Zeventig jaar fundament voor fysica

Nieuws | de redactie
14 september 2016 | Stichting FOM bestaat zeventig jaar en dat wordt gevierd, ook al is het einde in zicht. Kees le Pair en Hendrik van Vuren hebben samen FOM zich in vijftig jaar zien ontwikkelen. “We gaan de FOM wel missen denk ik.”

Stichting FOM werd opgericht vlak na de oorlog toen vooraanstaande fysici en de regering de handen ineen sloegen om de natuurkunde in Nederland een impuls te geven. “De natuurkundigen hadden meer geld nodig van de overheid voor hun onderzoek, maar dat kon niet geregeld worden via universiteiten. Stichting FOM was eigenlijk een uitweg,” vertelt Kees le Pair die 1968 tot 1981 in de directie zat, om vervolgens directeur van het uit FOM ontstane STW te worden.

Wereldgeschiedenis schrijven

Belangrijke aanjager voor de totstandkoming van FOM waren de veelbelovende ontwikkelingen in de kernenergie. “We hadden na de tweede wereldoorlog vooral instrumenteel zo’n achterstand,” vertelt Hendrik van Vuren die sinds 1974 onafgebroken bij FOM werkzaam is. “De theoretische natuurkunde is ook in de oorlog wel behouden gebleven, maar de rest niet.”

Na de oorlog gingen veel landen uranium inslaan vanwege de mogelijkheden die het had. “Nederland had dat al voor de oorlog gedaan en de voorraad uit handen van de Duitsers weten te houden. Samen met de Noren die over zwaar water beschikten, kon al snel een kernreactor in gebruik genomen worden,” zegt Van Vuren.

“Nederlandse fysici hadden al voor de oorlog de regering overgehaald een voorraad uranium aan te schaffen,” voegt Le Pair toe.  “Amerikanen en Britten meenden in die tijd nog de verspreiding van kennis over ‘het atoom’ geheim te kunnen houden. Dat kleine landen hierin slaagden en dat Nederlandse natuurkundigen ook in staat bleken uraniumisotopen te scheiden, opende hun ogen.” Van Vuren voegt er toe. “FOM was niet alleen met kernenergie bezig was. Vanaf het prille begin speelden medische toepassingen door middel van radiochemie een grote rol. En nog steeds is er veel onverwachte medische spin-off.”

“Toen Noorwegen en Nederland al beschikten over een pruttelende kernreactor”, kernreactor herinnert Le Pair zich, “voerden andere landen nog discussie over het delen van kennis over kernenergie. De atoommogendheden realiseerden zich, daardoor dat geheimhouding geen optie was en Amerika lanceerde in Geneve het Atoms for Peace programma. Nederland heeft toen wel echt wereldgeschiedenis geschreven, niet door de politiek, maar door wat de wetenschap hier deed.” Het was Jacob Kistemaker die de ultracentrifuge ontwikkelde en daarmee het Amerikaanse monopolie op uraniumverrijking wist te breken.”

Koester de maakindustrie

In de jaren daarna ontwikkelde FOM zich al snel tot een organisator die zich veel breder ging inzetten dan voor de atoomenergie. De term Materie in de naam impliceerde dat ook. Naast kernfysica werd de blik verbreed onder meer naar de materiaalwetenschap, chemie en andere disciplines.

De rol die Stichting FOM heeft gehad in ons begrip van de wereld is volgens Van Vuren en Le Pair heel belangrijk geweest voor ons land. Van Vuren: “We hebben de afgelopen jaren al onze hoop gevestigd op de dienstensector, maar ik ben van mening dat we de maakindustrie veel meer moeten koesteren.” Kees le Pair kan dat alleen maar beamen.

“Er gaat wereldwijd tien keer zoveel geld om  in de financiële sector als in de goederensector. Terwijl, niemand een derivaat kan opeten. Die handel is iets wat door kapitalisten is bedacht. Het is een luchtbel. Echte goederen tellen uiteindelijk.” Juist daarom is volgens Le Pair de wetenschap zo belangrijk. “De wetenschap beheert, beheerst en bepaalt onze kennis. Daarom moet er voor alle wetenschap genoeg geld zijn. Het is onze enige manier om onze natuur te begrijpen en dat is zo belangrijk.”

Bij de Stichting FOM werd het belang van de natuurwetenschappen altijd vooropgesteld en in de loop der jaren leverde dat wereldwijd een gerenommeerde naam op. “Ik denk dat we op een gegeven moment bekender waren in de wereld dan welke Nederlandse universiteit dan ook,” peinst Van Vuren. “Dit gaan we denk ik nog wel missen.”

Onverminderd fundamenteel

Want die merknaam heeft Nederland de afgelopen jaren genoeg opgeleverd. “Kijk naar een programma als QuTech in Delft dat bezig is met die quantumcomputer,” vertelt Van Vuren. “Of kijk naar wat Detlef Lohse doet bij de Universiteit Twente. Daar komt gewoon een Max Planck Center. En ook de recent ontdekte zwaartekrachtgolven. Daarin speelde Nikhef een hoofdrol. Allemaal FOM dus.”

Van Vuren realiseert zich op dat moment dat het allemaal wel erg veel borstklopperij is, maar het lijstje met wetenschappelijk prestaties dat mede dankzij Stichting FOM is gerealiseerd is dan ook indrukwekkend. Wat opvalt is dat het al lang niet meer enkel draait om zuiver-wetenschappelijk , maar dat de toepassing steeds vaker dichtbij is. De aanpak is echter onverminderd fundamenteel gebleven.

“We zijn bij FOM in 2004 al gestart met de Industrial Partnership Programmes. Fundamenteel onderzoek waar grote bedrijven als Shell en ASML minimaal de helft mee betalen,” zegt Van Vuren. Inmiddels wordt ook gekeken hoe dit kan worden uitgebreid naar het MKB.

Volgens Van Vuren is het ook niet raar dat een organisatie als FOM daar snel in is: een relatief kleine organisatie kan ook slagvaardiger zijn. Maar ook de contacten met de achterban zijn cruciaal. “We werken hier natuurlijk altijd met kwalitatief zeer goede wetenschappers. Als je programmabesluiten maakt die bepalen waar je de komende jaren je financiële aandacht aan geeft is dat ook een kwestie van op het juiste moment aanvoelen what is in the air en daar iets mee doen.”

Dat zou in de toekomst ook wel eens de grootste uitdaging kunnen worden voor het nieuwe NWO dat nu midden in zijn transitie zit. Kees le Pair is sceptisch. “Ik heb er weinig vertrouwen in. Ik heb FOM in het huidige NWO altijd uitstekend zien werken en volgens mij gaat het bij de wis- en sterrenkunde ook prima. Dat het allemaal  mis is en verandering behoeft geloof ik eigenlijk niet zo.”

Werken vanuit sterke disciplines

Ook de wens van NWO om juist het onderzoek op de grensvlakken te stimuleren in de nieuwe organisatie kan op weinig sympathie rekenen van de voormalig STW-directeur. “Je kunt daar wel op in willen zetten maar dat werkt alleen maar vanuit hele sterke disciplines. Er is altijd wel iemand die roept dat het nu niet gebeurt, maar vaak hebben ze geen idee.”

Als voorbeeld geeft Le Pair een voordracht die hij als STW-directeur eens gaf waar een bestuurslid van DSM aanwezig was. “Hij was bezig met een programma om de samenwerking tussen bedrijven en wetenschap te bevorderen. Ik liet zien dat er al eenentwintig projecten waren bij universiteiten waar ze als gebruiker aan meededen. Dat had hij van zijn eigen mensen dus niet gehoord. Zulke mensen weten vaak helemaal niet hoe het gaat, want dat gaat niet via een college van bestuur. Dat staat niet in een jaarverslag.”

Hendrik van Vuren ziet dat dan ook als belangrijkste uitdaging voor het nieuwe NWO. “Zorg voor een open organisatie met vrije programma’s en durf om nog niet begaande wegen in te slaan. Waar een wil is is altijd een weg.” Dat de natuurkunde daarin de ruimte krijgt vinden beide heren van het grootste belang. Of om het met de huidige FOM-voorzitter Christa Hooijer te zeggen: “Het gaat er uiteindelijk om een cultuur te creëren waarin, als we iets mooie wetenschap vinden, NWO het een kans kan geven.”

FOM70


Schrijf je in voor onze nieuwsbrief
«

ScienceGuide is bij wet verplicht je toestemming te vragen voor het gebruik van cookies.

Lees hier over ons cookiebeleid en klik op OK om akkoord te gaan

OK