Charles De Gaulle beïnvloedde USA

Nieuws | de redactie
12 december 2007 | In tegenstelling tot de gangbare opinie heeft de politiek van de Franse president Charles de Gaulle in de jaren zestig wel degelijk effect gehad op de Amerikaanse buitenlandse politiek. Dat blijkt uit onderzoek van de Leidse historicus Sebastian Reyn.




Deze cartoon, die Reyn heeft opgenomen in zijn proefschrift, is volgens hem typerend voor de Amerikaanse houding ten opzichte van De Gaulle

Multilaterale kernwapenmacht
Reyn onderzocht de Amerikaanse houding ten opzichte van De Gaulle tijdens diens regeerperiode van 1958 tot 1969. Het promotieonderzoek borduurde voort op Reyns afstudeerscriptie over het beleid van de Amerikaanse president Johnson ten opzichte van De Gaulle in het kader van de multilaterale kernwapenmacht (MLF) van 1963 tot 1965.

Amerikaanse presidentiële archieven
‘Ik wilde graag de reacties in Amerika op De Gaulle beter begrijpen’, zegt Reyn. ‘Ik had de indruk dat deze moesten worden verklaard tegen de achtergrond van het historisch gegroeide denken in de Verenigde Staten over Europa en van de politieke tradities in het Amerikaanse buitenlandse beleid. Het proefschrift is daardoor ook een ideeëngeschiedenis geworden.’ Voor zijn bronnenonderzoek deed de historicus vooral onderzoek in de Amerikaanse presidentiële archieven.

Wel degelijk effecten
Op basis van dat onderzoek kwam Reyn tot een opvallende conclusie. In tegenstelling tot de gangbare gedachte dat de invloed van De Gaulle op de Amerikaanse buitenlandse politiek nihil was, stelt Reyn dat er wel degelijk effecten waarneembaar zijn. ‘Het bipolaire stelsel bleef ondanks De Gaulle intact tot eind jaren tachtig, dus de indruk klopt deels wel’, zegt Reyn. ‘ Maar dat wil niet zeggen dat elf jaar De Gaulle niets teweeg heeft gebracht.’
Reyn baseert dit op drie belangrijke ontwikkelingen in de Frans- Amerikaanse betrekkingen die hij naar aanleiding van zijn bronnenonderzoek vaststelde.

Beteugelen van gaullisme
Allereerst stonden volgens Reyn veel Amerikaanse initiatieven tegen Europa in het teken van het beteugelen van het gaullisme, dat wil zeggen het streven naar een sterke nationale republiek, eenheid en een sterk presidentschap. Vooral beïnvloeding van de Duitse politieke oriëntatie, die voortdurend vatbaar werd geacht voor een nationalistische herleving, was hierbij van belang. Zo vallen Kennedy’s ‘grand design’ voor een Atlantisch partnerschap, de Amerikaanse steun voor de Britse lidmaatschapsaanvraag voor de EEG en het voorstel van de multilaterale kernwapenmacht niet te verklaren zonder aandacht te besteden aan de bedreiging die De Gaulle’s buitenlandse politiek in Amerikaanse ogen vormde.

Strategische uitgangspunten
Ten tweede stelt Reyn dat De Gaulle Amerika dwong zich te verzoenen met nieuwe strategische uitgangspunten. Zo kon Amerika niet voorkomen dat Frankrijk een kernwapenarsenaal aanlegde en kon het land ook de ontwikkeling van de EEG naar een meer intergouvermentele organisatie en tot concurrerend handelsblok niet tegenhouden.

Atlantis uit zicht
Tot slot concludeert Reyn dat De Gaulle heeft bijgedragen aan een veranderde houding van Amerika ten opzichte van de transatlantische relatie. Hoewel er altijd voor- en tegenstanders van samenwerking met Europa hebben bestaan, groeide in Amerika na de Tweede Wereldoorlog – mede in het licht van het communistische gevaar – de wens een Atlantische gemeenschap te vormen.



Reyn: ‘De Amerikaanse hegemonie betekent niet dat andere landen tot slaafse volgelingen worden omgevormd.’Voordelen van samenwerking
Samenwerking met Europa had voor de Amerikanen een aantal belangrijke voordelen: er werd een bondgenootschap gevormd met gelijkgezinde landen dat Amerika hooguit hoefde te managen, het gaf tegenwicht aan de Europese neiging tot neutralisme in de Koude Oorlog, het bood een kader waarbinnen de Europese integratiebeweging zich kon ontwikkelen op voor de Amerikanen aanvaardbare voorwaarden, het bevorderde de opneming van Duitsland in het westerse bondgenootschap en het bood perspectieven voor de samenwerking met Europese landen in de strijd tegen het communisme buiten Europa.

Maar door toedoen van De Gaulle verloor het idee over een Atlantische gemeenschap in de jaren zestig en zeventig aan zeggingskracht. In plaats daarvan kozen de Amerikanen voor een afstandelijker en realistischer benadering van de Europese bondgenoten, waardoor het zicht op ‘Atlantis’ verloren raakte.

Ondanks hegemonie ruimte voor afwijking
Hoewel het onderwerp van zijn proefschrift veertig jaar geleden speelde, is de actuele waarde van het onderzoek groot, vindt Reyn. ‘Uit mijn onderzoek blijkt ook dat de Amerikaanse hegemonie ruimte bood voor afwijkende opvattingen en dat de Amerikanen voldoende flexibiliteit konden betrachten tegenover een weerspannige bondgenoot. Ook nu betekent de Amerikaanse hegemonie niet dat andere landen tot slaafse volgelingen worden gedegradeerd.’

Meer inzicht
Reyn, die zijn onderzoek vijftien jaar geleden begon en in zijn vrije tijd schreef, ziet zijn promotieonderzoek vooral als een hobby. Maar ook in zijn dagelijks werk heeft hij er baat bij. Sinds 1995 werkt Reyn bij het ministerie bij Defensie en is daar momenteel adjunct-hoofddirecteur Algemene Beleidszaken. ‘De nucleaire, monetaire en transatlantische vraagstukken die ten tijde van De Gaulle’s regeerperiode speelden, spelen nog steeds en daarin heb ik nu meer inzicht.’

Sebastian Reyn: ‘Atlantis Lost: The American experience with De Gaulle, 1958- 1969’. Promotie 18 december 2007