Nederland model voor Finland

Nieuws | de redactie
11 maart 2015 | Het Finse bedrijfsleven kijkt met ontzag naar het Techniekpact, Jet-Net en triple helix in ons land. “Samenwerking, in één woord. Een mentaliteit van ‘winwin’ voor een ieder die mee doet.” De daarin besloten lange termijn visie nemen hun onderwijskenners mee naar huis, want “tech is meer dan tech.”

Een delegatie uit het Finse bedrijfsleven bezocht ons land en sprak met ScienceGuide over de indrukken, observaties en conclusies uit hun gesprekken en ontmoetingen. Onder de bedrijven die met hun onderwijs en HRM experts meereisden, waren firma’s uit de papier- en pulpindustrie, biochemie, hightech raffinage en ‘rare earth’ producenten voor mobiele telefonie en communicatie. Zo bleek dat in elke gsm wereldwijd kobalt uit Finland is verwerkt, een zeldzaam metaal dat cruciaal is voor de technologie die aan de basis staat van mobiele communicatiemiddelen.

Door diepe dalen

Het bezoek bij het Platform Bèta Techniek had de Finnen in contact gebracht met een reeks projecten met een ‘triple helix’ karakter, van po/vo tot en met HO. De lessen daaruit maakten grote indruk, ook omdat veel van de knelpunten in ons land erg herkenbaar blijken te zijn. “U spreekt in Nederland vaak over ‘het Finse model’ voor goed onderwijs, maar wij zien hier vooral een ‘Nederlands model’ dat een unieke aanpak kent.”

Tekorten aan goed opgeleide mensen, vooral in de techniek, zijn ook in Finland een fiks vraagstuk, Daarbij komt dat de hightech-sector in de crisisjaren forse tegenslagen kende. Zowel Nokia als de papierindustrie gingen bijvoorbeeld door diepe dalen. “Dat werkte snel door in het onderwijs. De technische opleidingen verloren grote aantallen aspirant-studenten bij de instroom. Op het niveau van HBO en WO valt het nog wel mee, maar met name op MBO-niveau zit de schrik er erg in. Dat leidt nu ook tot minder doorstroom naar die hogere bèta-tech opleidingen, bovendien.”

De industrie merkt dat jongeren vaak nog wel geïnteresseerd zijn, maar druk op hun studiekeuze uit onverwachte hoek is gaan komen. “Het zijn ouders die de keuze voor techniek af zijn gaan houden. Die hebben na de grote bloei van Nokia en dergelijke bedrijven het idee, dat de hightech niet meer zo veelbelovend kan zijn. ‘Ga maar niet bèta-techniek doen, dat valt toch tegen wat banen betreft’, raden zij hun kinderen aan.” Daarbij komt dat de chemie en ‘basistechniek’ disciplines nog vaak erg traditioneel worden bezien: saai, vieze handen, “not very sexy.”

Slim, duurzaam, interdisciplinair

Bedrijven, scholen en kennisinstellingen merken in dit tijdsgewricht dat zij af moeten zien van een conjunctureel bepaalde, korte termijn benadering, zeiden de Finse bezoekers. Dat had hen extra nieuwsgierig gemaakt naar de aanpak in ons land met structurele initiatieven als het Techniekpact en het werk van PBT. “We moeten de innovatieve kant laten zien van ons werk en ook de wereldwijde attractie van de sector, die als exportsucces juist contacten met landen en culturen over heel de wereld weet te leggen. Het grootste petrochemisch complex ter wereld bouwen zij als Finnen bijvoorbeeld in Abu Dhabi, met een zeer slim en duurzaam concept. Maar we slagen er niet erg in dit met elan zichtbaar te maken als een geweldige kans voor jongeren en opleidingen.”

Waar men in Finland al snel de waarde van is gaan zien, is de nadruk op interdisciplinariteit. Juist die brede oriëntatie en ontmoeting over veel grenzen heen kan jong talent trekken en enthousiasmeren. “Dit gebeurt bij ons zelfs door integratie van de bèta-techniek met opleidingen in kunst en design. De Aalto-universiteit is bewust door die combinatie tot stand gebracht, bijvoorbeeld. Voor de industrie is dit echt de toekomst, om zulke verbindingen van talent te bevorderen. Je bent gewoon jaloers als je daar op bezoek komt, dat je zelf vroeger zulke opleidingen niet hebt kunnen doen.”

Nederlands DNA

Jaloers is men inmiddels ook op de brede aanpak en diepgang die op dit terrein in ons land wordt gerealiseerd. Wat het meest indruk maakt, zeggen de Finse bezoekers kort en bondig: “Samenwerking, in één woord!” Het lijkt wel of dit bij de Nederlanders in het DNA zit, grappen ze zelfs. “Dat denken in win-win-situaties is niet alleen een tactiek, het is een mentaliteit hier bij u. Partijen zien elkaar niet alleen maar in termen van competitie en concurrentie.”

Het Jet-Net-programma van bedrijven en scholen noemen zij hier een voorbeeld van, naast het Techniekpact. “Is zo’n opzet compleet nieuw? Dat niet, maar de omvang n intensiteit die hier waargemaakt worden zijn dat wel. Daarbij heeft men een lange termijn visie, een beetje holistisch zelfs, zo viel ons op. Aandacht voor bèta en techniek strekt verder in die projecten dan tech-promotie acties. In de scholen wordt ook naar het leren zelf gekeken, bijvoorbeeld hoe je door teamwork te leren jongeren beter voorbereidt op hun rollen later in de bedrijven.”

Openheid en merk

Wat in zulke programma’s ook opvalt is “de durf tot openheid,” zeiden de Finnen. De deelnemende instellingen kunnen niet vrijblijvend opereren, maar de resultaten hebben impact. In het bijzonder de openlijke vergelijking van uitkomsten en activiteiten in HBO en WO maakte indruk. “Die openheid in de discussies over wat werkt en over lessen die je trekt, is een heel sterk punt.”

Zij noemen de opzet en aanpak van zulke projecten zeer professioneel, vergeleken met wat zij in andere landen en ook thuis tegenkomen. “De planning en coördinatie zijn sterk ontwikkeld. De aantallen bedrijven die meedoen zijn indrukwekkend. Je ziet ook dat zoiets als Jet-Net echt ‘een merk’ geworden is, net als de samenwerking in de triple helix een begrip is geworden.”

Herontdekte bossen

“We nemen heel veel indrukken en lessen mee terug. Die moet je vertalen naar een land dat natuurlijk anders in elkaar zit, andere tradities kent ook. In ons veel dunbevolktere land dan Nederland is het bijvoorbeeld erg belangrijk dat je de lokale gemeenschappen en omgeving van bedrijven en scholen bijeen brengt bij een aanpak als deze.”

De langere termijn strategie voor een Finse editie van het Techniekpact staat de mensen uit de bedrijven wel duidelijk voor ogen. Accent zou gelegd moeten worden op de zwaartepunten van de ontwikkeling van de kenniseconomie van het land, met name het streven om in de ‘bio-economie’ een topland in de wereld te worden. Men heeft de enorme natuurlijke rijkdom en de bossen herontdekt als basis voor hoog ontwikkelde biotechnologische en chemische kennis, producten en processen.

De ‘Arctische locatie’ is ook zo’n bijzonder gegeven van Finland dat men nu als kennisfactor is gaan uitdiepen. “De waardeketens die hieruit ontstaan moeten we leren innoveren. De digitalisering van de economie blijft natuurlijk een sterk punt, maar deze nieuwe accenten zouden nog veel perspectief kunnen gaan bieden.”


Schrijf je in voor onze nieuwsbrief
«

ScienceGuide is bij wet verplicht je toestemming te vragen voor het gebruik van cookies.

Lees hier over ons cookiebeleid en klik op OK om akkoord te gaan

OK