kunde en zo de kwaliteit van het onderwijs verhogen.

    Onderzoek te weinig op praktijk gericht

    "Er is een grote kloof tussen onderzoek en onderwijspraktijk waar te nemen. Scholen maken veel te weinig gebruik van onderzoeksresultaten bij de verbetering van hun onderwijs; onderzoekers richten zich onvoldoende op vragen die spelen in de praktijk", stelt Geert ten Dam. Het vormen van UOC's moet onderzoek en onderwijspraktijk daarom met elkaar verbinden.

    In een UOC werken scholen samen met onderzoekers, lectoren en lerarenopleidingen, en ontwikkelen zij samen kennis om het onderwijs te verbeteren. De aanleiding kan een gezamenlijk probleem zijn waar scholen tegen aanlopen. Door onderwijspraktijk en onderwijsonderzoek dichter bij elkaar te brengen kunnen zij optimaal van elkaars kennis en expertise profiteren.

    Door de krachten te bundelen hoeft niet elke school het wiel opnieuw uit te vinden en kan systematischer worden gewerkt aan de verbetering van het onderwijs. Scholen en leraren kunnen vanuit hun eigen kennis en ervaring aangeven welke onderzoeksvragen voor hen van belang zijn. Voor onderzoekers ontstaan nieuwe onderzoeksmogelijkheden en wordt de relevantie en gebruikswaarde van wetenschappelijk onderzoek vergroot.

    Betrokkenheid bij onderwijsinnovatie versterken

    Deze aanpak versterkt de betrokkenheid van scholen bij onderwijsinnovatie, en het biedt de mogelijkheid om ervaring op te doen met een vernieuwing alvorens deze kennis breder te verspreiden. Dit verkleint het risico op verspilling van geld en tijd, doordat in korte tijd duidelijk kan worden of met een vernieuwing het gewenst effect bereikt is.

    Om scholen en onderzoekers te verleiden tot samenwerking pleit de raad voor meer coördinatie op de verschillende vormen van onderzoek. Hierbij is een belangrijke rol weggelegd voor een regie-orgaan, zoals dat onlangs is voorgesteld in het Nationaal Plan Toekomst Onderwijswetenschap. Dit regie-orgaan zou de middelen voor onderwijsonderzoek moeten bundelen en verdelen.

    De agenda's van fundamenteel onderzoek, praktijkgericht onderzoek en beleidsonderzoek kunnen via dit regie-orgaan beter op elkaar worden afgestemd, zo stelt de Onderwijsraad. Ook is het belangrijk dat scholen en docenten een rol krijgen in de programmering en uitvoering van onderwijsonderzoek.

    Daarme sluit het OR-advies meteen aan op de inhoudelijke aspecten die centraal staan in het derde debat Meesterschap van de '5ffen'. Deze bijeenkomst van de grote educatieve faculteiten in het HBO heeft plaats in Almere bij Windesheim, morgenmiddag. Achtergronden programma vindt u hier.

    Het volledige rapport van de Onderwijsraad leest u hier.