Tijdens het bestuderen van de wanden van geulen op Mars,
concludeerden onderzoekers voorheen dat water de enige verklaring
kon zijn voor de lawines die dergelijk diepe geulen heeft kunnen
vormen. De zogeheten statische rusthoek was namelijk niet stijl
genoeg om korrelig materiaal uit zichzelf tot lawines te laten
komen.
Lagere zwaartekracht op Mars
Bovenstaande verklaringen houden echter alleen stand als de
statische rusthoek van materiaal op Mars hetzelfde is als die op
Aarde. Onderzoek van Maarten Kleinhans van Universiteit Utrecht
samen met Sebastiaan de Vet van het Instituut voor Biodiversiteit
en Ecosysteem Dynamica (IBED) aan de UvA en collega's van TU Delft
laat zien dat dit waarschijnlijk niet het geval is. De sleutel ligt
in het feit dat de zwaartekracht op Mars slechts 38% van die op
Aarde is.
Met een lagere zwaartekracht zijn dergelijke lawines
waarschijnlijker. Om die lagere zwaartekracht op Mars na te bootsen
en het effect ervan op de statische rusthoek van verschillende
materialen te testen, heeft het onderzoeksteam gebruikgemaakt van
een serie paraboolvluchten.
Tijdens de achtbaanachtige vluchten werden langzaam draaiende
cilinders met daarin verschillende materialen achtereenvolgens
blootgesteld aan een verminderde zwaartekracht gelijk aan één
tiende van de normale zwaartekracht op Aarde, aan de normale
zwaartekracht op Mars en tenslotte de normale zwaartekracht op
Aarde.
Lagere zwaartekracht, sneller lawines
Uit de resultaten blijkt dat de statische rusthoek onder
verlaagde zwaartekracht sterk afneemt. Kennelijk zorgt een lagere
zwaartekracht, zoals op Mars, voor verminderde interne wrijving van
de korrels in een lawine. Hiermee kan verklaard worden hoe op Mars
geulen konden ontstaan onder een hoek die minder steil is dan onder
Aardse zwaartekracht.
Op meer fundamenteel vlak geven de resultaten aanleiding tot
twijfel over de heersende opvatting dat de statische rusthoek een
eigenschap is die uitsluitend van het type materiaal afhankelijk is
en niet van externe factoren. Het onderzoek is recentelijk
gepubliceerd in het Journal of Geophysical Research.