Waar staat de hogeschool voor?

Nieuws | de redactie
14 september 2012 | Docenten en medewerkers in een hogeschool moeten kenner zijn in hun vakgebied, betogen twee lectoren van de Hanzehogeschool. Zij vervullen een “gidsrol binnen het onderwijs”. Maar een gids heeft volgers nodig en dus moet het HBO een aanspreekpunt zijn voor de praktijk.

“In dit artikel betogen we dat HBO medewerkers kenners dienen tezijn in een vakgebied, goede professionals. Bedrijven enmaatschappelijke organisaties moeten graag met ons samenwerken,niet alleen omdat we goede studenten afleveren, maar ook omdat wekenners zijn in ons vakgebied. Onderzoek is daarbijcruciaal. 

Een kenner blijft zich verdiepen in zijn vakgebied, een kennerheeft een onderzoekende houding. Het is daarom van cruciaal belangdat docenten, managers en lectoren elkaar blijven aanspreken op hunspecialismen. Publiceren en samenwerken met bedrijven of andereorganisaties hoort hierbij. 

Gidsrol in het onderwijs 

Hogescholen en universiteiten zijn er voor studenten. Dat kanalleen wanneer we als medewerkers ook onszelf blijven ontwikkelenals professional. Als professionals weten docenten wat in hunvakgebied gebeurt, zijn zij in staat een eigen mening te vormenover ontwikkelingen in het vakgebied, kunnen zij relaties leggenmet andere vakgebieden en maatschappelijke ontwikkelingen en kunnenzij al deze kennis en ervaring overdragen op studenten, of ze nu 17of 71 zijn. 

Alle andere functies binnen de Hanze zijn hiervan afgeleid.Stafdiensten ondersteunen de organisatie bij het goed functioneren,lectoren ondersteunen in het leggen van contacten met de praktijken het ontwikkelen en vastleggen van kennis in een bepaaldvakgebied door middel van onderzoek en contacten met dewetenschappelijke wereld.  

Zij beheersen de kunst te herkennen waar bestaande kennisontoereikend is in de praktijk en nieuwe ontwikkelingen te plaatsenin de praktijk. Deze kunst is gestoeld op onderzoeksvaardigheden enenerzijds academische kwaliteiten en anderzijds praktijkervaring.Hierdoor vervullen zij een gidsrol binnen het onderwijs. Maar eengids heeft volgers nodig. 

Maatschappelijke verantwoordelijkheid uit hetoog 

Ook HBO medewerkers dienen midden in hun vakgebied en demaatschappij te staan. Dit wil niet zeggen dat docenten zichvolledig dienen te identificeren met het vakgebied. Een docentverpleegkunde of een docent marketing weet niet alleen iets van hetvakgebied. 

De docent heeft een voorsprong op collega’s in de praktijk in devorm van didactische vaardigheden en de ruimte tot meer reflectieop de praktijk als gevolg van een grotere afstand. Hiermee dient dedocent sectorale kennis en praktijkroutine te kunnen compenseren.Kortom, zij kan mensen iets leren, zelfs specialisten, door tefaciliteren en door nieuwe kennis in haar vakgebied te ontginnen.Een dergelijke rol vraagt wel zelfbewustzijn: over de eigen kennisen mogelijke bijdrage ten opzichte van collega’s in depraktijk. 

We moeten ons voortdurend afvragen of dit zelfbewustzijnvoldoende aanwezig is. Er lijkt op sommige instituten te weinigconstructieve dialoog over de ontwikkeling van een bepaaldvakgebied. Er zijn nog steeds docenten die alleen komen om hun lesaf te draaien, lectoren leveren een aantal onderzoekjes, hetmanagement verzorgt  de ‘urenplanning’ en het bestuur bewaaktde rapportagecyclus. Voortdurend dreigt het gevaar dat we te veel’functioneel’ bezig zijn, alleen met enge taken gericht op basaalondewijs, waarbij onze maatschappelijke verantwoordelijkheid alskennisinstelling uit het oog wordt verloren. 

HBO aanspreekpunt voor de praktijk 

Op veel (meeste) hogescholen wordt bijvoorbeeld geenresultaatgarantie gegeven op werkstukken van studenten en opstages, ook niet wanneer de opdrachtgever er om vraagt en er voorwil betalen. Docenten bewaken of de kwaliteit aan de curriculumeisen voldoen, maar niet of deze aan de eisen van een opdrachtgevervoldoen. Of het werkveld krijgt waar ze om vraagt is minderbelangrijk. Kwaliteit is echter een kritische waarde voor deprofessional in een kennisinstelling. 

Doordat ontwikkelingen in een vakgebied soms worden verwaarloosden doordat ook wij ons soms te weinig laten uitdagen, zien veelmensen in de praktijk hogescholen niet daadwerkelijk alskennisinstelling. We leveren goede studenten af, maar bedrijven eninstellingen komen nog te weinig automatisch naar een hogeschoolwanneer ze een prangend probleem hebben waarbij de hogeschoolmisschien een oplossing zou kunnen bieden. Te vaak stellenhogescholen dat ze ‘kennis’ bieden zonder dat ze duidelijk kunnenmaken wat dat dan is. 

De huidige maatschappelijke ontwikkelingen vragen dat HBO’s hunrol als kennisinstelling, University of Applied Sciences, serieusnemen. Wij zijn een aanspreekpunt voor mensen in de praktijk. Nietomdat we de waarheid in pacht hebben, maar omdat we mensen kunnenhelpen om verder te komen in een vakgebied, om mensen iets teleren. 

Het idee dat moderne medewerkers gedurende hun hele carrièremoeten blijven leren, is een maatschappelijke realiteit. Vandaarook het belang van het programma ‘Leven Lang Leren (LLL)’. Tienjaar geleden was internet nog vreemd, waren vele medischetechnieken nog niet aanwezig en navigeerden we nog met een kaart inde auto.

De ontwikkelingen in vakgebieden gaan razend snel.Kennisinstellingen kunnen hun maatschappelijke rol alleen waarmakenals ze weten om te gaan met (nieuwe) maatschappelijkeontwikkelingen en het curriculum telkens weer herijken enverrijken.

Onderzoek uit de ivoren toren

Om deze reden is onderzoek een primair proces van een Universityof Applied Sciences. Hierbij gaat het om praktijkgericht onderzoek,onderzoek dat dienend is, dat een bepaald maatschappelijk belangwil dienen. Hierbij gelden dezelfde wetenschappelijke methoden alsin wetenschappelijk onderzoek, maar dit wil niet zeggen datonderzoek iets is voor een ivoren toren, voor promovendi en anderespecialisten. 

In elk handboek staat dat onderzoek moet beginnen met eenonderzoekende houding, met nieuwsgierigheid en interesse in eenvakgebied. Dit is wat we van studenten verwachten en dit mogen weook van elkaar als docenten verwachten. De professional metonderzoeksvaardigheden heeft niet alleen een dergelijke houding,maar weet ook welke methode hij moet toepassen om zijn kennis up todate te houden.

Soms is een congres belangrijk, soms een bedrijfsbezoek, somseen onderzoek dat door een student wordt uitgevoerd en soms is hetopportuun zelf een (promotie) onderzoek te starten. Al dezevaardigheden zijn dezelfde vaardigheden die een docent moet hebbendie het vak wat hij geeft voorbereid. Een onderzoekende houding isdaarmee onontbeerlijk voor een professional die niet alleen maariets doet op een bepaalde wijze omdat zijn baas het zegt, maar dieiets doet omdat hij weet dat het zo moet. 

Onderzoek alles en behoudt het goede.” 

Dr. Frank jan de Graaf is lector International Business,Hanzehogeschool Groningen en als zodanig verbonden aan hetKenniscentrum Ondernemerschap 

Dr. Hugo Velthuijsen is lector ICT en New Business,Hanzehogeschool Groningen en als zodanig verbonden aan hetKenniscentrum Ondernemerschap

 


Schrijf je in voor onze nieuwsbrief
«