Even simpel als geniaal

Nieuws | de redactie
16 september 2015 | Als je kunt leren van een vriend is dat voor beide een bevestiging van de band. Daarom is het wel zo aardig als Nederland kan leren van Israël, het land dat meer dan elk ander de eretitel ‘Start-up Nation’ verdient. Frans Nauta legt hun “simpel en geniaal” beleidsconcept voor dat geen ander land nog doorhad

“Vorige week tijdens een lezing in Helsinki op het Global Clean Tech Forum refereerde ik aan het succes van Israël als ‘Start-up Nation’. Na afloop kreeg ik opvallend veel vragen van deelnemers, dus het leek me een mooi onderwerp voor een column op ScienceGuide. Op voorhand excuus voor het ietwat technische taalgebruik, het blijft lastig om swingend te schrijven over venture capital. Desondanks vermoed ik dat het interessant materiaal is voor de ScienceGuide lezer en beleidsmakers en ondernemende mensen in de kennissector als geheel.

Het succes

Israël is een ongekend succesverhaal als het om startups gaat. Om je een gevoel te geven voor hoe succesvol:

• Israël heeft het hoogste budget venture capital per hoofd van de bevolking, hoger dan de USA;

• In het verlengde daarvan, per capita heeft Israël het hoogste aantal startups ter wereld. Zoals ik het deze zomer in Tel Aviv door iemand hoorde omschrijven: ‘If you throw a stone in Tel Aviv, there is a very high chance you hit a startup’;

• Er zijn zo’n 100 Israëlische bedrijven die een Initial Public Offering (IPO) hebben gedaan aan de NASDAQ, de belangrijkste technologiebeurs in de wereld. Alleen Amerika en China scoren hoger. Israël is een land met ongeveer 8 miljoen inwoners en scoort beter dan bijvoorbeeld Duitsland, dat tien keer zoveel inwoners heeft;

• De R&D uitgaven in Israël behoren al jarenlang tot de hoogste van de wereld.

Wat interessant is aan het Israëlische succesverhaal is de doorslaggevende rol die de overheid heeft gespeeld om het startup ecosysteem op gang te brengen. Met name twee programma’s zijn daarvoor van belang geweest: het Yozma programma en het Incubator programma.

Yozma’s boost

Yozma is het Hebreewse woord voor ‘initiatief’. Het programma startte in 1993 met de oprichting van een overheidsfonds Yozma I. Het heeft de basis gelegd voor de Israëlische venture capital industrie. 80% van Yozma I werd geïnvesteerd in nieuw op te richten commerciële fondsen, 20% werd rechtstreeks geïnvesteerd in startups. De spelregels waren relatief simpel. De nieuwe fondsen moesten ten minste $20 miljoen in omvang zijn, waarvan maximaal $8 miljoen (dus max. 40%) afkomstig was uit Yozma I. In totaal werden er tien commerciële fondsen opgezet met participatie vanuit Yozma I.

Een harde voorwaarde was de deelname van ‘Reputable Foreign Financial Institutions’; zonder zwaargewichten uit de VS en de EU of elders uit de wereld was er geen overheidsbijdrage mogelijk. De nieuwe fondsen konden de overheid binnen vijf jaar uitkopen via een zogenaamde ‘call optie’, waardoor de winst van het fonds grotendeels bij de marktpartijen terecht kwam. Acht van de tien fondsen maakte gebruik van die optie.

De investeringsomvang van de tien nieuwe fondsen bedroeg bij de start $210 miljoen. Tien jaar later waren de opvolgers van die eerste tien fondsen bij elkaar goed voor bijna $3 miljard (!). In 1998 werd Yozma verzelfstandigd tot een commerciële organisatie, die nog twee nieuwe fondsen heeft opgezet, Yozma II en III.

De totale omvang van het Yozma programma was $220 miljoen aan geïnvesteerd kapitaal. Het heeft een enorme boost gegeven aan het op gang brengen van de Israelische venture capital markt. Minstens zo interessant is dat het programma de Israëlische overheid amper geld heeft gekost: 8 van de 10 fondsen heeft de overheid uitgekocht en heeft dus (iets) meer dan de Yozma I inleg terugbetaald.

Een echt spannend incubator programma

Het Israëlische incubator programma dateert ook uit 1993. Wat er interessant aan is (en wat ik nog steeds geen enkel land heb zien overnemen) is dat het incubators combineert met een investeringsfonds. Dat is een even simpel als geniaal idee, omdat het grote probleem van incubators is dat je er geen droog brood mee kunt verdienen 1). Ga maar na. Je verhuurt kantoorruimte aan bedrijven die vrijwel geen geld hebben, dus het mag allemaal niets kosten. De bedrijven die het echt goed doen ben je binnen de kortste keren weer kwijt, omdat ze je incubator uitgroeien. De zwakke broeders blijven achter, en die krijg je met geen stok je gebouw uit omdat ze nergens anders zo goedkoop kunnen huren. Als je ze er al uit durft te zetten (iets wat ik geen enkele incubator heb zien doen) is het risico leegstand en inkomstenderving. Wat een hopeloos business model!

Hoe dat in de praktijk werkt kun je goed zien in YES!Delft, Europa’s grootste en meest succesvolle tech incubator. Er huren meer dan 60 bedrijven kantoorruimte in YES!Delft, geweldig. Maar je kunt er nog geen cappuccino krijgen, laat staan een vers belegd broodje. Want geen van die 60 bedrijven is bereid om iets te betalen voor koffie of een lunch. En geloof me, ik heb de afgelopen jaren veel incubators van binnen gezien, het is overal hetzelfde. Tenzij er heel veel overheidssubsidie in gaat zitten, maar dat is qua business model nog minder aantrekkelijk.

Israël laat zien hoe het slimmer kan. Bedrijven worden alleen toegelaten tot een incubator als dat gepaard gaat met een investering vanuit het fonds dat gekoppeld is aan de incubator. In Israël gaat het om een standaard investering van 600 k€. In ruil voor die 600 k€ staat de startup een vast percentage aandelen af: 30%. Op die manier sla je twee vliegen in één klap: de incubator profiteert mee van het succes van de startups die er uit groeien, en er is veel meer venture capital voor handen voor ‘early stage’ technologie bedrijven, iets waar we in Nederland een groot probleem hebben.

Kassa voor de staatskas dankzij Google

Van de 600 k€ neemt de overheid veruit het grootste deel voor zijn rekening: 500 k€. De commerciële fonds slash incubator manager investeert 100 k€ en is verantwoordelijk voor het management van het bedrijvenportfolio (en maakt dus flink wat kosten naast die 100 k€). Als een van de bedrijven naar de beurs gaat of verkocht wordt profiteert de overheid mee. Bij een overname door een buitenlandse partij moet het overheidsdeel van 500 k€ vijf keer uitgekeerd worden. Zo verdiende de Israëlische staat per saldo €2 miljoen aan de acquisitie van Waze door Google.

De incubators hebben allemaal een eigen marktfocus. Zo ben ik de afgelopen jaren onder andere bij Capital Nature (duurzame energie en biobased producten) en Kinrot (watermanagement) op bezoek geweest. De incubators worden bewust geografisch gespreid, wat veel steun oplevert van de locale overheden. De fonds slash incubator managers worden geselecteerd op kwaliteit. Dat gebeurt in een tender procedure, waarbij partijen een bidboek indienen waarin ze hun aanpak uiteen zetten. Het beste inhoudelijke bid wint. In totaal zijn er sinds 1993 op deze manier tientallen incubators opgezet in Israël.

Er zijn helaas geen systematische data beschikbaar over hoe succesvol het programma is, en wat het programma de overheid kost. Op basis van mijn gesprekken is mijn inschatting dat het programma de staat per saldo geld oplevert. Maar de belangrijkste succesindicator is voor mij het feit dat steeds meer multinationals meebieden in de tenders. Zo is Kinrot overgenomen door Hutchison, een industrieel conglomeraat uit Singapore dat een grote waterdivisie heeft. Sanara Ventures, die zich richt op medische technologie, heeft onder andere het Nederlandse Philips als mede-investeerder.

Israël en Nederland

Als we Yozma vergelijken met de Nederlandse aanpak voor nieuwe venture capital bedrijven dan komen we uit bij de SEED-Capital regeling (voorheen de Technopartner regeling). In die regeling is de maximale bijdrage van de overheid €4 miljoen, en maximaal 50% van het fonds. Verder heeft de Nederlandse overheid niet de eis gesteld die gelde bij Yozma: ‘Reputable Foreign Financial Institutions’. Het gevolg is de Technopartner fondsen voor het overgrote deel opgericht zijn door Nederlandse partijen. Daardoor heeft de Nederlandse venture capital vrijwel geen extra buitenlands kapitaal aangetrokken. Een gemiste kans.

Het tweede verschil met Israël zit in de omvang van de fondsen. Die is in de meeste gevallen €8 miljoen. En dat is een veel te lage omvang om een fonds professioneel te kunnen managen. Ga maar na. Stel we hebben twee fondsmanagers. Bij een management fee van 2% per jaar is het totale jaarbudget voor managementkosten 160 k€. Trek daar 60 k€ vanaf voor kantoorkosten, reiskosten en juridische kosten (goede contracten opstellen is niet goedkoop) en er blijft 100 k€ over. Dat is 50 k€ per fondsmanager, nog voor aftrek van werkgeverslasten. Daar kunnen onze twee fondsmanagers niet van leven als het hun full time baan is.

En daar komt dan nog bij dat er geen fondsmanagementkosten uit het overheidsdeel betaald mogen worden. Niet heel moeilijk om vast te stellen dat de Nederlandse regeling een stuk minder aantrekkelijk is dan de Israëlische aanpak. Er is veel voor te zeggen om de SEED-regeling om te bouwen zodat de fondsen een minimale omvang hebben van €40 miljoen.

Neemt Neelie iets mee?

Als we kijken naar de incubators dan bestaat er simpelweg geen vergelijkbaar programma in Nederland. Dat is een gemiste kans. Het is een ideale aanpak om het business model van incubators te verstreken. En minstens zo belangrijk voor startups: er zal veel meer geld beschikbaar komen voor vroege fase financiering voor technologie startups in Nederland.

Er is dus veel voor te zeggen om flink de kunst af te kijken in ‘Startup Nation’. Vorige week was er een Nederlandse delegatie met minister Kamp, Kroes en de Amsterdamse wethouder Ollongren op bezoek in Tel Aviv. Laten we hopen dat ze vol nieuwe inspiratie teruggekomen zijn.

Frans Nauta is al bijna tien jaar columnist van ScienceGuide. Hij begon in die rol als lector van de HAN en is tegenwoordig onder andere verantwoordelijk voor het Europese startup accelerator programma van Climate-KIC en de founder van Climate Launchpad, Europa’s grootste competitie voor clean tech business ideas.

1) Disclaimer: Over Yozma is redelijk wat informatie te vinden, over het incubator programma is dat veel minder het geval. Vrijwel alles wat ik hier schrij,f heb ik opgetekend in gesprekken met mensen van het OCS (Office of the Chief Scientist, verantwoordelijk voor het programma) en met verschillende incubator managers.

Meer weten?

https://en.wikipedia.org/wiki/Venture_capital_in_Israel

http://www.yozma.com/overview/

http://business.financialpost.com/fp-comment/israels-yozma-an-example-for-canada

http://steveblank.com/2011/09/01/why-governments-don’t-get-startups/ 

http://www.incubators.org.il/category.aspx?id=605


Schrijf je in voor onze nieuwsbrief
«

ScienceGuide is bij wet verplicht je toestemming te vragen voor het gebruik van cookies.

Lees hier over ons cookiebeleid en klik op OK om akkoord te gaan

OK