Amsterdam op weg naar één universiteit

Nieuws | de redactie
13 mei 2011 | "Een verkenning om na te gaan of een alliantie tussen de twee instellingen zinvol is." In deze ingetogen formulering schuilt wellicht een academische revolutie. Worden VU en UvA samen één universiteit? Wat gebeurt er dan met de HBO-partners HvA en Windesheim?

De colleges van bestuur van de twee universiteiten hebben in eengezamenlijke verklaring hun intentie vastgelegd om in het kader van’Veerman’ “een bundeling van krachten” te realiseren. Daarmeesteken zij direct in op de analyse en het advies datAWT-voorzitter Joop Sistermans in december viaScienceGuide op tafel legde en recent nog bij staatssecretarisZijlstra.  

Boeiend is dat in de verklaring geen woord gewijd wordt aan defusie-partners/nauwe bestuurlijke partners in het HBO van beideuniversiteiten. Zou een ontvlechting hier dan toch het gevolg vanzijn? Voor de zomer komt er duideljkheid, omdat de besturen dan hunvervolgstappen zullen bekend maken.

Groot groter grootst?

Vanuit de Kamer wordt verrast gereageerd. SP-Kamerlid Jasper vanDijk wil dit nieuws in het Vragenuur aan de bewindslieden van OCWvoorleggen. Een fusie zou hij onverstandig vinden, zomeldt hij. “De schaalvergroting in het onderwijs isdoorgeschoten, we moeten nu op weg naar schaalverkleining. Ik vraagstaatssecretaris Zijlstra om dit fusieplan ongedaan temaken.” 

Indien UvA en VU werkelijk samengaan, ontstaat eenmega-universiteit met tienduizenden studenten, vreest de SP nu al.”Dat geldt des te meer, omdat de UvA al is samengegaan met deHogeschool van Amsterdam en de VU met Hogeschool Windesheim. Voordeze bestuurders telt maar één ding: groot, groter, grootst. Deanonimiteit zal verder toenemen en de verbondenheid tussendocenten, hoogleraren en studenten zal afnemen. Dat komt dekwaliteit van het onderwijs niet ten goede.” 

Kuyperiaans Maagdenhuis?

Van Dijk wil dat staatssecretaris Zijlstra reeds nu uitspreektdat hij een dergelijke fusiebeweging tegenhoudt. “In deintentieverklaring wordt nog diplomatiek gesproken over een’alliantie’, maar je kunt ervan uitgaan dat dit de eerste stap isnaar een fusie met één bestuur dat mijlenver verwijderd is van decollegezaal. Je zou hopen dat we dit achter ons hadden gelaten,maar sommige bestuurders leven nog steeds in de jaren negentig toende schaalvergroting nog werd aangemoedigd.”

Van Dijk heeft daarbij nog een pikante vraag voor debewindslieden. Welke denominatie zou de nieuwe Amsterdamseuniversiteit moeten krijgen? In het kader van differentiatie enverscheidenheid van het hoger onderwijs is die vraag niet zonderbetekenis. Want zou de UvA voortaan Kuyperiaans-gereformeerd moetenworden of de VU seculier-urbaan? 

U leest de tekst van de intentieverklaring vande beide WO-colleges hier:

‘De UvA en VU starten een verkenning om na te gaan of eenalliantie tussen de twee instellingen zinvol is. De verkenning kentzijn basis in de ambitie van beide universiteiten een klassiekebrede, internationaal toonaangevende research universiteit teblijven. Tegelijkertijd bestaat de wens een kwaliteitssprong inonderwijs en onderzoek te maken om daarmee tot de Europese- enwereldtop te kunnen behoren.

Er zijn meerdere bewegingen in het universitaire veld dieaanleiding zijn voor de verkenning. Allereerst neemt deconcurrentie tussen universiteiten internationaal sterk toe. Deovertuiging bestaat dat wanneer universiteiten in Nederland geenactie ondernemen, ze langzaam maar zeker zullen inboeten aankwaliteit. De wens van Nederland wereldwijd tot de top vankenniseconomieën te behoren versterkt de noodzaak actie teondernemen. Daarnaast is door de Tweede Kamer het rapport van deCommissie Veerman omarmd, waarin onder meer de wens wordtuitgesproken dat universiteiten in Nederland meer regionaal moetensamenwerken.

UvA en VU bevinden zich beiden in Amsterdam, een stad met eensterke internationale aantrekkingskracht. Een bundeling vankrachten lijkt dan relatief eenvoudig. Een viertal werkgroepenverkent of dit ook echt zo is. In de domeinen Alfa, Bèta,Rechten/Economie en Maatschappij- en Gedragwetenschappen wordtnagegaan wat nodig is om de kwaliteitssprong te realiseren, aan dehand van een viertal vragen:

  1. Wat is de huidige positie, en wat zijn potentiële topsectorenbinnen de domeinen? Onderbouw dit met feiten en cijfers.
  2. Wat is er nodig op het gebied van onderzoek en onderwijs om desprong te maken naar de Europese top? Onderbouw dit met feiten encijfers. 
  3. Op welke gebieden is het absoluut niet mogelijk om dezekwaliteitssprong te maken? 
  4. Welke werkwijze en organisatievorm(en) ondersteunen de genoemdedoelen het beste? Welke randvoorwaarden dienen daartoe te wordengerealiseerd?

Voor de zomer zullen de vier werkgroepen verslag doen van hunbevindingen en worden vervolgstappen gedefinieerd.’


Schrijf je in voor onze nieuwsbrief
«

ScienceGuide is bij wet verplicht je toestemming te vragen voor het gebruik van cookies.

Lees hier over ons cookiebeleid en klik op OK om akkoord te gaan

OK