Duisenberg heeft opvattingen met een hoofdletter

Nieuws | de redactie
4 september 2017 | De aanvoerder van de Top 10 van ScienceGuide van dit jaar is Pieter Duisenberg. Hij drukte de grootste stempel op het hoger onderwijs en de wetenschap, al was lang niet iedereen daar blij mee. Een profiel van een politicus die spreekt zonder meel in de mond.

In 2012 kwam Pieter Duisenberg in de Tweede Kamer. De eerste maanden waren naar eigen zeggen geen succes. Als oud-financieel directeur van energiebedrijf Eneco kende hij de mores niet op het Binnenhof. Van zijn vader, Wim Duisenberg – de voormalig directeur van de Europese Centrale Bank die in 2005 plotseling overleed – had hij geleerd dat hij door moest zetten. Ook bij zijn eerste baan na zijn studie, die hij ook als vreselijk had ervaren, kreeg hij van zijn vader het dringende advies om niet te stoppen, maar het te blijven proberen.

De methode Duisenberg

Na een paar maanden kreeg Duisenberg de draai te pakken in de Kamer. Afkomstig uit het bedrijfsleven verbaasde het hem bij het eerste begrotingsdebat van OCW dat er bijna dertig miljard van de onderwijsbegroting werd goedgekeurd door de Kamer, zonder dat er gedegen naar werd gekeken. Daarom ontwikkelde hij zijn eigen ‘methode-Duisenberg.’ 

Bij die methode worden vaste leden van de Kamercommissie gedwongen om diepgravend onderzoek te doen naar de onderwijsbegroting en aan de Kamer te rapporteren of de beleidsdoelstellingen zijn behaald. Inmiddels werken meerdere gemeentes met deze systematiek. Zelfs de hoofdstad pakt na schade en schande en vele financïele malversaties de methode-Duisenberg op.

Het leenstelsel

In 2014 was Duisenberg één van de architecten van de grootste hervorming van de studiefinanciering sinds die van Deetman in de jaren ‘80, het leenstelsel, eufemistisch omgetoverd tot het ‘studievoorschot’ door Duisenberg en ‘sociaal leenstelsel’ door Jesse Klaver (GL). Op instignatie van premier Mark Rutte werden deze twee uitersten van de leenstelselcoalitie bij elkaar gezet. Na weken onderhandelen en nadat vele terugbetaalschema’s de revue hadden gepasseerd lag er een akkoord.

Als coalitiepartner in het kabinet Rutte-II heeft Duisenberg zich niet onbetuigd gelaten en heeft hij het de sociaaldemocraat en tevens coalitiepartner minister Bussemaker zo nu en dan erg lastig gemaakt. Waar de minister het opnam voor de bezetters van het Maagdenhuis en niet van plan was om de schade van de bezetting te verhalen, hield Duisenberg voet bij stuk. Meerdere malen vroeg hij per motie om de schade op de in zijn ogen Amsterdamse vandalen te verhalen.

Politieke kleur wetenschappers 

De grootste bekendheid die Duisenberg afgelopen jaar genereerde was tijdens een debat in de Kamer over het wetenschapsbeleid. In een lang en tamelijk saai debat zat het venijn hem in de staart. Aanleiding was een discussie over een paar miljoen euro die de minister had uitgetrokken voor meer vrouwelijke hoogleraren, om op die manier diversiteit onder het hooglerarencorps te bevorderen. Duisenberg had andere zorgen ten aanzien van diversiteit en wilde dat er meer aandacht zou komen voor meer diverse opvattingen in de wetenschap. Het VVD-Kamerlid had meerdere signalen gekregen dat afwijkende meningen in de academie niet altijd gehoord konden worden en dat deze belemmerend zouden zijn voor de carrière van academici. Hij vroeg daarom om een onderzoek om te kijken of er binnen de academie wel plaats was voor diverse opvattingen.

De oproep van Duisenberg werd op zijn zachtst gezegd niet door iedereen positief ontvangen. Een storm van kritiek was het gevolg. Toch hield hij voet bij stuk en diende hij een week later een motie in die de KNAW verzocht om hier onderzoek naar te doen. Met steun van alle rechtse partijen in de Kamer kreeg hij een meerderheid voor dit onderzoek. Binnen de universiteiten was er maar één een rector die hem openlijke steunde in zijn oproep. Dat was Carel Stolker, van de Universiteit Leiden.

Kennis, kunde, kassa

Een ander punt waarmee Duisenberg het afgelopen jaar van zich deed spreken was het plan om van het Nederlandse hoger onderwijs een topsector te maken. Naar Canadees en Australisch voorbeeld moesten er veel meer internationale studenten worden aangetrokken dan Nederland nu al doet. De ambitie moest fors omhoog. Nederland moet zich in de ogen van Duisenberg niet terugtrekken achter de dijken maar met open vizier zoveel mogelijk internationaal toptalent aantrekken.

Na het verschijnen van het interview op ScienceGuide waar Duisenberg dit agendeerde, belde prompt de voorlichter van OCW naar de redactie. De  minister wilde graag reageren op deze in haar ogen wat platte: ‘kennis, kunde, kassa’ benadering van Duisenberg. Anderen reageerden juist enthousiast. Voor Nuffic, de organisatie die de internationalisering van het hoger onderwijs moet stimuleren, was het zelfs direct aanleiding om een politiek debat te organiseren in het kader van de Tweede Kamerverkiezingen om zo de oproep van Duisenberg nog wat luister bij te zetten.

Tot ieders grote verassing werd eind augustus bekend dat Pieter Duisenberg de opvolger wordt van Karl Dittrich als voorzitter van de VSNU. Waar Dittrich een verbinder is en zaken nooit op de spits drijft, daar is Duisenberg een man met opvattingen met een hoofdletter. Hij heeft onder links angehaugte wetenschappers uitgesproken tegenstanders heeft in de academie.

Dat Duisenberg zo uitgesproken is brengt wel een uitdaging met zich mee, zeker ook op de Universiteit van Amsterdam. De voorzitter aldaar, Geert ten Dam benadrukte dat Duisenberg zich daar bewust van moet zijn en zei tegen ScienceGuide in reactie op zijn benoeming: “Hij heeft veel dingen gedaan voor de universiteiten, maar hij heeft wel een stevig legitimiteitsprobleem.”

De benoemingscommissie met de voorzitter van de Erasmus Universiteit Kristel Baele stelde Ten Dam deels gerust, zo stelde de Amsterdamse collegevoorzitter. “De benoemingscommissie had daar een helder verhaal over. Daarnaast is Pieter de beste die er was kregen wij te horen, maar nogmaals hij heeft wel een legitimiteitsprobleem, waar hij zelf iets aan moet doen.”

Dat is wel een dingetje

In de top van de KNAW is men enthousiast, maar verrast over de keuze voor Duisenberg. “Ik zie zijn benoeming met veel vertrouwen tegemoet”, zo zegt de president van de KNAW, maar deze benoeming was wel onverwacht. “Ik had zo een aantal namen kunnen noemen, maar niet Duisenberg. Ik had verwacht dat hij niet alleen in de Kamer zou blijven maar ook wel in het kabinet zou kunnen komen. Echter hij heeft nooit de universiteit vanbinnen gezien en dat is wel een dingetje. Heel veel mensen in het veld zullen daar heel sceptisch over zijn, daar zullen ze alles aan afmeten.”

Duisenberg zal het de eerste komende periode daarom niet altijd makkelijk krijgen. Het advies van Duisenberg senior om vooral door te blijven zetten kan daarom nog goed van pas komen. Daarnaast is hij zelf benaderd door de benoemingscommissie van de VSNU, dit moet ook als een steun in de rug worden ervaren.


Schrijf je in voor onze nieuwsbrief
«