Postdocs lijden onder de neoliberale universiteit

Nieuws | door Frans van Heest
7 november 2018 | Niet de beste onderzoeker wordt altijd een postdoc. Door de toegenomen tijdelijke onderzoeksfinanciering worden er postdocs aangesteld die niet altijd de beste zijn, maar die wel netjes binnen de lijntjes kleuren van de onderzoeksfinanciers.  
Foto: IIASA Postdocs

Het aantal postdocs op universiteiten is de laatste decennia sterk gestegen. Ondertussen zijn de andere functies binnen de universiteit nauwelijks meegegroeid. De manier waarop de postdocs worden aangenomen is niet altijd transparant en zorgt voor willekeur. Het aannamebeleid is vaak voornamelijk toegesneden op (projectmatige) externe onderzoeksfinanciering wat ertoe leidt dat niet de beste kandidaten worden geselecteerd, maar vooral de kandidaten die op projectmatige basis kunnen werken. HR-afdelingen zouden daarom meer betrokken moeten worden bij het werving- en selectiebeleid van postdocs. Zodat niet alleen de ontvanger van een onderzoeksbeurs hierover gaat.

Waar de postdoc positie voorheen de volgende stap was na de promotie in de carrière van de wetenschapper, is het nu verworden tot een vaste functieomschrijving binnen de wetenschap. Een die niet leidt tot een goed carrièreperspectief. Dit zeggen onderzoekers Channah Herschberg, Yvonne Benschop en Marieke van den Brink. Eerder dit jaar publiceerde zij onderzoek, over hoe de neoliberale universiteit ertoe leidt dat goede wetenschappers geschaad worden in hun carrièrekansen. Ook is deze onderzoeksgroep, in opdracht van het LNVH, bezig met onderzoek naar ‘academic harassment’ binnen Nederlandse universiteiten.

Neoliberale universiteit afhankelijk van externe financiering

Universiteiten bevinden zich steeds meer in een neoliberale omgeving zeggen deze onderzoekers van de Radboud Universiteit. Het academisch werk is marktgestuurd en gericht op excellentie, competitie en projectmatig werk. En dat allemaal vanwege kostenbesparing door de afnemende overheidsfinanciering van het hoger onderwijs. In de meeste westerse landen moeten onderzoekers vaak op zoek naar nieuwe financieringsmogelijkheden. De neoliberale universiteit is daarom steeds meer afhankelijk van externe onderzoeksfinanciering schrijven zij in dit nieuwe onderzoek.

Als gevolg daarvan is het aantal tijdelijke contracten op universiteiten sterk gestegen. Dit is vooral voor beginnende onderzoekers op een postdoc functie een probleem. Die worden vrijwel uitsluitend op tijdelijke contracten aangenomen. In de literatuur is er weinig onderzoek gedaan naar de relatie tussen tijdelijke onderzoeksprojecten en het personeelsbeleid aan universiteiten. Daar wil dit onderzoek verandering in brengen.

Universiteiten ontvangen steeds meer geld maar pakken werkdruk niet aan 

Postdocs verschillen aanzienlijk als het gaat om hun positie binnen de wetenschap. Zij genieten geen vaste contract en hebben veelal geen baanzekerheid. Zij worden doorgaans aangesteld op projectbasis. Ze hebben geen zicht op een carrière en bovendien zijn ze onderling ook sterk in concurrentie met elkaar.

Slechts 20% van de postdocs groeit door naar UD

In het onderzoek ontrafelen de Nijmeegse onderzoekers hoe de wering van postdocs plaatsvindt en hoe hoofdonderzoekers dit personeel aantrekken. Selectie van deze onderzoekers bepaalt namelijk wie er toegang krijgt tot het systeem om carrière te kunnen maken in de wetenschap. In Nederland wordt slechts 20% van de postdocs UD, blijkt uit het cijfers van het Rathenau volgens de onderzoekers.

De positie van postdocs moet beter onderzocht worden omdat zij een belangrijke bijdrage leveren aan de wetenschappelijke output. De bevindingen in het onderzoek zijn gebaseerd op vier afdelingen van universiteiten in België, Italië, Zwitserland en Nederland. Zowel op afdelingen binnen de geestes- als sociale wetenschappen, maar ook bij de bètawetenschappen.

In de vier landen hebben onderzoeksteams uit de vier verschillende landenrapporten opgesteld over de werving- en selectiemethodes van de postdocs. Deze rapporten waren gebaseerd op verschillende gegevensbronnen. Ten eerste bestond het uit documenten zoals beleidsdocumenten van universiteiten, zoals HR-beleidsstukken. Daarnaast hebben de vier onderzoeksteams ook interviews afgenomen met selectiecommissies die verantwoordelijk zijn voor het aanstellen van jonge onderzoekers.

In totaal zijn er 67 interviews afgenomen. De interviews zijn afgenomen bij hoogleraren, UD’s en UHD’s. De onderzoekers hadden ook allemaal externe onderzoeksfinanciering van zowel nationale als Europese onderzoeksfinanciers.

Als je een beurs krijgt ben je eigenaar

Uit de resultaten blijkt dat vrijwel alle postdoc posities gefinancierd worden met extern gefinancierde onderzoeksprojecten. De wetenschapper die de onderzoeksfinaciering krijgt toegewezen is ook verantwoordelijk voor het aantrekken van postdocs. Zoals een Nederlandse geïnterviewde het stelt: “Als je een beurs krijgt ben je eigenaar van het project.”

Een formele procedure om een postdoc te rekruteren is daarom ook niet nodig. Dat voorkomt dat de onderzoeker niet veel tijd en energie hoeft te steken in een sollicitatieprocedure. Veelal wordt er gebruikgemaakt van informele netwerken van de onderzoeker om de juiste postdocs aan te trekken. Ook worden er vrijwel altijd mensen gerekruteerd die direct aan de slag kunnen.

Daarbij speelt ook tijdsdruk, vaak heeft een onderzoekproject een vastgestelde periode om het onderzoek in af te ronden. Dan is het zaak dat na het ontvangen van de beurs je zo snel mogelijk aan de slag kan. Dan helpt het niet om lang bezig te zijn met een sollicitatieprocedure.

Impactfactor is niet zo belangrijk

De geïnterviewde onderzoekers geven de voorkeur aan kandidaten die zij al kennen blijkt uit de analyse bij de vier onderzochte universiteiten. Uit het onderzoek blijkt ook dat de informele netwerken vaak belangrijker zijn dan de academische prestaties van een kandidaat. Bij het zoeken van een geschikte postdoc wordt er niet zozeer gekeken naar de impactfactor van zijn of haar publicaties. Een referentie van iemand in het netwerk van de onderzoeker is veelal belangrijker dan zijn of haar onderzoekprestaties.

Ook werd er gezegd bij de interviews dat onderzoekers niet altijd op zoek zijn naar een briljante slimme kandidaat, omdat het risico bestaat dat zo’n getalenteerde onderzoeker voortijdig vertrekt naar een andere groep. Liever heb je iemand die goed in opdracht kan werken aan het onderzoeksproject van de begeleider. Ook verkiezen onderzoekers vaak iemand die intrinsiek geïnteresseerd is in de inhoud van het onderzoeksproject, boven iemand die een goede onderzoeker is.

Ook willen de begeleiders postdocs die goed en toegewijd zijn in het specifieke project. De begeleiders zijn minder geïnteresseerd in wat postdocs kunnen bijdragen in de brede zin aan de vakgroep of de ontwikkeling daarvan.

Als het gaat om autonomie van de postdocs dan is het van belang dat zij autonoom kunnen werken aan het schrijven en produceren van onderzoekspapers. Zoals een Nederlandse respondent zei: “ze moeten wel doen wat je wil dat ze doen.” De Nijmeegse onderzoekers zien dat als een machtsvraag: namelijk de begeleider is verantwoordelijk voor het project. Het kan niet zo zijn dat de postdoc naast dat project ook een eigen agenda hanteert met onderzoeken en publicaties.

Geen onderscheid tussen bèta’s en geesteswetenschappen

In de conclusie van het onderzoek schrijven de Nijmeegse onderzoekers dat de postdocs een weinig onderzochte groep is in de wetenschap. Deze studie laat zien dat het rekruteringsbeleid rondom postdocs in de vier verschillende landen gebaseerd is op het gebruik van informele netwerken en vaak haastig gebeurt. Ook blijkt er geen onderscheid te zijn tussen de verschillende domeinen. In grote lijnen verschilt het beleid rondom postdocs niet tussen de bèta’s en de sociale- en geesteswetenschappen.

De werving en selectie van postdocs lijkt helemaal in handen te zijn van de ontvanger van de onderzoeksbeurs, omdat zij ook vaak beschouwd worden als de eigenaar van dat geld. Dit roept volgens de onderzoekers de vraag op of dit wel een goede situatie is. Het aannamebeleid is daardoor niet transparant. Dan kan het belang van de begeleider prevaleren boven het belang van de postdoc.

Hoewel de begeleiders grotendeels afhankelijk zijn van het slagen van het project van de postdocs hebben ze toch een hele slechte arbeidsvoorwaarden met weinig tot geen vooruitzichten op een vaste aanstelling. Van postdocs wordt gevraagd dat ze loyaal zijn aan het onderzoeksproject maar krijgen daar uiteindelijk weinig voor terug.

Postdoc is geen carrièrestap meer

De derde en laatste constatering van de Nijmeegse onderzoekers is dat door de neoliberalisering en de projectmatige financiering van onderzoek dit de postdocfase in de het functiegebouw in de universiteit heeft uitgehold. De postdocfase was aanvankelijk bedoeld om de onderzoeker te laten ontwikkelen tot zelfstandig onderzoeker. Hier is eigenlijk geen sprake meer van blijkt in de praktijk. Gezien het projectmatige werk worden steeds meer onderzoekers gerekruteerd die kunnen bijdragen aan een specifiek project. Het is veel minder van belang om iemand ook op te leiden tot zelfstandig onderzoeker die carrière kan maken in de wetenschap. De postdoc is daarmee een eigenstandige baan geworden in plaats van een carrièrestap op weg naar een volgende hogere functie in de wetenschap.

Volgens de onderzoekers tonen de resultaten dat de toegenomen externe financiering van postdoc posities het begrip talent uitholt. Begeleiders hebben de neiging om te zoeken naar een projectmatige postdoc niet zozeer naar een getalenteerde onderzoeker. De onderzoekers bevelen daarom aan om HR-afdelingen van universiteiten meer te betrekken bij het aanstellen van de postdocs. Zo kan voorkomen worden dat de begeleiders bij het aannamebeleid alleen maar gefixeerd zijn op de korte termijn. Daarnaast moeten universiteiten in den brede zich meer verantwoordelijk voelen voor de carrièreontwikkeling van hun personeel zowel binnen als buiten de academische wereld.


Schrijf je in voor onze nieuwsbrief
«

ScienceGuide is bij wet verplicht je toestemming te vragen voor het gebruik van cookies.

Lees hier over ons cookiebeleid en klik op OK om akkoord te gaan

OK