Oude demonen baren universiteit Gent zorgen

Democratische verkiezingen van rectoren zorgen voor spannende taferelen

Analyse | door Ruben Claesen
26 april 2017 | De doorgaans brave en fatsoenlijke Vlaamse hogeronderwijswereld surft de laatste weken op een gletsjer van intrige, bedrog en ophef. Dan moeten er wel verkiezingen in aantocht zijn. Correspondent Ruben Claesen schrijft over de Vlaamse rectorenverkiezingen.

In twee Belgische provinciehoofdsteden kiest de plaatselijke gemeenschap een nieuwe leider. Niet die van het stadhuis, maar van het rectoraat. Eerst is er de pluralistische Universiteit Gent, dat eind deze week een tweede kiesronde nodig heeft om een nieuwe rector te bepalen. Wat later, op 9 mei, is de Katholieke Universiteit Leuven aan de beurt.

De Vlaamse universiteiten bepalen zelf hoe en door wie hun rector verkozen wordt. Vorig jaar was de Vrije Universiteit Brussel (VUB) nog de eerste om aan elke student één stem te geven – de stem van de voltallige studentengemeenschap telde weliswaar maar voor tien procent mee – en dat bleek het begin van een trend. Aan de KU Leuven kunnen voortaan alle studenten een raadgevende stem uitbrengen tijdens de verschillende facultaire congressen. Het is vervolgens, bijna zoals in de Verenigde Staten, aan de aldaar verkozen facultaire kiesmannen om dat advies al dan niet te volgen. Aan de UGent volgen ze dan weer het voorbeeld van de VUB via de invoering van het algemeen studentenstemrecht.

Papenvreters en pilarenbijters

Het lezen van de kop “Schaf die rectorverkiezingen af” moet dan even dissonant voorkomen als de uitroep van de parapluloze vrijetijdswandelaar die omwille van een stevige plensbui het onschuldige weerbericht tot in de eeuwigheid verwenst. Nochtans stonden die woorden er echt, en meer nog vormden ze titel van een column van de hand van Freddy Mortier, huidig vicerector van de UGent.

Mortiers knuppel in het hoenderhok was een reactie op het gekonkel in de coulissen van zijn instelling dat het nieuws al enkele weken beroert. Volgens verschillende Vlaamse media is de Gentse universiteit, op gezag van anonieme bronnen, immers verworden tot een Berlijn uit de Koude Oorlog, met vrijzinnige logebroeders en christendemocratische katholieken die elkaar naar het leven staan in de strijd om het rectoraat.

Die historische breuklijn, sinds 2013 nadrukkelijker op de voorgrond nadat vrijmetselaar Mortier zichzelf als de kandidaat-rector van de tandem Mortier-De Paepe profileerde maar door de Gentse raad van bestuur slechts werd aangeduid als vicerector van zetelend en katholiek rector Ann De Paepe, is terug van nooit helemaal weggeweest.

Een keihard spel

De zachtjes aanzwellende etterbuil barstte open na de onthulling van De Paepes ware motieven om niet voor een tweede ambtstermijn te gaan: ze zou het slachtoffer zijn van intimidaties uit de hoek van topfavoriet Rik Van de Walle, decaan van de ingenieurswetenschappen. Onder meer Van de Walle zelf zou haar, opnieuw volgens anonieme bronnen, volgende woorden hebben toegesnauwd: “Denk goed na, want het zal keihard worden gespeeld.” Bovendien had de pers enkele dagen eerder Van de Walle nog aangemerkt als logebroeder – al wil Van de Walle zelf dat bevestigen noch ontkennen. Rector De Paepe wil slechts kwijt dat ze inderdaad onder druk is gezet, zonder verder in detail te willen treden.

Sindsdien worden de messen geslepen en kan geen enkele daad nog aan het tweekampendiscours ontsnappen: een decaan die een brief als warme stemoproep naar studenten en faculteitspersoneel stuurt met daarin de vaststelling dat “een prominent lid van onze faculteit (…), deel uitmaakt van een van de duo’s” (“Waarop nog wachten?”), professoren die het digitale studieplatform gebruiken voor persoonlijke steunbetuigingen, een openlijk stemadvies van een lid van het kiescomité dat toeziet op het volgen van de procedure, … Zelfs de straat, voor de deur van het kantoor van Van de Walle, werd beklad: “Geen loge aan onze unief.”

Kiesrecht beperkt

Al dat gekissebis doet Mortiers hart bloeden, zo zegt hij in weekblad Knack. Hij vindt het niet meer van deze tijd dat de rectorenstrijd eerder over stempel en gezindte dan over inhoud gaat. Ter inspiratie van een alternatief kijkt hij daarom naar Nederland. Mortier, als antwoord op de vraag hoe het dan precies in zijn ideale wereld zou verlopen: “Door een evenwichtig en onverdacht comité samen te stellen dat de vaardigheden en de bestuurservaring van alle kandidaten nagaat.”

Anderen vinden de huidige stemverdeling dan weer niet democratisch genoeg. Zo breekt promovendus Thibaut Renson in zijn opiniebijdrage in De Standaard net een lans voor nog een hoger democratisch gehalte bij verkiezingen:

De stemmen van de proffen wegen voor 67 procent, terwijl de stemmen van de studenten voor 16 procent wegen en die van de assistenten en het administratief personeel elk voor 8,5 procent. Omgerekend betekent dit dat de stem van één prof groter is dan die van een assistent, studiebegeleider, trajectbegeleider, onderwijskwaliteitsmedewerker, onderwijsinnovator, bibliothecaris en secretaris samen.”

Dat het aandeel van de professoren groter is, vindt Renson niet onbegrijpelijk, maar laat de UGent dan ook zo correct zijn en de rectorverkiezingen geen voorbeeld van democratie noemen, want dat zijn ze niet. Naar analogie met de parlementsverkiezingen, stelt Renson over het studentenkiesrecht: “Dan is het evenzeer een voorbeeld van democratie om het stemgewicht van de burgers wier leeftijd de levensverwachting voorbijgestoken heeft (en die hier dus niet lang meer zullen zijn), ook te verminderen.” Voor Renson moet Mortiers voorstel lijken op het instellen van een oligarchie.

Blamage

Meer of minder democratie is het meest belichte vraagstuk dat de Gentse verkiezingen tot dusver hebben opgeworpen, maar onder de oppervlakte sluimert er meer. Opvallend is immers dat de vingerwijzende getuigenissen in de media voor de overgrote meerderheid van anonieme afkomst zijn. Nochtans wordt er gegoocheld met omschrijvingen als decanen, onderwijsbonzen en mediatieke professoren, maar meer dan hun functie willen de betrokkenen niet prijsgeven. Zij die hun kritiek wel met naam en toenaam in de krant willen zien, zijn zonder overdrijving op een hand te tellen.

Zelfs uittredend rector De Paepe, die aanvankelijk voorhield dat haar niet-verkiesbaarstelling te wijten was aan het overlijden van haar echtgenoot, schijnt de media geen gehoor meer te willen geven. Journalist Maarten Goethals overschouwde haar opmerkelijke houding in De Standaard: “De Paepe staat binnen de centrale diensten van de universiteit niet bepaald bekend als een zacht eitje, dat snel onder de indruk raakt. Integendeel. (…) Dus vanwaar de plotse knieval voor externe druk? Waarom nu plots wel toegeven aan kritiek? Wat veranderde? (…) De vraag mag trouwens gesteld worden of de intimidaties (indien bewezen geacht) effectief ook een rol speelden bij haar beslissing. Want de kaarten van De Paepe lagen hoe dan ook niet bepaald gunstig, politiek-strategisch gezien. Binnen de universiteit groeide de kritiek op haar communiceren (te vaak afwezig in debatten) en op haar aanpak (‘er ligt nog veel werk te wachten’, aldus een lid van de raad van bestuur). Dat wist haar vicerector, Freddy Mortier, lange tijd op te vangen, als dossiervreter.”

Eerder had De Standaard al onthuld dat De Paepe, waarschijnlijk haar academisch Monsterverbond uit 2013 met Mortier indachtig, aan Van de Walle gevraagd heeft om als haar running mate naar de verkiezingen te trekken. De ambitieuze Van de Walle wilde echter voor zijn eigen kansen gaan. Bij gebrek aan andere strategisch en inhoudelijk sterke running mates, zou De Paepe zomaar zelf de handdoek in de ring gegooid kunnen hebben. “Opkomen en dan als zittend rector verliezen, zou niet alleen een institutionele maar ook een persoonlijke blamage zijn, en die bleek niet geheel onreëel”, zo besluit Goethals zijn stuk.

Voorlopig heeft de commotie Van de Walle niet gedwarsboomd. Hij won met 57,8 procent de eerste stemronde, terwijl tegenkandidaat Guido Van Huylenbroeck, voormalig decaan van de bio-ingenieurswetenschappen en momenteel Directeur Internationalisering, het bij 36,2 procent hield. Wie ten laatste na vijf stemrondes een tweederdemeerderheid verovert, wordt de nieuwe rector van de UGent. Lukt het niet na vijf rondes, dan mogen nieuwe kandidaten zich melden. Fluisteraars beweren zelfs dat Ann De Paepe dan weleens als een feniks uit haar as zou kunnen herrijzen.


Schrijf je in voor onze nieuwsbrief
«

ScienceGuide is bij wet verplicht je toestemming te vragen voor het gebruik van cookies.

Lees hier over ons cookiebeleid en klik op OK om akkoord te gaan

OK