Thom de Graaf vraagt Mark Rutte om af te zien van prestatiebekostiging

Nieuws | door Frans van Heest
5 december 2017 | “Vertrouw op de kracht van het hoger onderwijs, in plaats van nieuwe voorwaarden te stellen.” De fractievoorzitter van D66 in de Eerste Kamer, Thom de Graaf vraagt het kabinet om geen prestatiebekostiging in te voeren in het hoger onderwijs. De Graaf staat bij de algemene politieke beschouwingen ook stil bij het leenstelsel en verwacht geen negatieve invloed op de toegankelijkheid wanneer de rente op studieleningen wordt verhoogd.

Gisteren was de eerste termijn van de Eerste Kamer bij de Algemene Politieke Beschouwingen. Het hoger onderwijs kwam hier ook kort aan de orde. Marleen Barth, de fractievoorzitter van de PvdA was niet te spreken over de onderwijsparagraaf van Rutte III. “Sowieso zijn we teleurgesteld in de beperkte ambities onderwijs van deze coalitie. Extra investeringen in het primair onderwijs is mooi, zeker. Maar geen cent erbij voor minder werkdruk in het voortgezet onderwijs en het hoger beroepsonderwijs wordt zelfs amper genoemd.”

De fractievoorzitter van D66, Thom de Graaf stond wat uitgebreider stil bij de hoger onderwijs- en onderzoeksparagraaf van het nieuwe kabinet. “Het hoger onderwijs is excellent en behoort tot de top van Europa. Studenten zijn tevreden en de arbeidsperspectief zijn uitstekend. De minister-president zei in de regeringsverklaring te streven naar meer vrijheid van onderwijs in plaats van minder. Daar ben ik het van harte mee eens. Laat het kabinet dan een begin maken door te vertrouwen op de kwaliteit en de maatschappelijke kracht alle instellingen van het hoger onderwijs, in plaats van nieuwe voorwaarden te verbinden aan de bekostiging.”

Ook wist De Graaf een positieve noot te kraken over de investeringen in het praktijkgericht onderzoek, maar hij had met de stammenstrijd van Rutte II tussen Economische Zaken en OCW in het achterhoofd, nog wel een waarschuwing aan het adres van de premier. “Mijn fractie is overigens blij met de €400 miljoen structurele intensivering in fundamenteel, toegepast en praktijkgericht onderzoek. Waardoor de in de wereld unieke Nationale Wetenschapsagenda in uitvoering kan worden genomen en de kennisinfrastructuur eindelijk weer kan worden versterkt. Mag ik ervan uitgaan, vraag ik de premier, dat de ministers van OCW en Economische Zaken en Klimaat — ik moet nog wel wennen aan die afkorting — dit als een gezamenlijk project beschouwen en dat een stammenstrijd op dit punt kan worden voorkomen?”

Verhoogde rente op het leenstelsel

Op het punt van het hoger onderwijs kreeg De Graaf een interruptie van Tineke Strik van GroenLinks en die ging over het leenstelsel. “Misschien kan de heer De Graaf zich nog herinneren dat wij, toen wij samen aan de zijlijn stonden, het kabinet hebben geholpen bij de invoering van het sociaal leenstelsel. Dat ging gepaard met een lage rente — dat was het sociale van het leenstelsel — bij de afbetaling van die leningen. Nu wordt die verhoogd.”

Volgens de GroenLinks-senator zijn hier vooral studenten zonder draagkrachtige ouders het slachtoffer van. “Feitelijk zal de student die ouders heeft die weinig verdienen, daar het meest de dupe van worden, omdat die uiteindelijk die rente moet gaan betalen. Hoe kijkt u daar tegenaan? Vindt u het leenstelsel nog sociaal? Is dit niet het minder toegankelijk maken van het onderwijs voor eerstegeneratiestudenten?”

De D66-senator herkende dit niet. “Ik heb zelf de afgelopen jaren met belangstelling en soms met enige zorg gekeken of de toegankelijkheid niet onder druk kwam te staan door het leenstelsel. Ik ben tot de conclusie gekomen dat dit gelukkig de afgelopen jaren niet gebeurd is. Ik ga er vanuit dat dit ook niet zal gebeuren. Ik denk wel dat de middelen die door de afschaffing van de basisbeurs beschikbaar zullen komen, ook goed moeten worden besteed aan de kwaliteit van het onderwijs, dus een directe bijdrage aan de kwaliteit van onderwijs voor de studenten die daarvoor iets hebben moeten prijsgeven.”

Geen vrees voor hogere rente

Overigens denkt de Graaf die in het dagelijkse leven voorzitter is van de Vereniging Hogescholen niet dat deze maatregel veel effect zal hebben. “Ik heb ook dat zinnetje in het regeerakkoord gezien over de tienjaarsrente, zoals dat heet. Ik weet niet of dat zo’n ongelofelijk effect heeft op de toegankelijkheid, maar laten we het vooral gezamenlijk monitoren. Als dat wel zo is, zult u mij aan uw zijde vinden om daartegen op te treden.”

De GroenLinks-senator was enigszins gerustgesteld. “Dat spreken we af, want de vrees bestaat nu al dat die hogere rente inderdaad meer studenten ervan af gaat houden om te gaan studeren en dat moeten we zien te voorkomen.” De Graaf besloot de discussie dat de vrees voor de toegankelijkheid ook bij de invoering van het leenstelsel nooit bewaarheid is geworden. “Vrees is nog geen werkelijkheid. Toen het studievoorschot werd ingevoerd, waarover ik zelf ook lang twijfels had, net als mijn fractie, was dat ook een enorme vrees, maar die is gelukkig ook niet bewaarheid. We zullen afwachten.”

Aandacht voor Bildung

Roel Kuiper, senator voor de ChristenUnie, refereerde in het debat ook nog kort aan het leenstelsel en wilde vooral aandacht voor de kleine talen in de geesteswetenschappen in dit verband.” Wat het hoger onderwijs betreft, pleit mijn fractie voor een eerlijke verdeling van de investeringen over alle soorten van hoger onderwijs. De afschaffing van de basisbeurs was een generieke maatregel en raakte alle studenten in het hoger onderwijs. Wij hebben hier regelmatig een lans gebroken voor kleine studies en de rol van de geesteswetenschappen en wij zullen dat blijven doen. Investeer daar in. Ook dat past bij de aandacht voor Bildung, voor burgerschap en het uitdragen van waarden in de samenleving.”

De minister-president heeft in zijn termijn niet meer gereageerd op deze specfieke vraag over prestatiebekostigin van senator De Graaf. Rutte ging in zijn behandeling nog wel in op de doelmatigheidskorting van €183 miljoen op het hele onderwijs. “Het is waar dat er nog een resterende taakstelling staat, maar tegelijkertijd is er ook een enorme intensivering van 1,6 miljard.”

De Graaf vroeg aan Rutte of dit wel de bedoeling was van het nieuwe kabinet. “Is dit niet eigenlijk een schoonheidsfoutje in het regeerakkoord en in de inzet van het kabinet?”

Rutte was helder op dit punt en verwees naar andere sectoren die wel taakstellingen hadden uitgevoerd. “Bij de politie zijn al die taakstellingen wel gerealiseerd en het onderwijs heeft die steeds voor zich uitgeschoven. Dat is de werkelijkheid, dus dit staat nog steeds. Ik vind dat het niet zo gek is dat het onderwijs ook nog een stukje doet, zeker als daar een gigantische structurele investering tegenover staat.”

Daar voegde de premier nog aan toe dat dit een zaak was van de vorige minister van onderwijs en niet op het conto te schijven is van de onderwijssectoren, dat deze bezuiniging nog openstaat.


Schrijf je in voor onze nieuwsbrief
«