Kleren aan, camera aan, en allemaal meedoen: tips voor hybride onderwijs

Nieuws | de redactie
26 november 2020 | “Toen de diaprojector net nieuw was, haperde het gebruik daarvan ook weleens.” Het is niet erg als leraren wat stoeien met de nieuwe techniek waarmee de bespoedigde digitalisering van het onderwijs hen confronteert, was de boodschap tijdens een SURF-webinar over hybride onderwijs. Daarbij werden ook een aantal handige tips gedeeld. ScienceGuide maakte een kort overzicht.
Beeld: cyberswat.ca

Lotte Bons van 2knowhow, een organisatie met experts in leren en veranderen, somt de vier succesfactoren voor onderwijs op: verbinding, duidelijkheid, interactie en reflectie. Die factoren gelden elk soort onderwijs, of het nu online, hybride of fysiek is.  

Werkvormen in hybride onderwijs 

Vanuit haar expertise wijst Bons op het belang van werkvormen. Wie onderwijs geeft, gebruikt namelijk altijd een werkvorm: denk aan PowerPoint of een filmpje, maar ook aan iets als een voorstelrondje. De gekozen werkvorm heeft altijd invloed op de participatie en het gedrag van studenten. 

Daarom is het belangrijk om éérst te bepalen wat het doel van het onderwijs is, en welk studentengedrag daarvoor nodig is. Daarna kan een docent een werkvorm kiezen die daartoe leidt. In een hybride onderwijssituatie kunnen onderwijsdoelen en gewenst studentengedrag hetzelfde zijn als bij fysiek onderwijs, maar de werkvorm die dat mogelijk maakt kan best een andere zijn dan gebruikelijk.  

Dimitri van Dillen, docent bij het ROC van Twente en themacoördinator Educatieve Technologie aldaar, voegt daaraan toe dat het ook van belang is om de juiste applicatie te kiezen. Daarnaast heeft hij, evenals Bons, een heleboel tips. 

Verbinding 

“Verbinding is de basis van leren”, zegt Bons. Daarbij kan het prettig zijn om ook tussendoor de onderwijsmomenten gelegenheid te organiseren waarop studenten elkaar kunnen spreken – bijvoorbeeld in een aparte meeting of chat.  

Het kan voor leraren lastig zijn om verbinding te leggen met studenten die de les online bijwonen. De tip van Bons: als een leraar de online aanwezige studenten in beeld houdt, kan hij of zij af en toe tegen één van hen zeggen: “Hee Dimitri, ik zie dat jij knikt. Herken je dit?” Daarmee worden ook studenten buiten het klaslokaal betrokken bij de les, en krijgen ze eerder het gevoel dat ze meedoen en worden gezien.  

Ze noemt ook nog een tweede manier om online aanwezige leerlingen te betrekken bij de les: geef altijd eerst een online aanwezige student het woord, en daarna pas een student in de klas. 

Duidelijkheid 

Een belangrijk onderdeel van kwalitatief goed hybride of online onderwijs is het hanteren van een duidelijke etiquette. Bons noemt een aantal problemen die docenten tegenkomen tijdens het online onderwijs: “Ze zetten hun camera uit, ze lopen uit beeld, of ze stellen een screenshot in als achtergrond zodat het lijkt alsof ze er gewoon zitten.”  

Daarom gebruikt Van Dillen een aantal strakke regels bij het hybride onderwijs. Zo moeten zijn studenten er altijd bij zijn, hun camera moet aanstaan, en ze moeten netjes aangekleed achter hun laptop zitten. 

Interactie 

Het schort soms nog wat aan de interactie tussen docent en student in een online lesomgeving, merkt Bons. Zo bestaan de lessen soms uit een monoloog van de docent, waarbij er daarna nog wat ruimte is voor vragen. “Interactie gaat echter ook om het uitwisselen van gedachten.” 

Maar in een online lesomgeving is het nu eenmaal wat moeilijker om interactie te bewerkstelligen dan in een klaslokaal. Tijdens een hybride les is het bijvoorbeeld lastiger om te horen wie degene is die iets zegt – niet alleen voor de docent zelf, maar ook voor de studenten die online of in de klas aanwezig zijn.  

Dat kan worden verholpen door de studenten, of ze nu fysiek aanwezig zijn of online, altijd hun naam te laten noemen voordat ze iets zeggen. Zo weten de studenten in de klas wie er online aan het woord is, en andersom.  

Een andere manier om met dergelijke moeilijkheden om te gaan, zegt Van Dillen, is het gebruik van een poll. In Microsoft Teams kan zo’n poll gemakkelijk worden toegevoegd, en zodoende kan een dergelijke interactieve werkvorm al van tevoren worden klaargezet in de online lesomgeving. Daarbij is het prettig wanneer de studenten die wél in de klas zitten, ook de beschikking hebben over een laptop. Zo kunnen alle studenten, zowel online of fysiek, deelnemen aan dergelijke interactie. 

Daarbij kan ook de chat-functie behulpzaam zijn, zegt Bons. Wanneer een leraar een vraag stelt, kan hij of zij de studenten vragen om te reageren in de chat. Daarbij kan de leraar ook zeggen: “Zet even een streepje als je het antwoord niet weet.” Dat bevordert de interactie. 

Reflectie 

Natuurlijk is het, ook in een hybride lesomgeving, belangrijk om momenten voor reflectie op de lesstof in te bouwen. Van Dillen noemt daarbij de rol die een moderator kan spelen: iemand die de chat-functie in de gaten houdt tijdens de les.  

De laatste tip van Van Dillen is misschien wel de meest eenvoudige: “Maak de lessen niet te lang.” 


Schrijf je in voor onze nieuwsbrief
«

ScienceGuide is bij wet verplicht je toestemming te vragen voor het gebruik van cookies.

Lees hier over ons cookiebeleid en klik op OK om akkoord te gaan

OK