COVID-19 toont wetenschap en samenleving het belang van open science

Opinie | door Jeroen Sondervan & Jeroen Bosman & Bianca Kramer & Loek Brinkman & Melanie Imming & Anke Versteeg
1 april 2020 | De coronapandemie zorgt voor een ongekende openheid in wetenschappelijke literatuur. "Tegelijkertijd staat zeer veel relevante wetenschappelijke informatie nog achter betaalmuren," betogen open science experts van de Universiteit Utrecht en de TU Delft. Hoe maak je kennis (gemakkelijk) publiekelijk beschikbaar?
Beeld: Gerd Altmann

[For English, click here]

COVID-19 houdt ons allemaal in de greep. Er wordt door steeds meer onderzoekers gewerkt aan oplossingen voor de crisis waarin we ons plotseling bevinden. Daarbij gaat het uiteraard om medische oplossingen, maar ook economische en psychosociale aspecten zijn van belang. Denk alleen al aan de maatschappelijke effecten van de publieke maatregelen.

Het is van groot belang dat onderzoekers over de hele wereld goed en efficiënt met elkaar kunnen samenwerken en dat kennis en inzichten snel en effectief gedeeld worden. Het snel en open delen van publicaties, datasets, software, code en ander wetenschappelijk materiaal kan daarbij helpen. Dit vraagt wel om een groter bewustzijn in de samenleving over wat men allemaal wel en niet kan met al deze soorten wetenschappelijke informatie. En dat is een gezamenlijke verantwoordelijkheid van wetenschap en maatschappij.

Nog veel achter betaalmuur

Veel informatie die van belang is voor het begrijpen en bestrijden van de uitbraak en de grote maatschappelijke crisis als gevolg daarvan, is op dit moment al open beschikbaar – dit geldt onder meer voor artikelen in open access tijdschriften, preprints Vroege versie van een paper of hoofdstuk waar nog geen systematische peer review op gedaan is. , data over de genetische variatie van het virus (en analyses daarvan, zie bv. Nextstrain) en code waarmee modellen gemaakt worden om de verspreiding van het virus te voorspellen. Ook informatie die direct gebruikt wordt om regering en parlement te adviseren wordt in toenemende mate openbaar gedeeld, zoals een RIVM presentatie in Nederland en een rapport van Imperial College in het VK.

beschikbaarheid van hulpmiddelen tijdens pandemieën, over modellering van isolatie en vaccinatie bij epidemieën en over (negatieve/positieve) effecten van het extra toedienen van zuurstof bij mensen aan beademing.

De maatschappelijke druk op uitgevers en bedrijven (denk bijvoorbeeld aan Roche) om informatie beschikbaar te stellen groeit: de afgelopen weken zijn er verschillende oproepen gedaan door onder meer onderzoeksfinanciers en NGO’s aan uitgevers om gepubliceerde onderzoeksresultaten en protocollen vrij toegankelijk te maken. Op die oproep kwamen positieve reacties van uitgevers. De manier waarop literatuur en bronnen beschikbaar worden gesteld, verschilt echter nogal. Vaak betreft het een openstelling van tijdelijke aard, of bronnen krijgen een licentie specifiek voor text & datamining Met scripts geautomatiseerd grote hoeveelheden publicaties of data 'lezen' om patronen en verbanden te vinden. , maar niet voor het verder delen van de publicatie zelf.

We kunnen meer doen, maar wat?

 We kunnen veel meer doen om onderzoeksresultaten snel en betrouwbaar openbaar te maken: voor onbepaalde tijd en in lijn met de open science-doelstellingen die universiteiten zichzelf hebben gesteld. Er is de afgelopen jaren veel ontwikkeld en geregeld om open science mogelijk te maken. Met infrastructuur, financiering, ondersteuning, besprekingen in de disciplinaire gemeenschappen en beleid rond onderzoeksevaluatie en waardering zijn concrete stappen gezet. Dat maakt dat open science nu ‘mainstream’ kan worden – niet alleen nu tijdens de coronacrisis, maar als blijvende verandering in hoe we als maatschappij omgaan met wetenschappelijke kennis.

Op de speciaal hiervoor ingerichte pagina ‘Open Access voor COVID-19 en gerelateerd onderzoek’ op openaccess.nl is er nu een overzicht van wat er in de huidige crisissituatie extra gedaan wordt. Ook staan daar tips over wat er mogelijk is om drempelvrije beschikbaarheid en gebruik van wetenschappelijk onderzoek te vergroten: bijvoorbeeld het met terugwerkende kracht open access maken van publicaties en het delen van preprints. Dit is naast ouder onderzoek naar bijvoorbeeld coronavirussen en virussen in het algemeen, ook een interessante optie voor veel ander onderzoek relevant rond de crisis. Daarnaast kunnen onderzoekers -en anderen- op diverse manieren bijdragen aan het bijeenbrengen en verrijken van relevante onderzoeksinformatie. We lichten kort de genoemde voorbeelden toe:

Artikelen en hoofdstukken retrospectief open access maken: “You share, we take care”

Wanneer onderzoekers hun universiteitsbibliotheek toestemming geven, kan deze onderzoeksartikelen en boekhoofdstukken – geheel in lijn met de Nederlandse auteurswet – namens de onderzoekers delen via de repository van de instelling, vanaf zes maanden na publicatie (het VSNU-project You share, we take care!). Dit kan met name interessant zijn voor ouder materiaal over virussen of gerelateerde onderwerpen als epidemiologie, infectiebestrijding, gezondheidszorg, crisismanagement, massapsychologie en -communicatie, etc. Lees hier hoe dit in zijn werk gaat. Het kan per instelling verschillen hoe dit wordt opgepakt.

Nederlandse rectoren maken eigen publicaties open access beschikbaar

Vroege versies van papers snel delen: Preprints

Als onderzoekers recent onderzoek willen delen dan kan dat bijvoorbeeld door een paper of boekhoofdstuk op een preprint-server te plaatsen, voordat het door een tijdschrift is ge-peer reviewed en gepubliceerd. In steeds meer vakgebieden is dat een geaccepteerde praktijk. Enkele goede preprint platforms hiervoor zijn bioRxiv (life sciences), medRxiv (medisch), PsyArXiv (psychologie) en Open Science Framework (OSF) preprints of Zenodo (beide voor alle vakgebieden). De afgelopen weken is er al een sterke toename zichtbaar in het aantal preprints over COVID-19 (Figuur 1).

Groei van aantal preprints over COVID-19, in preprint-archieven voor verschillende vakgebieden. Bron: https://github.com/nicholasmfraser/covid19_preprints, CC0.

Bijdragen aan het verrijken van onderzoeksinformatie

Naast het delen van eigen onderzoeksoutput, zijn er verschillende andere manieren waarop onderzoekers en anderen een bijdrage kunnen leveren aan betrouwbare onderzoeksinformatie, bijvoorbeeld door peer review van preprints (Outbreak Science PREReview, Figuur 2), het toevoegen aan Wikidata van informatie die betrekking heeft op COVID-19, en het (samen)werken aan text- en datamining van wetenschappelijke data en publicaties (bv. Open Virus en de CORD-19 Data Research Challenge). Ook kunnen onderzoekers bijdragen door beschikbare data op andere manieren te analyseren en visualiseren. Voorbeelden hiervan zijn de COVID-19 tracker en de Visualization of Covid-19 confirmed cases.

De samenwerking van Outbreak Science met PREreview beoogt te voorzien in de behoefte aan snelle peer review van preprints over de COVID-19 uitbraak.

Wat betekent meer openheid voor de rol van wetenschap in de maatschappij?

De huidige crisis maakt duidelijk hoe groot het belang van open science is, maar ook dat het niet een afvinklijstje is, of een set hoepels waar onderzoekers doorheen moeten springen. Open science vraagt om een ander soort omgang van wetenschappers met elkaar. Een open manier van werken en het in een vroeg stadium delen van informatie is iets waar velen zich kwetsbaar bij kunnen voelen.

Open science komt alleen tot zijn recht wanneer we constructief kritisch zijn, elkaars werk verrijken en ruimte laten voor elkaars fouten. Daarnaast vraagt open science om een andere manier van omgaan met wetenschap door de maatschappij in zijn geheel (politici, beleidsmakers, media, onderwijs). Wat betekent het als data, code, vroege versies van papers, peer review-rapporten e.d. voor iedereen direct en permanent zichtbaar zijn?

Een toenemende openheid, waarbij ook vroege resultaten en meer verschillende soorten output (zoals data, code en preprints) beschikbaar komen, vraagt van de maatschappij dat men begrijpt welke rol die wetenschappelijke uitingen spelen in het onderzoeksproces. Open wetenschap legt de werking van wetenschap bloot, inclusief beperkingen en onzekerheden. Met voortschrijdend inzicht en meer beschikbare data kunnen interpretaties veranderen. Dit was altijd al zo, maar wordt met de intrede van open science dynamischer en meer expliciet. Het laat zien dat wetenschap geen ‘antwoordenmachine’ is en geen producent van absolute waarheden. Dit moet niet worden aangegrepen om wetenschap als een willekeurig inzicht, of als zomaar een mening af te schilderen.

Daarbij is van belang dat ook niet-wetenschappers beseffen dat in de wetenschap kwaliteit of betrouwbaarheid steeds minder wordt afgemeten aan waar iets gepubliceerd is en steeds meer aan in welke mate onderzoeksresultaat en proces open en transparant en daarmee verifieerbaar is. ‘Het zal wel goed zijn, want het komt van Harvard’ schiet dus steeds meer te kort als reden om iets een prominente rol te geven.

Wetenschappelijke onzekerheid, die zichtbaarder wordt door open science, waarin details van analyses, voorlopige resultaten en dergelijke in een vroeg stadium gedeeld worden, is juist een effect van streven naar nauwkeurigheid, van systematisch zoeken naar diepere verbanden en van bewust aangeven wat men (nog) niet kan weten.

Wereldwijde uitdagingen zoals nu de coronacrisis en zeker ook de klimaatcrisis maken het belang van samenwerking en vroeg en breed delen van resultaten pregnant duidelijk, gezien de complexe samenhangen in gezondheid, economie, klimaat, biodiversiteit, politiek, recht, en de verwachtingen die er leven dat de wetenschap snel met relevante inzichten komt. De wetenschap kan en wil veranderen richting open science, maar dat lukt alleen als de maatschappij mee verandert en de vruchten van open science effectief kan aanwenden.

Het volgende zou daar volgens ons aan kunnen bijdragen:

  • Open wetenschap als standaard: de huidige crisis kan de aanzet zijn om open wetenschap nu als standaard te zien, uitgaande van het adagium ‘Open indien mogelijk, gesloten alleen indien noodzakelijk’ en met aanduiding van waarom iets (nog) niet open beschikbaar gesteld kan worden.
  • De maatschappij betrekken: in de transitie naar open wetenschap is het belangrijk dat onderzoekers de maatschappij (bv. media, politici, beleidsmakers en leraren) betrekken in het gesprek over hoe om te gaan met openlijk gedeelde (vroege) onderzoeksresultaten, data, code, etc.
  • Samenwerking op open gedeelde output: echte meerwaarde in de vorm van versnelling of verbetering kan worden bereikt door interactie en samenwerking op basis van gedeelde producten. Waar mogelijk komt dat in de plaats van eigen, afgeschermde onderzoeksinitiatieven.

Om hier in deze tijd richting aan te geven, is het van belang om goede voorbeelden te laten zien. Zo hebben verschillende Nederlandse universiteiten open science programma’s ingericht in lijn met het Nationaal Plan Open Science. Ook hebben onderzoekers zelf lokaal Open Science Communities opgericht, waarin ze workshops organiseren en onderling praktijkervaringen delen, inmiddels al aan negen Nederlandse universiteiten.

In het kader van het Nationaal Programma Open Science is in het najaar van 2019 het project Accelerate Open Science (ACOS) van start gegaan, waar een deel van de auteurs van dit artikel bij betrokken zijn, opgezet om onderzoekers, bestaande netwerken, instituten en diverse andere samenwerkingsprojecten gericht op verschillende aspecten van open science bij elkaar te brengen en voorbeelden uit te wisselen.

Laten we met alle partijen uit onze schaduw stappen, samenwerking intensiveren en concrete stappen zetten om de praktijk van open science verder te helpen. Voor de uitdagingen van vandaag en die van morgen.


Jeroen Sondervan (openaccess.nl, ACOS, UU), Jeroen Bosman (UU), Bianca Kramer (UU), Loek Brinkman (UU, Open Science Community Utrecht, ACOS), Melanie Imming (Surf, ACOS), Anke Versteeg (TUD, ACOS)

Jeroen Sondervan :  Open access adviseur (Universiteit Utrecht)

Jeroen Bosman :  Vakspecialist Geowetenschappen (UU)

Bianca Kramer : 

Loek Brinkman : 

Melanie Imming : 

Anke Versteeg : 

ScienceGuide is bij wet verplicht je toestemming te vragen voor het gebruik van cookies.

Lees hier over ons cookiebeleid en klik op OK om akkoord te gaan

OK