Erkennen en Waarderen moet helpen glazen plafond voor vrouwen te doorbreken

Kansenongelijkheid vrouwen
Anno 2023 lopen Nederlandse vrouwen qua carrièreperspectief achter bij het Europees gemiddelde. Zo werkt in Nederland zo’n 75 procent van de vrouwen parttime, is er een loonkloof van 15 procent ten opzichte van mannen en is slechts 30 procent van de managers vrouw. Volgens Dijkstra is Nederland dan ook niet bepaald een koploper in de kansengelijkheid van vrouwen. Wel zijn wij koploper deeltijdwerken, zegt het CBS onlangs.
In het SheFigures-onderzoek van de Europese Commissie uit 2021 komt eenzelfde conclusie naar voren voor vrouwelijk succes in de Nederlandse wetenschap. De kloof in geslaagde beursaanvragen bij mannen en vrouwen groeide van 3,0 procent in 2017 tot 3,9 procent in 2019. Daarentegen steeg het aantal vrouwelijke rectoren van 18 procent naar 23 procent tussen 2017 en 2019, terwijl het aantal vrouwelijke toponderzoekers toenam van 18 procent naar 22 procent tussen 2015 en 2018.
Het percentage vrouwelijke professoren groeide tussen 2000 en 2020 zelfs van 6,5 procent naar 25,7 procent. Toch blijven vrouwen ondervertegenwoordigd in hogere posities. Waar 50,6 procent van de studenten in bachelors en 53,5 procent van de studenten in masters vrouw is, zakt dit percentage hoger op de ladder. Vrouwen vormen namelijk 44,4 procent van de promovendi, 43,5 procent van de universitair docenten en 30,4 procent van de universitair hoofddocenten in Nederland. Bovenaan het academiegebouw pronkt hier dus een bovengemiddeld glazen plafond.
Carrièrebarrières vrouwen
Twee recente studies bevestigen dit beeld. In 2021 onderzocht het Rathenau Instituut de motivaties van Nederlandse wetenschappers. Bij vrouwen botsten de carrièreambities bovengemiddeld vaak met persoonlijke omstandigheden zoals familieverplichtingen en zorgtaken: 43 procent van de vrouwen tegenover 33 procent van de mannen. Van alle mannen ervoer 1 op de 19 het geslacht als carrièrebarrière, tegenover 1 op de 6 vrouwen.
De nieuwsbrief is exclusief toegankelijk voor medewerkers van onze partners.
In 2022 inventariseerde het ministerie van OCW de uitstroom onder wetenschappelijk personeel. Hoofdredenen hiervoor waren een negatief werkethos, een gebrek aan carrièreperspectief en een overmaat aan tijdelijke contracten. De laatste twee factoren raken wederom aan de balans tussen werk en privé, waarmee vrouwen dus meer te maken krijgen. Verbeterde mogelijkheden voor zwanger- of ouderschapsverlof en kinderopvang zouden vrouwen hierbij verder kunnen helpen.
Internationale ontwikkelingen
Daarbovenop heeft de coronacrisis vrouwelijke academici significant harder getroffen. Toegenomen taken in mantel- en kinderzorg kwamen vaker bij vrouwen te liggen, waardoor zij meer werkdruk en een slechtere werk-privébalans ervoeren. Veel stress ondervonden beginnende wetenschappers en zij met een tijdelijk contract, in welke categorieën vrouwen ook oververtegenwoordigd zijn. Al deze factoren leidden uiteindelijk tot een grotere kloof voor vrouwen in het aantal publicaties en citaties, zo stelt onderzoek van de KNAW uit 2022.
Op internationaal beleidsniveau zijn er wel ontwikkelingen waarbij vrouwen gebaat zouden zijn. Zo is Responsible Research and Innovation (RRI) een aandachtspunt binnen Europese programma’s als Horizon2020, waar inclusiviteit een van de kernthema’s is. Binnen Nederland wordt deze beweging weerspiegeld in het Nationaal Programma Open Science (2022), dat de nadruk legt op onderwerpen zoals participatie, inclusiviteit en openheid. Kansengelijkheid voor vrouwen kan hierbij meegeteld worden.
Een andere ontwikkeling is de hervorming van onderzoeksbeoordeling, zoals in gang gezet door de San Francisco Declaration On Research Assessment (DORA, 2013). Vanaf 2018-2019 heeft NWO dit initiatief in Nederland geïnstitutionaliseerd. Een kernpunt hierbij is dat de impactfactor, die stelt dat artikelen in toptijdschriften waardevoller zijn, minder belangrijk moet worden gevonden. Deze impactfactor benadeelt vrouwen bovengemiddeld. Alternatieven zoals het narratieve cv zijn dan ook omarmd door instellingen als de Funding Organisations for Gender Equality.
Erkennen en Waarderen
De Nederlandse wetenschapscultuur is inzet geworden van het Erkennen en Waarderenprogramma. Aandachtsgebieden hierin zijn de diversificatie van carrièrepaden, herijking van prestaties in andere wetenschapsgebieden dan onderzoek, waarde van wetenschapscommunicatie en herbezinning op de wetenschapsfinanciering. Al deze aspecten zouden kunnen bijdragen aan de positie van vrouwen in de wetenschap.
Onderzoek van de KNAW uit 2022 bevestigt het belang van meer aandacht voor het vrouwelijke aspect in de wetenschap. Zo zou wetenschapscommunicatie diverser en inclusiever moeten zijn, met aandacht voor de mogelijkheid van falen in plaats van de succesverhalen onder toponderzoekers. Ook moet Open Science vooringenomenheid ten opzichte van vrouwen verminderen door middel van transparante evaluaties.
In de maand april doet ScienceGuide onderzoek naar de ervaringen met en opvattingen over het Erkennen en Waarderen-programma. Alle wetenschappers van universiteiten en kennisinstellingen worden uitgenodigd de enquête in te vullen. Klik hier voor de enquête (en hier voor de Engelstalige versie).
Ten slotte moet volgens de Twentse onderzoeker training en bewustwording van kansenongelijkheid plaatsvinden op het niveau van beleidsmakers, universiteiten en individuen. In combinatie met de differentiatie van carrièrepaden, het terugdringen van tijdelijke contracten en het herijken van werk-privébalans moet Erkennen en Waarderen zo meer ruimte bieden voor het vrouwelijke geluid binnen de Nederlandse wetenschap. Het gebons aan het glazen plafond van de academie moet dan eindelijk brekend nieuws worden.
Meest Gelezen
Internationale studenten Maastricht faliekant tegen verplichte cursus Nederlands
Alleen bèta’s tegen Erkennen en Waarderen
VVD en CDA willen weer terug naar prestatiebekostiging in het hoger onderwijs
Valoriseren door een snelweg te blokkeren
Expliciete directe instructie is minder effectief dan het lijkt
