Campus onderdeel HO-strategie

Nieuws | de redactie
23 oktober 2014 | Wil de EU écht groeien op het gebied van onderwijs en R&D, dan zullen ook universiteitscampussen mee moeten in de vaart der volkeren. Alexandra den Heijer en George Tzovlas (TU Delft) stellen dat de kwaliteit van Europese campussen cruciaal is in de mondiale ‘battle for brains’.

In hun boek The European campus – heritage and challenges stellen de auteurs dat de kwaliteit van de universitaire campussen een essentieel onderdeel zou moeten zijn van de EU-groeistrategie in de komende decennia. Juist in de wedloop om uitmuntende studenten en onderzoekers gaat dit volgens hen een cruciale rol spelen.

Oude universiteitsgebouwen

In het boek wordt de huidige toestand van de Europese campus gedocumenteerd. Het beschrijft de sterke kanten, maar vooral ook de uitdagingen die meer dan 800 Europese universiteiten voor zich zien. Het boek is geschreven in nauwe samenwerking met netwerken van Europese universiteiten en medewerkers van de Europese Commissie en is op 16 oktober succesvol gelanceerd in Tallinn (Estland) tijdens de jaarlijkse conferentie van CESAER, het netwerk van Europese TU’s.

Den Heijer en Tzovlas voerden een benchmarking uit in alle 28 EU-landen. Ze identificeren één duidelijk kernprobleem in Europa: de relatief oude universiteitsgebouwen functioneren bepaald niet optimaal, zijn niet energie-efficiënt en behoeven daarom nieuwe investeringen. Dit doen veel Europese universiteiten dan ook, maar dit trekt een zware wissel op hun financiële toestand en stabiliteit op langere termijn.

Aan de andere kant benadrukken de auteurs dat de Europese campus (nog steeds) beschikt over uniek cultureel erfgoed, vaak gesitueerd op aantrekkelijke locaties in historische binnensteden. Deze bijzondere eigenschappen van Europese steden trekken dan ook studenten van over de hele wereld. In een dergelijke omgeving kunnen zij naast hun studie ook waardevolle levenservaring opdoen.

Stresstest voor campus

Op basis van verzamelde data, best practices en eerder onderzoek, stelt het boek onder meer voor om campus stresstesten uit te voeren, als gereedschap om de kwaliteiten van de campus in beeld te krijgen. Net als bij de stresstesten van banken, moeten hierbij de punten naar voren komen waarop de universiteiten het meest kwetsbaar zijn.

Bij de presentatie in Talin herkenden de aanwezige bestuurders van Europese universiteiten het beeld dat Den Heijer en Tzovlas schetsen. Veel van hen staan op het punt om belangrijke investeringen te doen en zien in het boek een hulpmiddel on hun keuzes te onderbouwen. Ze waren trots om mooie foto’s van het erfgoed dat ze in beheer hebben terug te zien in het boek, maar ook enigszins gegeneerd toen een aantal van hen een foto van een oudbollige collegezaal meenden te herkennen als die van hen.

De TU Delft, waar de auteurs werkzaam zijn, kampt met vergelijkbare uitdagingen en afwegingen als Den Heijer en Tzovlas beschrijven. “Ons technische wetenschappelijk onderzoek en onderwijs vraagt om een campus die voldoet aan zeer specifieke eisen met betrekking tot met faciliteiten en voorzieningen en tegelijkertijd een aantrekkelijke werk- en woonomgeving is voor talent uit binnen- en buitenland”, stelt de Delftse CvB-voorzitter Dirk Jan van den Berg. 


Schrijf je in voor onze nieuwsbrief
«