Duitsland kan profiteren van seksisme in Nederlandse wetenschap

Nieuws | de redactie
9 mei 2022 | Het gebrek aan perspectief voor Nederlandse onderzoekers kan door Duitsland worden benut; vooral voor vrouwen kan Duitsland als een aantrekkelijk alternatief op zowel korte als lange termijn worden gepresenteerd. Dat schrijft een Nederlandse onderzoeker in een rapport voor het Leibniz-Institut für Sozialwissenschaften.
Vrouwelijke wetenschappers tijdens een congres in 2018. Foto: Emilie Bourillion, via NWO Twitter

In een dossier over Nederland beschrijft onderzoeker Claartje Vinkenburg de omstandigheden in de Nederlandse wetenschap. Daarvoor gebruikt ze rapporten van onder andere de UNL, de LNVH, het CBS, NWO en het Rathenau Instituut. Daarbij richt ze zich in het bijzonder op de positie van vrouwelijke onderzoekers. “De belangrijkste mogelijkheden liggen in de slechte omstandigheden en beperkte carrièremogelijkheden in het onderzoek in Nederland – zowel in het algemeen als specifiek voor vrouwen”, schrijft zij. Daarom kan Duitsland als een aantrekkelijk alternatief worden gepresenteerd, mede vanwege de fysieke nabijheid.  

Weinig hosanna voor onderzoekers binnen en buiten wetenschap 

Zowel binnen als buiten de wetenschap is Nederland geen beloftevolle plaats voor vrouwelijke onderzoekers, laat Vinkenburg zien. Bij de algemene moeilijkheden in het Nederlandse wetenschapsveld – denk aan een groeiende werkdruk, onderzoeksaanvragen en kwetsbaarheid als gevolg van lage structurele financiering – trekken vrouwen aan een korter eind dan mannen. Vrouwen werken vaker op tijdelijke contracten en maken minder kans dan mannen op aanstellingen en financiering, somt Vinkenburg op. Dat is ook te zien in het dalende aandeel vrouwen op hogere spurten van de academische carrièreladder.  

Ook buiten de wetenschap is Nederland niet bepaald het beloofde land voor (vrouwelijke) onderzoekers. Zo was in 2017 minder dan twintig procent van de onderzoekers in de zakelijke sector vrouw. Met ongeveer een kwart aan vrouwen in het totale aantal onderzoekers presteerde Nederland in 2018 zelfs het slechts van alle Europese lidstaten. “Gezien de kleine publieke onderzoekssector buiten het hoger onderwijs lijkt Nederland vrouwelijke promovendi weinig kansen te bieden om werkzaam te blijven als onderzoeker.” Buiten de wetenschap zijn de mogelijkheden voor voornamelijk vrouwen nog slechter; hun grotere zorgtaken en daarmee samenhangende behoefte aan flexibiliteit pakken voor hen nog nadeliger uit.  



Het vooroordeel dat vrouwen altijd grotere zorgtaken krijgen toebedeeld dan mannen is één van de structurele en culturele factoren die vrouwelijke onderzoekers in de weg zit, schrijft Vinkenburg. Hun grotere zorgtaak zou hen minder mobiel maken en ertoe leiden dat ze vaker in deeltijd werken. Hoewel slechts iets meer vrouwen dan mannen in de wetenschap in deeltijd werken, hebben vrouwelijke wetenschappers veel last van de mythe dat alle Nederlandse vrouwen deeltijd werken, schrijft Vinkenburg. Dat schaadt hun academische carrières en wordt tevens vaak aangewend als vergoelijking van de scheve man-vrouwverhoudingen onder hoogleraren. 

Duitsland als beter alternatief 

De gender-vooroordelen ten aanzien van de wetenschap bestrijken in Nederland niet alleen de deeltijd-mythe maar tevens stereotypes. “In Nederland associeert men wetenschap impliciet meer met mannen dan met vrouwen”, schrijft Vinkenburg. Datzelfde geldt voor vooroordelen omtrent werk en zorg; in Nederland associeert men werk eerder met mannen en zorg eerder met vrouwen.  

“Dit algemene stereotype helpt horizontale segregatie (van mannen wordt niet verwacht dat ze zich belasten met zorg) te verklaren en geeft vorm aan een door gender beïnvloedde division of labor waarbij zorgtaken en emotionele arbeid buitenproportioneel vaak terechtkomen bij vrouwen, zowel thuis als op de werkvloer”, schrijft Vinkenburg. Vrouwen in de Nederlandse wetenschap ervaren daarom vaak dat ze niet voldoen aan het prototypische academische ideaal van een onderzoeker.  

Met het oog daarop is Duitsland als een beter alternatief voor vrouwelijke onderzoekers neer te zetten, denkt Vinkenburg. “De korte afstand biedt de mogelijkheid om partner en gezin ofwel mee te nemen naar Duitsland of hen achter te laten in Nederland voor de duur van de aanstelling.” 


«
Schrijf je in voor onze nieuwsbrief
ScienceGuide is bij wet verplicht je toestemming te vragen voor het gebruik van cookies.
Lees hier over ons cookiebeleid en klik op OK om akkoord te gaan
OK