Docentprofessionalisering goed mogelijk via grootschalige online cursussen

Nieuws | de redactie
26 januari 2022 | Grootschalige online cursussen kunnen het antwoord zijn op de groeiende behoefte aan docentprofessionalisering, schrijven Europese onderzoekers. Online cursussen nemen belangrijke barrières voor docentprofessionalisering weg. De Teacher Academy van de Europese Commissie laat zien dat het mogelijk is om docenten in dergelijke cursussen van elkaar te laten leren.
“De inzet van MOOCs voor docentprofessionalisering lijkt minder geschikt bij oudere docenten en docenten die minder digitaal vaardig zijn”, schrijven de onderzoekers. Beeld: Julia M. Cameron.

Door maatschappelijke en beleidsmatige veranderingen is het werk van docenten in het afgelopen decennium niet makkelijker geworden, schrijven de onderzoekers; ze moeten hun onderwijspraktijk voortdurend innoveren en aanpassen. Om hen daartoe in staat te stellen, moet hen de mogelijkheid worden geboden zich tijdens hun gehele loopbaan professioneel te ontwikkelen – leven lang leren voor docenten.  

Eerder Europees onderzoek wijst echter uit dat docenten weinig ruimte hebben om aan hun professionele ontwikkeling te werken en dat die ruimte in het afgelopen decennium niet is vergroot. Meer dan de helft van de ondervraagde docenten weten dit aan drukte op het werk. Daarnaast ervoer bijna de helft van hen geen prikkel om met professionele ontwikkeling bezig te zijn, noemde bijna de helft van hen het kostenplaatje als barrière en had veertig procent van hen niet eens toegang tot goede bijscholing.  

Casus van de Teacher Academy 

Omdat drie kwart van de professionaliseringsactiviteiten op fysieke locaties plaatsvindt, is het niet verrassend dat deze barrières bestaan, schrijven de onderzoekers. Online cursussen zouden daarom een oplossing kunnen bieden; deze cursussen zijn flexibeler, geven docenten meer mogelijkheden om deelname af te stemmen met hun werkrooster en nemen de barrière van reiskosten weg.  

De Europese Commissie heeft in 2017 de Teacher Academy opgericht, een platform dat zogeheten Massive Open Online Courses (MOOCs) aanbiedt. In de afgelopen jaren heeft deze Academy 24 MOOCs aangeboden en hebben bijna 48.000 docenten deelgenomen aan een of meerdere cursussen. De onderzoekers, tevens adviseurs bij de Academy, gebruiken deze casus om te onderzoeken in hoeverre MOOCs werkelijk in staat zijn de professionele ontwikkeling van docenten te faciliteren. Daartoe doen ze eerst kort theorie-onderzoek en reflecteren ze vervolgens op de vormgeving van en de ervaringen met de Academy.  

Geschikt format voor docentprofessionalisering 

Uit de theorie blijkt dat een professionaliseringscursus voor docenten moet ingaan op hun directe behoeften en een middel moet zijn waarmee zij problemen uit de praktijk kunnen oplossen, bijvoorbeeld problemen met het leren van hun studenten. Een dergelijke cursus moet dus sterk gericht zijn op de praktijk, wat ook betekent dat de opgedane kennis moet kunnen worden toegepast in die praktijk. Daarnaast moet een professionaliseringscursus voor docenten de interactie en samenwerking tussen hen stimuleren; ze moeten vooral de mogelijkheid krijgen om van elkaar te leren. Daarom wordt in de theorie gepleit voor peer review als middel van toetsing, aangezien dat tot meer bruikbare terugkoppeling en meer gesprekken leidt.  



Daarnaast lijken MOOCs een geschikt format te zijn voor docentprofessionalisering. Zo bleek reeds uit Amerikaans onderzoek dat vijfendertig procent van de deelnemers aan willekeurige MOOCs uit docenten bestond; in Europa lag dat tussen de tien en de vijfentwintig procent. Verder wees Grieks onderzoek uit dat deelnemers aan MOOCs voor docenten de cursus veel vaker afrondden dan deelnemers aan andersoortige MOOCs. Ook waren de Griekse docenten zeer tevreden over de impact van de MOOCs op hun eigen onderwijspraktijk.  

Alles gericht op leren van elkaar en de praktijk 

De MOOCs van de Teacher Academy zijn sterk gericht op de praktijk van het onderwijs, schrijven de onderzoekers. Rondom de inhoudelijke basis, die veelal bestaat uit praktijkvoorbeelden en observaties, van de MOOCs wordt geprobeerd een gemeenschap van deelnemers op te bouwen waarin men ervaringen en expertise met elkaar deelt. Daarnaast wordt in de cursus vooral materiaal gebruikt dat de deelnemende docenten zelf aandragen, wat de gesprekken over en reflecties op de dagelijkse praktijk van het onderwijs moet stimuleren. Tijdens de cursus moeten de deelnemers de gederfde kennis via een concreet product vertalen naar hun onderwijspraktijk, bijvoorbeeld middels een lesplan.  

Peer review is de enige wijze van toetsing in de MOOCs.

Aan het eind van de cursus wordt dat product middels peer review beoordeeld. Peer review is zelfs de enige wijze van toetsing in de MOOCs. Daarbij wordt geen cijfer gegeven; participanten geven elkaar alleen kwalitatieve terugkoppeling, en dat gebeurt niet anoniem. Zo wil de Academy vooral een dialoog tussen professionals aanmoedigen, schrijven de onderzoekers.  

Peer review als enige vorm van toetsing 

Peer review is een van de vijf pedagogische principes waarop het onderwijs van de Teacher Academy rust, en dat lijkt een goede opzet te zijn, aldus de onderzoekers. Vierennegentig procent van de deelnemers die na afloop van een MOOC een enquête invulden gaf aan het proces van peer review, zowel het geven als het ontvangen van terugkoppeling, zeer hoog te waarderen. 

Wel gaf zesendertig procent van de respondenten aan moeite te hebben gehad met het beoordelen van andermans werk. Ook gaf vijfenzestig procent van de respondenten aan dat meer uitleg over en begeleiding bij het geven van peer review wenselijk zou zijn.  

Ook het bouwen van een gemeenschap, het tweede pedagogische principe, blijkt binnen de Teacher Academy vruchten af te werpen. Eenenzeventig procent van de deelnemers gaf aan op een later moment nog steeds contact te hebben met mededeelnemers.   

Cursusinhoud moet prikkel voor reflectie en kennisdeling zijn 

Zoals reeds eerder genoemd zijn de MOOCs vooral gericht op het leren van elkaar en de praktijk. De inhoud van de cursus moet daarom vooral een prikkel zijn voor reflectie, het delen van kennis en het gesprek met elkaar – een derde principe.  

“Typisch cursusmateriaal is bijvoorbeeld een kort vraaggesprek met een docent, gevolgd door een filmpje waarin iets wordt toegepast in de praktijk. Daaromheen worden vragen gesteld zoals ‘wat werkt in de getoonde implementatie?’ en ‘wat zou je anders doen?’”, schrijven de onderzoekers. Dit sluit aan bij een vierde pedagogisch principe, eveneens al eerder genoemd, namelijk dat de gederfde kennis moet worden vertaald naar de eigen onderwijspraktijk van de deelnemende docent.  

Heel flexibel, maar toch nog niet genoeg 

Ook flexibiliteit is een pedagogisch principe onder de MOOCs van de Teacher Academy. De programma-technische beperkingen worden zo minimaal mogelijk gehouden; zo is er maar één deadline, die voor de uiteindelijke peer review, en vinden alle cursusactiviteiten asynchroon plaats. Deelnemende docenten kunnen de cursus dus grotendeels op een door hen gewenste snelheid doorlopen.  

Toch lijkt zelfs die flexibiliteit nog niet voldoende. Zo gaf de helft van eenenzestig uitvallers aan dat hun uitval te maken had met organisatorische moeilijkheden. Ook twintig procent van de deelnemers die een cursus wel afrondden gaf aan moeite te hebben gehad met de planning. Het nóg flexibeler maken van een MOOC met behoud van de gemeenschappelijkheid zal echter moeilijk zijn, schrijven de onderzoekers; een dergelijke opzet kan niet zonder een enigszins gedeeld programma. 

Mogelijkheid tot opschalen biedt kansen 

Een MOOC lijkt een effectief format voor docentprofessionalisering, concluderen de onderzoekers. “In de afgelopen drie jaar geven de deelnemende docenten consistent de terugkoppeling dat ze elementen uit de cursussen reeds in hun eigen onderwijspraktijk hebben geïmplementeerd. (…) Ook kwalitatieve terugkoppeling van docenten onderstreept het potentieel van de cursussen om hun onderwijspraktijk te beïnvloeden.” 

Een MOOC lijkt een effectief format voor docentprofessionalisering, concluderen de onderzoekers.

Daarnaast is de mogelijkheid tot opschaling van MOOCs een groot goed, concluderen de onderzoekers. Zoals reeds beschreven komen veel docenten niet of slechts moeizaam toe aan professionaliseringsactiviteiten; juist deze docenten kunnen middels MOOCs beter worden bereikt. Omdat MOOCs geschikt zijn voor grote groepen deelnemers (het aantal deelnemers bij de Teacher Academy ligt tussen de duizend en de vierduizend docenten), kunnen met één cursus meteen veel docenten worden bediend.  

Vereiste digitale vaardigheden vormen nog barrière 

MOOCs voor docentprofessionalisering brengen ook nadelen mee. Zo vereist het afdoende digitale vaardigheden en studievaardigheden van docenten. Als zij een cursus van de Teacher Academy volgen, moeten ze daarnaast beschikken over afdoende Engelse taalvaardigheid. Die barrières lijken zich enigszins te vertalen in het profiel van de gemiddelde deelnemer aan MOOCs van de Teacher Academy, schrijven de onderzoekers; dat is namelijk een ervaren docent met zestien tot twintig jaar werkervaring. Daarnaast heeft zo’n driekwart van de deelnemers al eerder deelgenomen aan een online professionaliseringsactiviteit.  

De inzet van MOOCs voor docentprofessionalisering lijkt daarom minder geschikt bij oudere docenten en docenten die minder digitaal vaardig zijn.  


«
Schrijf je in voor onze nieuwsbrief
ScienceGuide is bij wet verplicht je toestemming te vragen voor het gebruik van cookies.
Lees hier over ons cookiebeleid en klik op OK om akkoord te gaan
OK